Nachtfotografie in de stad: fotograferen bij weinig licht
Beeld: Kattoo Hillewaere
Als de zon ondergaat, begint voor veel fotografen een nieuwe wereld. Ontdek hoe je met nachtfotografie indrukwekkende foto’s maakt.
Veel mensen stoppen met fotograferen als de zon ondergaat. Maar zolang er licht is kan je blijven fotograferen. Als het daglicht verdwijnt krijgen we ander licht. Dan komen de maan, de sterren, de straatverlichting, neonreclames, stoplichten, etalages, noem maar op. Dat is veel gevarieerder dan het zonlicht overdag. De grote schakering aan verschillende soorten licht maakt het heel boeiend om mee te spelen. In dit artikel neem ik je mee in de wondere wereld van de nachtfotografie.
Manieren waarop je een goede nachtfoto kan maken
Uit de hand
’s Nachts heb je sowieso altijd een langere sluitertijd nodig dan overdag. Ook als je onderwerp beweegt ga je altijd naar de laagst mogelijke tijd gaan die je nodig hebt om die specifieke beweging te bevriezen. Dat is het grootste verschil tussen fotograferen overdag en ’s nachts. Overdag stel ik mijn camera voor straatfotografie standaard in op 1/250sec of korter. ’s Nachts vertrek ik van een sluitertijd van 1/60sec. Is er geen beweging in beeld, dan verlaag ik ze naar 1/30sec of zelfs naar 1/20sec. Dat is de langste tijd waarmee ik met mijn lichte breedhoek van 23mm (equivalent aan 35mm op een fullframe) uit de hand kan fotograferen. Met een langere lens heb je een langere tijd nodig om uit de hand nog scherp te kunnen fotograferen. Met een 50mm kan je gaan tot 1/50sec, met een 100mm heb je al 1/100sec nodig. Dat is een ezelsbruggetje dat je helpt om te weten wat de langste tijd is waarmee je met welke lenzen uit de hand kan fotograferen zonder bewegingsonscherpte van de camera.
Deze foto is gemaakt tijdens de lockdown toen alles gesloten was. Dan greep ik mijn kans om eens in de rosse buurt rond te dolen met mijn camera. In normale omstandigheden ga je me daar niet tegenkomen. Ik wil het plezier van fotograferen niet vergallen door negatieve reacties en dus ga ik die ook niet gaan opzoeken. Beeld: Kattoo Hillewaere
Uiteraard is dat niet exact bij iedereen hetzelfde. De ene heeft een veel vastere hand dan de andere en met een goede stabiele houding maak je ook een groot verschil. Als het kan, ga met je rug ergens tegenaan leunen zodat je minder trillingen van je lichaam overbrengt op je camera. Duw je armen tegen je lichaam aan en houd 1 hand onder je camera. Natuurlijk zijn er nog ook lenzen met beeldstabilisatie die zorgen dat je een paar stops langer uit de hand kan fotograferen dan zonder. Test voor jezelf je materiaal uit voordat je ermee op stap gaat zodat je er goed mee vertrouwd bent.
Als je uit de hand fotografeert zal het onmogelijk zijn om op een lage ISO te fotograferen. Wil je dat wel, dan heb je een statief nodig. Hoe hoger de ISO, hoe meer ruis je in je beeld krijgt. Bij oudere toestellen kan dat heel storend zijn; maar de nieuwste generatie sensoren zijn zo goed van kwaliteit dat ze tot heel hoog kunnen gaan zonder dat je beeld eruit ziet alsof er een laag zand op ligt. En de ruis geeft een bepaalde sfeer aan je foto die bij nachtfotografie juist heel goed past. Het haalt wel de scherpte naar beneden en die wil je bij een bepaald soort beelden toch hebben. Zoek uit wat de limiet is voor jouw toestel. Na opname kan je ruis nog voor een deel onderdrukken in postproductie. Dat geeft een extra buffer. Probeer eerst alles thuis uit voor je ermee de reis van je leven gaat maken. Zie het als trainen voor de lange fietstocht die je wilt maken. Je springt toch ook niet zonder voorbereiding op die fiets.
Deze foto is gemaakt met de hoogst mogelijke ISO dat mijn toestel aankan. Toch doet de groezelige sfeer van het ruis geen afbreuk aan het beeld want het past goed bij het onderwerp. Beeld: Kattoo Hillewaere
Op statief
Werk met een statief en de laagste ISO voor loepzuivere beelden. Dit moet je uiteraard compenseren met een langere sluitertijd. Hiermee bevries je geen beweging, integendeel. Wat beweegt wordt een veeg in je beeld of verdwijnt helemaal als je sluitertijd lang genoeg open blijft.
