Ook in Europa valt er tijdens de winter wildlife te fotograferen. Met deze tips maak je de mooiste beelden.
Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang elke woensdag en vrijdag het beste uit de fotografiewereld in je mailbox.

Ook in Europa valt er tijdens de winter wildlife te fotograferen. Met deze tips maak je de mooiste beelden.
In Duitsland ligt het populairste wildpark van Europa: Naturparkzentrum Lusen. In dit uitgestrekte park kun je meer dan veertig diersoorten – waaronder de lynx, wilde kat en otter – uitstekend fotograferen. Vooral in de winter is een bezoek de moeite waard. Door de hogere ligging is een dik pak sneeuw bijna gegarandeerd, wat een prachtige setting biedt om allerlei dieren in hun natuurlijke omgeving vast te leggen.
Natuurfotografen bezoeken al jarenlang zogenaamde wildparken, waar vooral Europese diersoorten leven in ruime, natuurlijke verblijven. Vooral in Duitstalige landen zijn veel van dit soort parken te vinden. Het bekendste en meest bezochte wildpark ligt in het Nationaal Park Bayerischer Wald. Dit nationale park beslaat 24.250 hectare, ligt in het oosten van Beieren en bevindt zich grotendeels op een hoogte van rond de 1000 meter. Het gebied bestaat uit gemengde bossen van dennen, beuken en sparren, die samen bijna een oerwoudachtige sfeer creëren.
Het wildpark Naturparkzentrum Lusen (Tier-Freigelände), bij Neuschönau, is voor wildparkbegrippen zeer groot: 250 hectare met zeven kilometer aan wandelpaden. Je hoeft die niet volledig te lopen; er zijn diverse verkortingen mogelijk. Door de hoge ligging ligt er in de winter meestal een dikke laag sneeuw, ideaal voor winterse dierenfotografie. De wandelpaden worden sneeuwvrij gehouden en zijn ook geschikt voor rolstoelen en kinderwagens.
Daarnaast is er een tweede wildpark in het Beierse Woud: Nationalparkzentrum Falkenstein bij Ludwigsthal. Dit park is met 65 hectare kleiner, maar staat bekend om de uitstekende fotomogelijkheden bij de lynxen. In beide wildparken leven in totaal 36 inheemse diersoorten in grote bospercelen, waaronder de bruine beer, wolf, lynx, wilde kat, otter, wisent en wild zwijn. Ook vogels zoals de oehoe en het korhoen zijn hier te fotograferen, vaak zelfs van dichtbij in de volières. Omdat de dieren in ruime, natuurlijke verblijven leven, kun je foto’s maken met een opvallend natuurlijke uitstraling.


Door het heuvelachtige terrein van het wildpark en de vaak flinke afstanden tussen de verblijven kan het lopen met een rugzak vol apparatuur behoorlijk zwaar zijn. Veel fotografen gebruiken daarom een transporttrolley waarop ze hun rugzak leggen. Tijdens mijn bezoek gebruikte ik de Stealth Gear-trolley, die bovendien handig dienstdeed als stoeltje tijdens het wachten bij de dieren. Met een thermoskan hete koffie of soep kom je dat soort wachttijden prima door, en meestal zijn er wel andere fotografen aanwezig om ervaringen uit te wisselen.
Voor de meeste situaties is een spiegelreflexcamera of systeemcamera met een lens van 300 tot 500 mm voldoende. Zelf werk ik graag met zoomobjectieven: je kunt snel terugzoomen wanneer een dier dichterbij komt en net zo gemakkelijk inzoomen als het verder weg staat. Ik gebruikte een 60–600 mm om een groot bereik te hebben. Bij de wilde zwijnen is een groothoeklens juist bijzonder geschikt. In het wildpark bij Neuschönau loop je namelijk echt tussen de zwijnen door; ze zijn niet schuw en komen soms tot enkele centimeters voor je lens. Dat biedt mooie mogelijkheden voor groothoekopnamen, waarbij een zwijn op amper een meter afstand staat en de omgeving duidelijk zichtbaar blijft. Door het groothoekeffect ontstaat er extra diepte in het beeld en oogt het dier indrukwekkend groot.


