Op de hoogte blijven van onze nieuwste artikelen?

Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief en ontvang elke week onze beste artikelen in je mailbox.


In een paar maanden heeft Tamrom zijn gamma lenzen met Sony E-mount uitgebreid met drie groothoeklenzen, de 20, 24 en 35mm F/2.8 Di III OSD M1:2. Leveren deze nieuwe Tamron-primes net zo’n sublieme prestaties als de eerder door Shoot geteste zooms van het merk?

Tamron heeft zijn zinnen gezet om een flink graantje mee te pikken van de populariteit van de systeemcamera’s van Sony. Dat doet het bedrijf met gratie en volharding. Vorig jaar kon ik al genieten van de uitstekende prestaties die de twee ideale reispartners van de fabrikant, de 17-28mm F/2.8 Di III RXD en de 28-75mm F/2.8 Di III RXD, leverden. En om dat gebruiksvriendelijke droomteam te completeren introduceerde de objectievenmaker begin april de telezoom 70-180mm F/2.8 Di III VXD. Met die drie zoomlenzen heb je als Sony-fotograaf dus een volledige dekking van portret tot tele in je fototas.

Voor de fotografen die liever met primelenzen werken, kondigde Tamron eind vorig jaar tegelijkertijd drie primelenzen met Sony E-lensvatting aan. De 24mm en 35mm F/2.8 Di III OSD M1:2 verschenen direct op de markt en zijn de eerste primes voor Sony van het merk. De 20mm-versie met dezelfde typeaanduiding volgde in het eerste deel van dit jaar. Voor Shoot een mooie aangelegenheid om de drie eens nader onder de loep te nemen.

Herkenbare bouw

Ons contactpersoon bij de Belgische importeur De Beukelaer heeft de drie prime-objectieven opgestuurd in een degelijke koffer met piepschuimbescherming. Zodra ik die open, valt direct op hoe identiek de drie aan de buitenkant zijn. Op de aanduiding van de brandpuntsafstand na ogen de behuizingen van de primes exact gelijk: 6,4 centimeter hoog en met een diameter op het breedste punt van 7,3 centimeter. Dat maakt dat ook de filtermaat van het trio overeenkomt: je kan er filters van 67 millimeter op schroeven. Ideaal, want zo hoef je dus niet drie polarisatiefilters met verschillende maten aan te schaffen. Sterker, als de eerder genoemde 17-28mm,  28-75mm en/of 70-180mm in je fototas steken, kun je de filter zelfs met die objectieven delen. Ook deze zooms zijn namelijk voorzien van schroefdraad voor 67mm-filters. Dit praktisch comfort voor de gebruiker is een uitkomst van Tamrons ontwerpfilosofie, waarvan gebruiksvriendelijkheid een van de speerpunten is.

Ook op een ander vlak doen de drie nieuwelingen me denken aan de twee zooms van Tamron die ik eerder op een Sony a7 III schroefde: deze primes hebben een vergelijkbaar minimalistisch ontwerp. De drie zijn zelfs nog kaler vormgeven, omdat een zoomring logischerwijs ontbreekt. Op de behuizingen is enkel plaats voor een rubberen scherpstelring en de typeaanduiding. Schakelaars die het fotograferen in de praktijk wat makkelijker kunnen maken, zoals een AF/MF-schakelaar of focus lock, tref je op deze objectieven niet aan.

Tamron-primes in balans met Sony a7 III

Ook wanneer ik de primes uit de koffer haal, zijn de verschillen tussen de drie nauwelijks merkbaar. Met een gewicht van 220, 215 en 210 gram voor respectievelijk de 20mm-, 24mm- en 35mm-lens, liggen de drie objectieven licht in de hand. En, zeker niet onbelangrijk, in combinatie met de ook al niet zware Sony a7 III zijn ze heerlijk comfortabel in balans.

Wat me verder opvalt: de behuizingen van de primes zijn gemaakt van kunststof, maar dat wil niet zeggen dat ze goedkoop aanvoelen. Al is het glaswerk niet verpakt in een metalen constructie, het drietal maakt zonder meer een degelijk gebouwde indruk. Bovendien zijn de objectieven op vier plekken afgedicht om indringen van stof en water te voorkomen. Geen probleem dus om ermee te gaan fotograferen in minder ideale en vochtige omstandigheden. Omdat Tamron het voorste lenselement een fluorinecoating heeft gegeven, blijft er in die situaties minder vuil en stof op plakken. De coating maakt het bovendien makkelijker de frontlens schoon te maken en er vingerafdrukken van te verwijderen.

Tamron-primes
De constructie van de primes is op vier plaatsen voorzien van een water- en stofdichte pakking.

Er zijn toch verschillen

Tot zover de overeenkomsten. Hoewel, ook binnen in de behuizing zijn de verschillen niet zo groot. Alle drie objectieven gebruiken namelijk grotendeels dezelfde belangrijke mechanische onderdelen. Dat levert voor Tamron schaalvoordelen op bij de productie, waardoor het de kostprijs (en daarmee ook de verkoopprijs) van de primes laag kan houden.