Gebruik een remote release of de zelfontspanner om beweging te vermijden bij het afdrukken. Met een spiegelreflexcamera kies je best om de spiegel op voorhand naar boven te klappen, want ook die klap kan onscherpe beelden geven.
Voor loepzuivere beelden heb je een lage ISO nodig. Dat combineer je met een klein diafragma om alles van voor tot achter scherp in beeld te hebben. Voor dat soort beelden kan je niet zonder statief, want een lage ISO en een klein diafragma moeten gecompenseerd worden met een lange sluitertijd die je onmogelijk uit de hand kan maken. Beeld: Kattoo Hillewaere
Welk diafragma kies je best?
Met welk diafragma werk je bij nachtfotografie? Ook hier is een groot verschil tussen werken zonder en met statief. Wil je veel scherptediepte in je foto, dan gebruik je een klein diafragma. Dat laat echter zo weinig licht binnen dat dat alleen maar lukt op statief. Als je uit de hand fotografeert moet je rekening houden met een relatief korte sluitertijd. Dat in combinatie met een kleine opening is niet mogelijk als het donker is.
Zonder statief is een groot diafragma zeer welkom. Een zoomlens met een variabel grootste diafragma is niet erg geschikt. Bij de goedkoopste varianten heb je bijna nooit licht genoeg om uit de hand in het donker te kunnen fotograferen. Er zijn professionele zoomlenzen die lichtgevoelig zijn met een vast grootste diafragma maar die zijn vrij prijzig. Een vaste lichtgevoelige lens is een betere optie. Een lichte breedhoek is een goede optie omdat een brede lens zelfs bij een groot diafragma nog een vrij grote scherptediepte heeft. Een 50mm is ook een goede optie. Hiermee kan je iets meer afstand houden van je onderwerp dan met een 35mm. Omdat ’s nachts mensen meer op hun hoede zijn is dat gemakkelijker dan met een breedhoek.
Een bijkomend voordeel van werken met een grote opening is dat je een mooie bokeh krijgt. De lichten in de achtergrond worden mooie sfeerlichtjes. Hoe dichter je met je camera bij je onderwerp komt, hoe meer je dat effect krijgt. Zeker als je een lens hebt die niet zo’n groot diafragma heeft moet je hier op letten. Met een lichtgevoelige lens met grote opening krijg je dat veel makkelijker.
Omgekeerd kan je net ver van je onderwerp gaan om meer scherptediepte te krijgen. Zorg er dan voor dat er niets dicht bij je lens in beeld komt.
Wat ook een rol speelt is de soort camera die je gebruikt. Bij een camera met een kleine sensor heb je al meer scherptediepte dan bij een camera met een grote sensor. Met een klein compact toestel maak je foto’s met een groot diafragma die veel meer scherptediepte hebben dan met dezelfde instellingen bij een full-frame.
De keuzes die je maakt voor je ISO, diafragma en sluitertijd zijn dus heel erg afhankelijk van het effect dat je wil hebben. Fotografeer je mensen op straat, dan is het belangrijkste dat ze er scherp op staan. Je sluitertijd is de bepalende factor en de twee andere parameters pas je hieraan aan. Fotografeer je gebouwen of landschappen, dan moet je met beweging geen rekening houden en kan je op statief je sluitertijd zo lang maken als je wilt. Dan wil je eerder veel scherptediepte en weinig ruis.
Wat is de makkelijkste manier om scherp te stellen?
Scherpstellen in donkere omstandigheden kan een hele uitdaging zijn. Als het heel donker is en je hebt weinig contrast werkt de autofocus niet meer. Dan moet je overschakelen naar manuele scherpstelling. In manuele stand is het heel handig om focus peaking te gebruiken als je toestel hiermee uitgerust is. Je krijgt arceringen die aangeven waar de scherpte ligt. Dat is geen overbodige luxe als het donker is.
Heb je geen focus peaking op je toestel, dan kan je je behelpen met een zaklamp of een ledlampje. Schijn hiermee op je onderwerp of op een plek ter hoogte van je onderwerp en zet nu je toestel hierop scherp. Schakel dan over naar manueel zodat de scherpte vast blijft staan op dat punt. Nu kan je je licht uitdoen en de foto maken.
Wat is de beste tijd voor nachtfotografie?
Schemertijd
Wacht niet tot het helemaal donker is, maar begin al bij de schemering. Dat is een interessant moment. De lucht is nog niet helemaal donker. Afhankelijk van het weer krijg je er soms nog oranje, rode en purperen tinten bij. Je hebt nog het zachte licht maar toch ook al de diepe schaduwen van de nacht. Op dat moment gaan de lichten van de stad aan. Dat alles samen maakt de schemering een heel bijzonder moment om te fotograferen. Zorg dat je ruim op tijd op de plaats bent die je het liefst wilt fotograferen in dat mooie licht want het duurt niet lang.
