Praktijk

Paddenstoelen fotograferen: de complete gids voor natuurfotografen

Paddenstoelen fotograferen: groep vliegenzwammen in tegenlicht in een herfstbos

Hoe fotografeer je paddenstoelen? Dit artikel gidst je door de vele manieren waarop je sfeervolle herfstfoto’s kan maken.

Elke herfst hebben paddenstoelen hun hoogtepunt. Met hun veelheid aan vormen en kleuren zijn het ideale onderwerpen om vast te leggen. Fotografie voor beginners? Niets van, creatieve fotografie vergt een inspanning maar is vooral fun. Paddenstoelen zijn niets anders dan de vruchtlichamen van schimmels. Deze schimmels vormen immense ondergrondse netwerken van schimmeldraden. Deze draden groeien zowel in hout, tussen bladeren of in de grond. Onder de juiste omstandigheden (klimaat en vocht) kunnen massaal paddenstoelen tevoorschijn komen. Sommigen noemen ze de bloemen van de herfst. De namen zwammen en paddenstoelen zijn eigenlijk niet hetzelfde maar in de volksmond en ook in dit artikel gebruiken we ze beiden in dezelfde betekenis. Onder de meest algemene vorm bestaat een paddenstoel uit een hoed op een steel, al zijn er ook andere vormen. De onderzijde van de hoed kan bestaan uit plaatjes (lamelletjes) of uit buisjes. Hierlangs komen de sporen vrij. Buisjeszwammen noemen we ook boleten, terwijl de andere de naam plaatjeszwammen krijgen, deze beide groepen vormen wel de meerderheid.

Veel planten werken samen met bepaalde schimmels in een win-win situatie (symbiose). Hierdoor kan je bepaalde paddenstoelen ook associëren met bepaalde planten. Een vliegenzwam zie je soms bij berken maar ook bij beuken of eiken. Bij het zoeken naar zwammen kan je ook eens naar de soort bomen kijken, wat soms een indicatie van bepaalde soorten zwammen kan zijn.

In Vlaanderen zijn er zo’n 4000 soorten. Ze houden van vocht, zure grond en warmte, vandaar dat de strooisel laag in loofbossen een veelvoud aan zwammen herbergt. Sommigen parasiteren ook op hout en zelfs op andere paddenstoelen, anderen zijn dan weer te vinden op allerlei dood materiaal. Ze zijn niet beschermd maar onze natuurgebieden zijn dat wel zodat plukken uit den boze is.

De weinige warmte na een natte periode is al voldoende om paddenstoelen massaal uit de grond te laten schieten, vandaar het spreekwoord “als paddenstoelen uit de grond schieten.” Niets is zo leuk als een fikse boswandeling in de herfst op zoek naar paddenstoelen. Onder goede omstandigheden keer je huiswaarts met een pak boeiende beelden. In andere seizoenen zijn er ook paddenstoelen te vinden, zij het merkelijk minder. Door een spijtige evolutie in de toenemende aanwezigheid van stikstof in de natuur, hebben bepaalde soorten paddenstoelen hieronder te lijden en hun aanwezigheid daalt dan ook jaarlijks.

De ontwikkeling van de paddenstoel zelf kan vrij snel verlopen. Een week later is een soort vaak al helemaal anders. Jonge zwammen hebben ook vaak een andere kleur en vorm dan oudere exemplaren. Hierdoor is determinatie op basis van vorm en kleur soms moeilijk. Een gids zet je op het goede pad en ook de app Obsidentify biedt hulp, al blijft het vaak moeilijk. Op het einde van hun bestaan zijn paddenstoelen vaak niet meer zo fotogeniek, vergelijk het maar met verwelkte bloemen. Slaat de fotografie tegen, dan heb je nog altijd de natuurbeleving. Volgende keer beter dan maar weer.

