Gebouwen en monumenten die ’s avonds prachtig verlicht zijn vormen een geliefkoosd doelwit voor fotografen. Maar wat doe je met een gebouw dat niet in de schijnwerpers staat?
Gebouwen en monumenten die ’s avonds prachtig verlicht zijn vormen een geliefkoosd doelwit voor fotografen.
Een beeld van pakweg de Brugse Halletoren doet immers zoveel meer wegdromen wanneer hij ’s avonds in de flatterende spotlights staat dan wanneer hij gebukt gaat onder het keiharde licht van de middagzon. Maar wat doe je met een gebouw dat niet in de schijnwerpers staat?
Niet alle gebouwen worden ’s avonds extra verlicht. Maak je bijvoorbeeld een avondopname van een doorsnee gebouw zoals een woning of een winkel, dan word je al snel geconfronteerd met een serieus tekort aan licht. Architectuurfotografen zetten dan vaak professionele middelen in, zoals mobiele studioverlichting, om een gevel mooi uit te lichten.
De modale fotograaf heeft die mogelijkheden natuurlijk niet. Gelukkig biedt de onvolprezen opzetflitser hier uitkomst. Met zo’n ‘losse’ flitser kunnen we op een betrekkelijk eenvoudige manier toch een goed resultaat krijgen.
We trekken op pad om een willekeurige gevel te fotograferen. Een woonhuis in een stille straat (zonder pottenkijkers) leek ons een gepast studieobject. In onze fototas stopten we natuurlijk de gebruikelijke spullen die we doorgaans met ons meenemen wanneer we aan stadsfotografie doen.
Wat zit er in de fototas?
– Canon 5D
– 17-40mm groothoekzoom
– 24-105mm standaardzoomlens
– Extra accu
– Losse flitser Speedlite 580 Ex II
– Extra batterijen voor de flitser
– Afstandsbediening voor de camera
– Manfrotto 055 CX3 carbonstatief met geared head.
Aan de slag
In deze situatie kiezen we voor onze 17-40mm groothoekzoom zodat we het huis in beeld krijgen zonder dat we op de rijweg moeten gaan staan. Het nadeel hiervan is dat er perspectiefvervorming optreedt. Als je er echter voor zorgt dat de camera waterpas staat én dat je van op ooghoogte fotografeert, dan valt het met die vervorming al bij al nogal mee. Je zou de vervorming in Photoshop kunnen corrigeren, maar daar gaat het ons nu niet om.
Er brandt licht in de woning. Dit zorgt niet alleen voor een warmere uitstraling, het geeft ook de nodige diepgang aan een gevelfoto die anders ‘plat’ zou overkomen. We zetten de camera op diafragmavoorkeuze, ISO 100 (om ruis te vermijden) en kiezen een diafragma van f/8. We laten de camera het licht meten van het totaalbeeld (matrixmeting), en krijgen een aanbevolen sluitersnelheid van vijf seconden.
Met deze instellingen wordt het interieur overbelicht. Alle aandacht gaat naar de inkomhal, waardoor het gebouw zelf naar de achtergrond verdwijnt.

(f/8, 5 s, ISO 100)
Interieur belichten
De eerste stap is het interieur correct belicht te krijgen. We stellen de camera in op spotmeting en stellen de belichting zo in dat de hal goed uitgelicht wordt. Wanneer we de sluitertijd naar 2,5 seconden brengen en het diafragma dichtknijpen tot f/9 krijgen we een goed resultaat. De feërieke kerstboom is nu wel duidelijk te zien is, maar zoals verwacht is de rest van het gebouw veel te donker.

(f/9, 2,5 s, ISO 100)
Gevel bijlichten
Hoog tijd om onze opzetflitser tevoorschijn te halen. We zorgen ervoor dat hij in de manuele stand staat (dus niet op E-TTL) en dat hij op volle kracht (1/1) is ingesteld.
Om enigszins comfortabel te werken voorzien we onze camera van een afstandsbediening, waarbij we de afstandsbediening in onze ene hand en de flitser in de andere hand houden.
We verhogen de sluitertijd naar 6 seconden, zodat we genoeg tijd hebben om de flitser te laten afgaan. We draaien het diafragma verder dicht om overbelichting te vermijden. Je moet hier wat experimenteren om de juiste belichting te vinden.
Wanneer we nu afdrukken, blijft de sluiter zes seconden openstaan. Dat is lang genoeg om onze flitser recht vooruit op het gebouw te richten en te laten afgaan. Je merkt dat de foto er al een heel stuk fraaier uitziet, mede doordat de sneeuw het flitslicht reflecteert.

(f/10, 6 s, ISO 100, geflitst)
Meermaals flitsen
Maar het kan nog beter. Plaats verse batterijen in de flitser, zodat deze snel herlaadt en dus vlug opnieuw klaar is voor gebruik. In de tijdspanne van zes seconden die de camera nodig heeft om het beeld te maken, kan je de flitser nu twéémaal laten afgaan. Wanneer je de foto bekijkt die op deze manier gemaakt is, stel je vast dat die nu redelijk evenwichtig is uitgelicht.
Deze techniek geeft je heel wat speelruimte. Door het gebruik van een losse flitser ben je bijvoorbeeld in staat om bepaalde accenten in een foto te leggen. Staat er een lelijke garage naast de woning, dan belicht je enkel de goede kant. Is de naamplaat naast de deur belangrijk, dan flitst je er tweemaal op.
Heb je twee flitsers ter beschikking, dan kan je bijvoorbeeld één flitser op maximaal vermogen instellen en de andere gebruiken om lichtjes in te flitsen. Nog aangenamer werken is het met een draadloze afstandsbediening waarmee je de flitsers vanop afstand kan laten afgaan.

(f/10, 6 s, ISO 100, geflitst)
Dit artikel verscheen oorspronkelijk in Shoot nummer 5, februari 2010.
[extern_gallery urls=”http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/40/124779_webmg8522.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/40/124779_webmg8524.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/40/124779_webmg8528.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/40/124779_webmg8531.jpg” caption=”Er brandt licht in de woning. Dit zorgt niet alleen voor een warmere uitstraling, het geeft ook diepgang. (f/8, 5s, ISO 100)||De eerste stap is het interieur correct belicht te krijgen. (f/9, 2.5s, ISO 100)||Tijd voor de opzetflitser, in de manuele stand en op volle kracht. (f/10, 6s, ISO 100, geflitst)||In de tijdspanne van zes seconden die de camera nodig heeft om het beeld te maken, kan je de flitser twéémaal laten afgaan. (f/10, 6s, ISO 100, geflitst)”]