Blauwe uur
Na zonsondergang krijg je nog een korte tijd dat de lucht fel blauw kleurt. Dat licht ziet de camera intenser dan wijzelf. Het blauwe uur is niet voor niets een geliefd moment bij veel fotografen. De intens blauwe lucht geeft een heel mooi contrast met het warme kunstlicht. Blauw en geel zijn complementaire kleuren. Ze ondersteunen elkaar heel goed. De warme kleur wordt als het ware door zijn koude opponent naar voren geduwd zodat deze combinatie zorgt voor een heel mooi contrast, waarbij je onderwerp een geweldig groot visueel gewicht krijgt. Daardoor komt het heel mooi tot zijn recht.
Helemaal donker
Ook als de hemel helemaal zwart kleurt kan je nog steeds fotograferen. In een stad heb je altijd lichtbronnen. Je moet meer dan overdag op zoek gaan naar goed licht. Overdag is alles verlicht. Als het donker is, is dat beperkt tot enkele plaatsen. Het is een kwestie van die lichtbronnen goed te gebruiken. Zie het als een donkere studio met enkele lampen die je onderwerp verlichten en de rest donker laten. Alleen kies je in een stadslandschap niet zelf waar je die lampen plaatst maar zoek je bestaand licht dat ervoor geschikt is. Hoe meer je aan nachtfotografie doet, hoe beter je op die mogelijkheden leert letten.
Ook als de nacht zwart is kan je in de stad blijvenfotograferen.Zoek mooi licht op. Je leert het beterherkennendoor gewoon veel te doen.
RAW vs JPG
Bij nachtfotografie zoek je de grenzen van je camera op. Je hebt weinig licht en je wilt het maximale uit je camera halen. Nog meer dan overdag is RAW de manier om dat te doen. Je haalt het meeste uit je camera als je in RAW fotografeert. Maar vooral bij postproductie kan je veel meer uit je beeld halen dan bij JPG. Overbelichte en onderbelichte delen zijn veel minder erg dan bij JPG. RAW beelden kan je vrij intensief bewerken en nog een goede kwaliteit behouden.
In een onderbelicht RAW beeld zit nog veel informatiedie je in postproductie kan naar boven halen zonder al teveel kwaliteitsverlies. Donkere partijen oplichten brengtwel wat ruis met zich mee maar bij een nachtbeeld werktdat niet storend. Liever iets teveel ruis dan geen beeld.
Tips voor nachtfotografie
Laat mensen verdwijnen
Soms wil je een gebouw fotograferen zonder mensen maar lopen er voortdurend mensen in beeld. Met een lange sluitertijd kan je dat doen. Mensen lopen door je beeld maar worden niet geregistreerd. Als iemand op dezelfde plaats blijft staan zal dat niet lukken natuurlijk.
Hier liepen voortdurend mensen in beeld maar door de lange sluitertijd zijn ze niet geregistreerd. Alleen de mensen die stil bleven staan of op een bankje zaten zijn in beeld gebracht zodat het beeld veel rustiger is dan het in werkelijkheid was. Beeld: Kattoo Hillewaere
Strepen van licht
Wat geen licht geeft en door je beeld beweegt wordt niet geregistreerd. Dat is anders met onderwerpen die verlicht zijn. Alles wat licht geeft laat strepen na op je sensor als die lang blijft openstaan. Daarmee spelen kan hele mooie resultaten opleveren. Hoe langer je sluitertijd, hoe vager en minder herkenbaar het onderwerp in beeld wordt. Experimenteer voor het juiste effect. Zelf vind ik alles wat nog herkenbaar is interessant.
Alles wat licht geeft en beweegt laat bij een lange sluitertijd strepen na. Hoe langer de sluitertijd, hoe vager het beeld wordt. Beeld: Kattoo Hillewaere
Zoomen bij lange sluitertijd
Als je met een lange sluitertijd in- of uitzoomt tijdens de opname laat alles wat licht geeft strepen na die vanuit het midden vertrekken. Dat kan hele verrassende resultaten opleveren. Ook hier is het een kwestie van veel uit te proberen om te zien welke tijd en met welke snelheid je in- of uitzoomt het gewenste resultaat geeft.