Fotografie van paddenstoelen kort samengevat

  • Materiaal: een DSLR of systeemcamera, een statief en een polarisatiefilter volstaan om te starten. Een macro-objectief is handig maar geen must.
  • Lenzen: macro voor details, normale brandpunten voor groepjes, groothoek om de biotoop mee in beeld te brengen.
  • Compositie: werk met groepjes, houd rekening met de achtergrond en fotografeer op ooghoogte of licht schuin naar beneden.
  • Licht: zacht diffuus licht van een betrokken of regenachtige dag werkt het best; hard zonlicht vermijd je.
  • Techniek: manueel scherpstellen, lange sluitertijden op statief en focus stacking voor maximale scherptediepte.

Welk materiaal heb je nodig om paddenstoelen te fotograferen?

Wees gerust, het kost je zeker geen aderlating aan materiaal om paddenstoelen te fotograferen. Een camera is wel een must natuurlijk waarbij zowel een DSLR als een systeemcamera een prima keuze is. Zelfs met een compactcamera met een zoomlens zou je nog uit de voeten kunnen, al hebben de gevorderde toestellen toch een beentje voor zowel in kwaliteit als in gebruiksgemak.

Qua lenzen zijn er eigenlijk geen vereisten, met heel veel brandpunten kan je paddenstoelen vastleggen. Praktisch zijn de lenzen in drie groepen onder te delen. Eerst en vooral, meest gebruikt, zijn de macro objectieven. Zelfs de brandpunten van 50mm zijn hier ondanks hun kleine opnameafstand prima inzetbaar. Een paddenstoel loopt nu eenmaal niet weg. Een nadeel kan zijn dat bij een sterke vergroting je zo dicht op je onderwerp zit dat er wat schaduw opvalt, te vermijden dus. Een tweede nadeel is dat door de grotere beeldhoek er meer achtergrond in beeld komt, deze wordt niet zo mooi wazig weergegeven als bij macrolenzen met grotere brandpunten. Dit is niet altijd een nadeel maar bij sommige beelden wel. De macro’s met grotere brandpuntsafstand (100,150,180mm) houden je verder weg van je onderwerp. Het geeft je minder problemen bij belichting van de paddenstoel en ook de achtergronden blijven sneller wazig. Spijtig dat geen enkele fabrikant heden nog macrolenzen met grote brandpuntsafstanden, zoals een 180 of 200mm, produceert. Kom je er eentje tegen tweedehands, niet twijfelen, kopen!

Een macro objectief is handig, gebruiksvriendelijk en biedt je de beste kwaliteit maar is zeker geen must. Met gewone lenzen en tussenringen of voorzetlenzen kan je ook al wat bereiken. Voor het fotograferen van details zijn ze ideaal, al kan je ook wat meer afstand nemen. Het laat meer omgeving zien wat soms beter werkt dan een sterke close-up. Ook met een (sterke) telelens kan je prima beelden maken. Ideaal om je onderwerpen te isoleren van de achtergrond. Kom je scherptediepte tekort, denk dan aan een stack. Stelt je lens niet dicht genoeg scherp? Zet er een tussenring op, probleem opgelost.

Hierbij zijn we bij de 2e groep lenzen gekomen namelijk de normale brandpunten, zoomlenzen en/of kitlenzen rond de normale brandpunten. Prima in te zetten, al kom je niet zo dicht als bij een macrolens. Afhankelijk van de grootte van de zwam of van het groepje kan je vaak wat meer afstand nemen. De diafragma’s bij kitlenzen zijn vaak aan de lage kant, f/5,6 is geen uitzondering. Dit heeft zijn gevolgen voor de scherptediepte en achtergrond maar dat hoeft zeker geen nadeel te zijn.

De laatste groep zijn de groothoeken, zowel zoom als vaste brandpunten komen in aanmerking. Lensopeningen zijn bij de vaste objectieven meestal hoger. Niet elk beeld leg je met een groothoek vast, maar de accentuering van de voorgrond, een van de voordelen van het gebruik van een groothoek, kan sterk werken. Let wel dat de achtergrond ook scherper in beeld komt, maar hij wordt door het perspectief van deze lenzen ook kleiner afgebeeld. Evenwicht in beeld is af te wegen. Een kleine wijziging in standpunt heeft al veel invloed tussen onderwerp en achtergrond. Mijn persoonlijk favoriet is een (TS-E) 24mm, super qua mogelijkheden.