Net als bij natuurfotografie in het vrije veld is kennis van het gebied ook in een wildpark van groot belang. Zo kun je rekening houden met storende achtergronden, lichtval en plekken waar dieren zich vaker laten zien. Dieren zijn bovendien niet de hele dag actief, maar onverwachte momenten van actie of interactie kunnen plots ontstaan – precies die situaties leveren vaak de mooiste beelden op. Bij een wolvenroedel kan een korte schermutseling bijvoorbeeld direct reacties oproepen bij andere wolven, waardoor je allerlei vormen van gedrag kunt vastleggen, zoals dominantie, onderdanigheid of agressie.
Bij het wolvenroedel en de lynxen kun je vanaf een verhoogd observatiepunt fotograferen, meestal zonder glas of gaas voor je lens. Dat geldt echter niet overal. Staat er wel gaas tussen jou en het dier, houd dan de lens tegen het gaas aan om het effect ervan te minimaliseren. Gaas dat toch nog in beeld komt, vervaagt bij een grote lensopening vanzelf onscherp. Let wel op dat er geen zonlicht op het gaas valt, want dat kan storende reflecties veroorzaken. Een inklapbare rubberen zonnekap is hierbij handig: je kunt deze stevig tegen het gaas aanduwen, ook onder een schuine hoek.
Observatieplatforms kunnen behoorlijk druk worden. Wie op tijd komt, kan meestal een goede plek uitkiezen. Bij de bruine beren kun je over een lange balustrade fotograferen, waarbij het terrein licht oploopt. Hierdoor kun je de beren op ooghoogte fotograferen, wat vaak een natuurlijker beeld oplevert dan van bovenaf fotograferen. Naast dieren in een besneeuwd bos kun je hier ook aansprekende portretten maken. Ik kies dan één autofocuspunt en plaats dit op het oog van de beer of wolf. In het algemeen geldt dat het scherptepunt op het oog moet liggen.


Bij dieren die klein in een wit sneeuwlandschap worden afgebeeld, moet je doorgaans overbelichten om de sneeuw helder wit te houden. Een camera is ingesteld op een gemiddelde van 18 procent grijs en zal zonder correctie te donker meten, waardoor sneeuw grijs wordt. Met een belichtingscompensatie van ongeveer +1 tot +1,5 stop kom je meestal goed uit. Controleer altijd het histogram en gebruik eventueel de functie voor overbelichte hooglichten, zodat je waarschuwingen ziet wanneer witten uitbijten. Vult het dier echter een groot deel van het beeld, dan is een correctie doorgaans niet nodig.



Vergeet in het wildpark niet om ook landschapsbeelden te maken. Met een standaardzoom of groothoekobjectief zijn de besneeuwde bossen prachtig vast te leggen. Je aandacht gaat al snel uit naar de dieren, maar een bos met een meter sneeuw is ook een bijzonder decor dat je niet vaak in België of Nederland aantreft.
Dieren fotograferen in een besneeuwd wildpark biedt prachtige kansen, maar vraagt ook de nodige voorbereiding. Net zoals in tropische omstandigheden kan er bij grote temperatuurverschillen condens ontstaan op of in je apparatuur. Wanneer je vanuit de kou weer een warme accommodatie binnenstapt, laat je camera en objectieven dan eerst in de fototas zitten. Zo kunnen ze langzaam op temperatuur komen en voorkom je condensvorming.
Accu’s verliezen bij lage temperaturen sneller capaciteit. Neem daarom voldoende volledig opgeladen accu’s mee wanneer je een hele dag in het wildpark fotografeert. Bewaar je reserves bij voorkeur dicht tegen je lichaam om ze warm te houden. Bij extreme kou kan een externe accu uitkomst bieden: die draag je onder je kleding, terwijl een kabel de camera van stroom voorziet.
Goede fotohandschoenen zijn onmisbaar tijdens een winters bezoek. Gewone handschoenen maken het bedienen van de camera lastig en telkens uittrekken zorgt voor koude vingers. Fotohandschoenen hebben vaak rubberen grip aan de binnenkant en een flapje dat je kunt omklappen, zodat alleen de vingertoppen van duim en wijsvinger vrijkomen om knoppen en wieltjes te bedienen.


Sneeuw tijdens het fotograferen kan mooie beelden opleveren, maar ook problemen veroorzaken. Bij zoomlenzen kan sneeuw tussen de bewegende delen terechtkomen wanneer je uitzoomt en daarna weer inzoomt. Veeg daarom altijd eerst de sneeuw van het frontglas voordat je terugzoomt. Gebruik bij sneeuwval een zonnekap: zolang het niet hard waait, blijven daardoor minder sneeuwvlokken op het glas plakken. Om te voorkomen dat smeltende sneeuw tot elektronische schade leidt, is een regenhoes sterk aan te raden zodra het begint te sneeuwen. Let er bij aanschaf op dat de camera en (vooral) zoomobjectieven nog goed bedienbaar blijven.
Camerabodies en sensoren kunnen kou goed verdragen. Tot ongeveer –29 graden Celsius vormt de temperatuur geen probleem. In het analoge tijdperk konden films bij dergelijke kou breken, maar met digitale geheugenkaarten speelt dat gelukkig niet meer. Neem wel genoeg kaarten mee: in dit winterse landschap met zoveel soorten dieren zul je al snel veel opnamen maken.
Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang elke woensdag en vrijdag het beste uit de fotografiewereld in je mailbox.
Krijg Shoot Magazine 6 keer per jaar (inclusief 2 extra dikke dubbelnummers) vol inspiratie, tips en fotoplezier rechtstreeks in je brievenbus.