Water en wolken
Bij een lange sluitertijd wordt alles wat beweegt vaag. Dat geldt ook voor voorbijkomende wolken en water. Wolken worden vegen in de lucht en water wordt glad en vlak. Diezelfde techniek kan je ook overdag gebruiken, maar dan heb je filters nodig om het licht af te blokken. De sluitertijd die je nodig hebt om dat effect te bekomen is zo lang dat je te veel licht hebt voor een goed belichte foto, ook als je met de laagste ISO en het kleinste diafragma werkt. Daarom is het interessant om dat ’s nachts te doen.
Door de lange sluitertijd wordt het wat spiegelglad. Beeld: Kattoo Hillewaere
Sterretjes
Een klein diafragma gebruik je als je zoveel mogelijk scherptediepte wilt hebben. Een bijkomend effect van een klein diafragma is dat je lichten sterretjes worden.
Onderbelichten voor silhouetten
Onderbelichte beelden zijn heel interessant bij nachtfotografie. Door alle details weg te halen maak je mooie silhouetten. Je krijgt een extreem hoog contrast tussen licht en donker en alles wat er tussenin zit verdwijnt in het zwart. Bij een automatische lichtmeting gaat je fototoestel een goed gemiddelde zoeken waardoor zowel de lichte als de donkere partijen aanvaardbaar belicht zijn. In dit geval krijg je een gebouw waar nog details zichtbaar zijn en een lucht die veel te licht is. Om het effect van een mooie silhouet en een intens gekleurde lucht te krijgen moet je een aantal stops gaan onderbelichten. Dat kan je door helemaal manueel te werken of door belichtingscompensatie te gebruiken. Zelf vind ik dat laatste vlotter werken. Mijn toestel staat op een semi-automatische stand met ofwel diafragmavoorkeur ofwel sluitertijdvoorkeur. Dat stuur ik dan bij met de +/- knop. Op die manier moet ik niet telkens al mijn instellingen opnieuw bekijken en kan ik zeer snel bijsturen. De basismeting doet mijn toestel en ik regel bij tot het gewenste effect.
Zoek naar abstractie
Als je gaat letten op vormen en kleuren kan je zowel overdag maar zeker ook ’s nachts hele mooie beelden maken. Je hebt niet alleen kleur van je onderwerp, maar ook van je lichtbron en dan nog eens donkere en lichte partijen om mee te spelen.
Zoek schaduwen
Als je rondloopt en je hebt niet meteen inspiratie, dan helpt het om gewoon te beginnen met fotograferen. Het brengt je in de juiste mood en eens je bezig bent ga je gaandeweg meer en meer zien. Als startpunt is het een goed idee om naar schaduwen te zoeken. Daar zijn er ’s nachts zeker genoeg van.
Binnen gluren
Een straatfotograaf is een voyeur. Die gluurt rond op zoek naar een goed beeld. Alles wat een inkijk geeft in het leven achter ramen is interessant. Omdat het binnen licht is en buiten donker geeft dat de voyeur een optimale kans om zijn slag te slaan. Reflecties in het raam geven het nog een extra laag. Dit zijn uitgelezen kansen om mooie beelden te maken.
Fotograferen tijdens of na de regen
Als de straten nat zijn krijg je reflecties van lichtbronnen waardoor je veel meer kleur en licht in beeld hebt dan als het droog is. Regen geeft bovendien een filmische sfeer die nachtfotografie heel erg ten goede komt. Dus als het regent is dat zeker geen excuus om niet te fotograferen, integendeel! Zorg er wel voor dat je weet of je materiaal ertegen kan of niet. De meeste toestellen en lenzen kunnen wel tegen een spatje. Andere zijn echt waterdicht en voorzien op regenweer.
Tracht je deze foto voor te stellen zonder de natte straat. Je had maar de helft minder kleur gehad in dit beeld. De hele straat zou een groot grijs vlak geweest zijn. De weerkaatsingen van de gekleurde lichten en reflecties in de plassen maken dit veel levendiger. Let maar eens op nachtelijke scènes in films. Je zal zien dat de straten in een stad bijna altijd nat zijn. Beeld: Kattoo Hillewaere
Conclusie
Als jij één van die mensen bent die de camera opbergt van zodra de zon ondergaat zou ik je zeker aanraden om nachtfotografie op z’n minst een kans te geven. Je weet maar hoe anders en hoe verrijkend het is als je het eens gedaan hebt. Misschien is het niet je ding en dat kan goed zijn. Maar geef het op z’n minst een kans en wie weet gaat er een hele nieuwe wereld voor je open.
Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang elke woensdag en vrijdag het beste uit de fotografiewereld in je mailbox.
Kattoo is professioneel fotograaf en houdt ervan haar passie uit te leggen op een manier die helder en eenvoudig is, zelfs als het onderwerp complex is. Haar slogan is: "Eenvoud komt na de complexiteit".