Een statief is sowieso een must doordat je meestal met lange sluitertijden fotografeert in bossen met weinig licht. Meestal zal je standpunt laag bij de grond zijn, een model zonder middenkolom waarvan de poten gestrekt opengaan is ideaal. Ook een rijstzak kan je hier goed van dienst zijn. Een draadontspanner verkleint de kans op trillingen bij het afdrukken. Wat filters betreft kan je je gerust beperken tot een polarisatiefilter. Hinderlijke reflecties op hoeden van paddenstoelen of in de achtergrond kan je zo onderdrukken of elimineren.

Tot slot nog wat praktisch materiaal: Een vuilzak is ideaal om op vochtige bosbodems op je knieën te zitten en zelfs plat op de buik kan ook. Een hoekzoeker bij een DSLR met een vast scherm bespaart je een stijve nek. Bij camera’s met kantelbaar scherm speelt dat probleem niet.

Compositie: paddenstoelen fotograferen in hun omgeving

Naast de vondst van (een groepje) paddenstoelen is de omgeving al van even groot belang. Zelden zal één enkele paddenstoel een boeiend beeld opleveren, al kan het natuurlijk wel. Minimum een 2-tal of een klein groepje doet het meestal veel beter. Maak hiervan gebruik om deze zo in beeld te schikken dat een boeiende compositie ontstaat. Ga niet haastig tewerk, je hebt immers alle tijd. Bekijk je onderwerp van alle kanten, meestal zie je een kant die de paddenstoel op zijn best toont. Soms is er een stukje van de hoed aangevreten door slakken en kan je dit zo uit beeld weren.

Beelden op ooghoogte of lichtelijk schuin naar beneden winnen ook aanzienlijk aan kracht. Houd zeker ook rekening met de achtergrond, zie verder. Vogelperspectief zal je zelden toepassen tenzij je meer abstractie nastreeft en je onderwerp een boeiende vorm heeft die hierom vraagt. Probeer zeker ook meerdere composities. Sommige paddenstoelen zijn dermate boeiend dat wat experimenteren met verschillende brandpunten loont.

Zwammen in grasland zijn ook zeer moeilijk weer te geven. Bij kort gras kan dit nog meevallen maar de vaak lange grassprieten zijn verantwoordelijk voor drukke beelden vol storende (onscherpe) lijnen. Zelfs met een tele en een groot diafragma kan je ze niet voldoende onscherp weergeven zodat ze storend werken. Enkele sprietjes kan je wel even tuinieren, een woud echter is erger. Doorlopen is dan de boodschap.

Veel beter als ondergronden zijn mossen, die met hun boeiende structuur een meerwaarde toevoegen aan het beeld. Ook boomstronken of relatief vlakke bodems waarbij je je onderwerp mooi los van de achtergrond kan weergeven genieten de voorkeur. Ligt je achtergrond vrij ver weg, overweeg dan een groothoekopname, een deel van de omgeving neem je zo mee in beeld, wat ook de biotoop toont waarin de zwam(men) groeien. Die achtergrond is dan waarschijnlijk onscherp maar toch voldoende duidelijk. Een tele- of macrobeeld geeft je dan weer een zachte achtergrond zodat je onderwerp mooi afsteekt.

Wees selectief en verspil geen tijd om beelden met rommelige achtergronden toch goed te krijgen, het lukt je hoogstwaarschijnlijk toch niet. Dichter bij je onderwerp en zo abstraheren is een oplossing om minder of geheel geen achterplan mee op te nemen in beeld. Let vooral op bodems bezaaid met bladeren met hieraan takjes, de bladeren vormen meestal geen probleem, de takjes staan meestal naar omhoog gericht en komen donker of quasi zwart in beeld wat soms storend kan werken. Best uit beeld verwijderen of met weinig scherptediepte te fotograferen.

Moeilijker is om paddenstoelen weer te geven in een landschap. Hierbij vormen ze vaak niet meer het hoofdonderwerp in beeld maar bieden door hun aanwezigheid wel een sterke meerwaarde aan de compositie. Beelden die meerdere seizoenen weergeven geven ook een sterke meerwaarde, bijvoorbeeld frisgroene lenteblaadjes tussen paddenstoelen, een voorjaarsbloeier samen met een zwam of sneeuw op paddenstoelen.