Ook in optisch ontwerp zijn de verschillen minimaal. Zowel de 20mm- als de 24mm-lens tellen 10 lenselementen, hoewel die natuurlijk net wat anders zijn opgesteld en verschillende karakteristieken hebben om tot andere brandpunten te komen. In beide objectieven zijn vier ‘speciale’ lenselementen opgenomen: drie Low Dispersion elementen en één GM (glas gegoten asferisch) lenselement. De buitenstaander is in dit geval het 35mm-objectief. Dat telt één lenselement minder, en heeft één in plaats van drie LD-elementen.

De normale, LD- en GM-lenselementen zijn zo ten opzichte van elkaar gepositioneerd dat de lenzen een zo hoog mogelijke scherpte bieden van rand tot rand. Dat zien we ook terug als we naar de testfoto’s kijken. De centrale delen zijn het scherpst, zoals het geval is met elk objectief. Maar ook naar de hoeken toe neemt de scherpte slechts in beperkte mate af, ze blijft zonder meer op een hoog niveau. De gemiddelde scherpte (van rand tot rand) lijkt bij een diafragma van f/5.6 op zijn best, maar ook bij de grootste opening ligt die al ver boven het gemiddelde.

Groothoekobjectieven staan bekend om hun vervormingen. In de Tamron-primes dienen de speciale lenselementen om dit soort aberraties tegen te gaan. Zeker in combinatie met de lenscorrectiefuncties van Sony-camera’s zorgt dat voor beelden die nagenoeg vrij van vervormingen zijn. Bovendien heb je dankzij de BBAR-coating op de elementen nauwelijks last van ghosting en flare.

Tamron-primes
De 35mm wordt geleverd met een opvallende lenskap om hem te beschermen tegen direct invallende zonnestralen. Een ‘normale’ grote zonnekap zou het geheel volgens Tamron te groot maken.

Opvallende prestaties

Elke prime toont zijn nut bij verschillende soorten fotografie. Het 20mm-model is geschikt om de wereld van de ultragroothoekfotografie te verkennen, de 24mm-lens is een groothoek voor algemeen gebruik en de 35mm een veelzijdige lens voor dagelijks gebruik. In alle gevallen hebben ze de opvallende eigenschap op korte afstand te kunnen scherpstellen. De kortste scherpstelafstanden bedragen slechts 11, 12 en 15 centimeter voor respectievelijk de 20mm, 24mm en 35mm. Omdat de groep lenselementen dat verantwoordelijk is voor de scherpstelling enkel intern beweegt, verandert daarbij de lengte van de lens niet. Bij dit soort minimale scherpstelafstanden is dat een must om te voorkomen dat het voorste element per ongeluk tegen het onderwerp stoot.

Ook de vergrotingsmaatstaf van 1:2 is een usp van de drie Tamrons. Dat wil zeggen dat je mooie close-upfoto’s kan maken waarbij een onderwerp op de beeldsensor de helft van zijn ware grootte inneemt. Op een fullframe sensor (van 36 mm breed) kan je hiermee bijvoorbeeld een object van zo’n 6 centimeter bijna beeldvullend in beeld brengen en toch nog wat achtergrond laten zien.

De primes hebben een andere scherpstelmotor dan de zooms die ik eerder testte. Vooral buiten bij voldoende licht zorgt deze motor voor een snelle en trefzekere scherpstelling. Wel lijkt hij in donkere omstandigheden een fractie minder snel te focussen, en moet hij soms wat zoeken om tot een goede scherpstelling te komen. Maar altijd doet de scherpstelmotor zijn werk zonder geluid te produceren. Natuurlijk werken de lenzen ook samen met vermaarde dynamische scherpstelfuncties van de camera’s van Sony, zoals Fast Hybrid AF en Oog AF en Direct handmatige scherpstelling (DMF).

Conclusie over nieuwe Tamron-primes

Vanwege hun uitstekende prijs-prestatieverhoudingen zijn Tamrons eerste drie prime-objectieven met Sony-lensvatting echte aanraders. De lensfabrikant heeft slim weten te besparen vanwege het vergelijkbare ontwerp, waardoor het de lenzen aan de man kan brengen voor de competitieve consumentenprijs van 435 euro elk. Voor dat bedrag haalt de Sony-fotograaf een zeer goed presterend, lichtgewicht en solide gebouwd prime-objectief in huis. De korte minimale scherpstelafstand en de 1:2-vergrotingsfactor zijn daarbij dankbare extra’s.



Wil je beter leren fotograferen?

Neem dan een abonnement op Shoot Magazine (8x per jaar).

Shoot is hét fotografiemagazine voor en door enthousiaste fotografen. In Shoot vind je de beste tips en trucs, workshops en cursussen voor geslaagde foto’s, de knapste fotoplekjes in België, de helderste uitleg over fotografietechnieken, tests van nieuwe camera’s, lenzen en meer, plus foto’s van de beste Belgische fotografen.


LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in