Wantrouw autofocus, deze zal altijd scherpstellen net naast wat je in gedachten had. Manueel scherpstellen is de boodschap. Liveview is hier beslist je vriend. Bij systeemcamera’s zijn er alweer meer mogelijkheden op dat gebied.

Stuifzwammen in een herfstig boslandschap bij het fotograferen van paddenstoelen
Hoewel klein in beeld dragen de stuifzwammetjes toch bij aan dit herfstig landschapsbeeld. Beeld: Marc De Schuyter

Het juiste licht

In de periode dat je paddenstoelen fotografeert zijn de bladeren nog massaal aanwezig in het bos. Een paddenstoel is niet afhankelijk van het licht om te groeien zoals planten, dus komen ze ook voor op de meest donkere plekjes van het bos. Dit zorgt ervoor dat je sluitertijden bijna altijd aan de lage kant zullen zijn. Dit hoeft geen probleem te zijn, een statief of een rijstzak vangt dit op. Voordeel is dat je je compositie perfect kan maken en ook vasthouden. Maak je een focusstack dan is dat zelfs noodzakelijk. Zelden zal de wind bewegingsonscherpte veroorzaken bij paddenstoelen zodat een ietwat langere sluitertijd geen probleem vormt. Een halve tot wel meer dan 2 seconden belichting is geen uitzondering en maak je nog gebruik van een polafilter om reflecties te weren in combinatie met een klein diafragma, dan zit je snel aan meerdere seconden. Uiteraard zijn de huidige camera’s en objectieven met hun beeldstabilisatie best wel tot iets in staat zodat een en ander uit de hand mogelijk is. Noem mij gerust ouderwets, maar er gaat niets boven een goed statief.

Open ruimtes zoals heidegebieden en graslanden vormen hierop dan weer een uitzondering. Zoals bij landschappen zal hard zonlicht zelden leiden tot goede resultaten. In het bos veroorzaakt het harde licht heldere contrastplekken die onmogelijk weer te geven zijn. Beter is het zachte diffuse licht van een betrokken dag of zelf bij regenweer zijn absoluut mooie beelden te maken, al vergen deze wel meer inspanning.

Is er toch zonlicht probeer dan je onderwerp op zijn minst in de schaduw te zetten met een reflectiescherm of een paraplu, en geen achtergrond mee op te nemen. ’s Morgens of ’s avonds is het zonlicht zacht voor opnames, ook weer naar analogie met landschapsbeelden. Moeilijk in een bos, waar het licht constant verandert door de schaduwen die de vele bomen werpen, maar mits snel werken lukt het soms wel.

Heldere of doorschijnende zwammen doen het dan weer heel goed in tegenlicht. Is dat niet voorhanden dan kan je dat opwekken met een reflectiescherm of met een klein led-lampje of een flitser. Bij de betere lampjes kan je de kleurtemperatuur instellen zodat je binnen de sfeer van je beeld blijft. Bij een flitser is dit moeilijker al zijn opzetfilters een mogelijkheid. Hier komt snel al meer gedoe bij kijken, maar het kan je wel leuke beelden opleveren. Uiteraard blijven je lichtbron(nen) buiten beeld. Natuurlijk is experimenteren met een verschillende witbalans ook mogelijk en reflectieschermen zijn er ook met goud of zilverreflectie. Sprookjesachtige weergaves van lichtgevende zwammetjes, opgelicht met led-lampjes in een donkere omgeving zijn zo mogelijk, al kan je je afvragen of we hier niet stilaan aan de grenzen van natuurfotografie zitten.

Strijklicht is dan weer super om oppervlaktestructuren te accentueren. De onderkant van de hoed is bijna altijd donker, leg een reflectieschermpje op de grond en richt dit zo dat ook hier enige structuur zichtbaar wordt. Soms zorgt een lichte bodem daar zelf voor. Persoonlijk zweer ik bij manueel belichten, al zou je zeker ook met diafragmavoorkeuze uit de voeten kunnen. Je kiest immers eerst je diafragma in functie van de gewenste scherptediepte, de bijbehorende sluitertijd is hier minder van belang. Een belichtingstrapje maken is ook aan te raden, het geeft je nadien meer keuze bij de beeldbewerking. Tot slot, voor je afdrukt, bekijk je beeld bij werkdiafragma, (scherptediepteknop) het voorkomt onaangename verrassingen, wat bij toenemende diafragma’s (meer scherptediepte) wel kan voorkomen.

Wil je graag de onderkant van een paddenstoel zien zonder deze te beschadigen? Een klein spiegeltje op de grond houden lost dit voor je op.

Enkele populaire soorten

De keizer onder de paddenstoelen is ongetwijfeld de vliegenzwam. Met zijn rode oranje hoed vol witte stippen op een ranke witte steel met een conische ring. Die witte stippen zijn de restanten van het vlies waarin de paddenstoel eerst opgesloten zat. Garantie voor kleurrijke beelden met een mooi kleurcontrast tussen de groene bladeren en de kleur van de zwam. Leent zich ook prima om abstracte beelden te maken, pal bovenaan gefotografeerd of close-ups van de rand en/of de witte stippen.

Porseleinzwammen zijn spierwit tot ivoorkleurig, zeer helder en doorschijnend. De hoed is bedekt met een blinkende slijmlaag en je vind ze meestal als parasiet op beuken. Het is een veelvoorkomende soort, ideaal om met tegenlicht te experimenteren, doordat hij doorzichtig is kan je mooie sfeerbeelden creëren.

Zwavelkoppen zijn zoals de naam al aangeeft zwavel-tot oranjekleurig en deze soort is zeer algemeen. Met groen ontstaan zo leuke kleurcontrasten. Ze kunnen massaal woekeren of ook in slechts enkele exemplaren voorkomen. Altijd garant voor fotoplezier.

Uiteindelijk is het boeiendste nog altijd zelf op pad gaan. Ik kan het dan ook ten stelligste aanraden. Elk jaar opnieuw is het een plezier om actief op zoek te gaan naar paddenstoelen. Sommige soorten verschijnen steevast elk jaar op quasi dezelfde plaats, maar elk jaar is toch uniek. Zo kan je op den duur een vaste route uitstippelen waarlangs je je onderwerpen zo kan uitpikken.

Waar vind je paddenstoelen om te fotograferen?

Het opsommen van bosgebieden is onbegonnen werk. In elke provincie zijn er wel meerdere domeinen die een aantal soorten herbergen. Hoe ouder en divers het gebied, hoe meer soorten je zal spotten. Niet enkel in bossen maar ook in oude dreven en voormalige kasteeldomeinen of restanten ervan zijn vaak paddenstoelen te spotten. Afhankelijk van de grondsoort tref je andere planten en dus ook andere soorten zwammen. Bossen met veel dood materiaal, dat niet wordt opgeruimd, zijn ook goede vindplaatsen.

Oude heidegebieden, die je niet meteen zou associëren met paddenstoelen, bieden je ook veel mogelijkheden. Natuurverenigingen geven je online info over goede gebieden. Om dan toch enkele gebieden te noemen: Bulskampveld en de bossen van het Heuvelland in West-Vlaanderen. Drongengoed en Het Leen in Oost-Vlaanderen. Zammelsbroek in het Antwerpse en het Kastanjebos in Brabant. Net over de grens: het bos in het Franse Saint-Amand-Les-Eaux.

Schrijf je in op onze nieuwsbrief om het laatste nieuws uit de fotografiewereld te ontvangen én het gratis ebook ‘Start met Fotograferen’.

Google Voeg Shoot.be toe als favoriete bron op Google!
Onderwerp: natuurfotografie

Meer relevante berichten

 Word abonnee van Shoot!

Krijg Shoot Magazine 6 keer per jaar (inclusief 2 extra dikke dubbelnummers) vol inspiratie, tips en fotoplezier rechtstreeks in je brievenbus.

Shoot 129 cover