Ze verstoppen zich tussen het groen en vallen amper op. Met deze tips lukt het je om boomkikkers te fotograferen in hun omgeving.
Boomkikkers zijn een populair onderwerp bij veel natuurfotografen. Hun grasgroene huid, gouden kraaloogjes en ronde zuignappen aan vingers en tenen maken ze tot een fotogeniek onderwerp. Maar deze kleine acrobaten zijn niet zo algemeen en verschuilen zich meestal in de dichte vegetatie, waardoor ze best moeilijk in beeld zijn te brengen. In dit artikel neem ik je mee tussen de braamstruiken op zoek naar deze fotogenieke amfibieën en leer ik je hoe je het perfecte boomkikkershot maakt.
Hoe herken je een boomkikker?
Boomkikkers zijn kleine, grasgroene kikkers met een gladde huid en een donkere streep die buik en rug scheidt. Ze hebben een vrij stompe kop, geel- tot oranjekleurige ogen en slanke achterpoten. Op hun vingers en tenen bevinden zich ronde zuignapachtige hechtschijfjes waarmee ze moeiteloos verticaal aan een blad kunnen hangen. Volwassen boomkikkers worden zo’n 4-5 centimeter groot en leven gemiddeld 2 tot 5 jaar. Je vindt ze vaak in bramenstruweel op door open zon beschenen plekken in relatief dicht begroeide en vrij vochtige biotopen in de buurt van water. In tegenstelling tot andere kikkers zitten boomkikkers graag in de zon. Je vindt ze daarom vaak overdag zonnend of rustend op deze struiken.
Waar vind je boomkikkers in Vlaanderen?
Rond de eeuwwisseling ging het zeer slecht met de boomkikkerpopulatie in Vlaanderen. Ze dreigden uit te sterven door het verdwijnen van hun natuurlijke habitat en de aanwezigheid van de blauwbandgrondel: een uitheemse vis, die de eieren en de larven van de boomkikker eet. Dankzij gericht natuurbeheer en allerlei beschermingsmaatregelen zoals het aanleggen van nieuwe poelen en het verwijderen van uitheemse vissen, zijn de populaties zich langzaam aan het herstellen. In Vlaanderen komt de boomkikker op een aantal locaties voor: in het Zwin in Knokke-Heist, het Maasdal in Maasmechelen en in het Vijvergebied van Midden-Limburg in Hasselt, Diepenbeek, Zonhoven en Heusden-Zolder. Ook komen ze voor in een smalle, langgerekte strook van aaneengeschakelde natuurgebieden van Maaseik, Kinrooi en Bree tot aan de Nederlandse grens. Hoewel ze nog steeds niet algemeen zijn en hun verspreidingsgebied relatief beperkt is, zijn boomkikkers de laatste jaren wel flink in aantal toegenomen.
Boomkikkers zijn de laatste jaren flink in aantal toegenomen. Je vindt ze meestal zonnend in het bramenstruweel. Beeld: Bart Heirweg f/3,0, 1/400, ISO 200, 105 mm (fullframe)
Zo maak je rustige beelden
Boomkikkers kun je zien van april tot oktober. In het voorjaar houden de volwassen exemplaren zich vooral op in en rond het water voor de voortplanting. Eenmaal de jonge boomkikkers zich ontwikkeld hebben, verlaten ze de poelen en zoeken beschutting in het struweel in de buurt van de voortplantingsplaatsen. Je vindt ze van juli tot oktober vooral in braamstruiken waar ze met hun groene kleuren amper opvallen tussen het gebladerte. Omdat ze vaak zonnen in vrij dichte vegetatie is het niet altijd gemakkelijk om rustige beelden te maken. De achtergrond is immers vaak erg druk en dat maakt de beelden rommelig en chaotisch. Door het onderwerp meer in close-up te fotograferen kun je de achtergrond rustiger houden. Door dichter bij het onderwerp te gaan, vermindert immers de scherptediepte: zo wordt het achterplan zachter en komt het onderwerp beter los van de omgeving. Daarnaast kun je ook gebruikmaken van bladeren in de voorgrond om bepaalde storende elementen te verbergen. Wanneer je met beperkte scherptediepte door de vegetatie heen fotografeert, ontstaat een onscherp diffuus kader. Hiermee kun je de kikkers in de kijker zetten en onrustige elementen verdoezelen. Denk eraan dat je niet altijd het hele onderwerp moet laten zien. Je kunt de kikker dus ook gedeeltelijk afbeelden, waarbij het lijkt alsof z’n kop uit de vegetatie tevoorschijn komt. Vind je geen geschikte bladeren om in de voorgrond te gebruiken en een natuurlijke vervaging te creëren, dan kun je ook een aantal braamblaadjes plukken om voor je lens te houden. De beste effecten krijg je wanneer deze bladeren een mooi boeket vormen. Als je slechts één blaadje voor de lens houdt dan lijkt zo’n vervaging eerder onnatuurlijk.
Fotografeer door de vegetatie heen, zo ontstaat een onscherp kader rondom het onderwerp waarmee je storende elementen kunt verbergen. Beeld: Bart Heirweg f/3,2, 1/1250, ISO 200, 105 mm (fullframe)
Sommige boomkikkertjes zitten minder diep verborgen in het bramenstruweel en kun je dus wat gemakkelijker in beeld brengen vanuit verschillende hoeken. Probeer het onderwerp in dergelijke omstandigheden niet te beeldvullend te fotograferen, maar laat wat ruimte voor de omgeving. Je kunt bijvoorbeeld gebruikmaken van het lijnenspel van de braamtakken of bladeren om het beeld wat meer te doen leven. Een aantal onscherpe blaadjes in de achtergrond maakt de foto minder steriel dan wanneer de achtergrond helemaal egaal is. Als je meer van de omgeving laat zien is het niet altijd gemakkelijk om aan te voelen wanneer het beeld te druk wordt. De foto moet nog steeds rustig overkomen. Je probeert alleen een steriele achtergrond te vermijden, want dergelijke beelden ogen snel saai of klassiek.
Door dichter bij het onderwerp te komen wordt de achtergrond rustiger, maar oogt het beeld al snel saai of klassiek. Beeld: Bart Heirweg f/10, 1/125, ISO 400, 150 mm (APS-C)
Speel met zon & schaduw
Boomkikkers houden ervan om zich op te warmen in de zon, maar in het felle licht gaat hun glimmende huid makkelijk uitbranden. Maak daarom gebruik van een flitsparapluutje om het onderwerp in de schaduw te plaatsen. Zo behoud je niet alleen het detail in de delicate huid, maar ontstaat ook een mooi contrast met de zonbelichte achtergrond. De groene tinten in de schaduw steken immers mooi af met de gele kleuren die ontstaan wanneer de zon op de vegetatie achter het subject valt. Heb je geen flitsparapluutje bij? Wacht dan tot wanneer een wolk voor de zon schuift om glinstering van de huid te voorkomen.
Door het onderwerp in de schaduw te plaatsen ontstaat een mooi contrast met de zonbelichte achtergrond. Beeld: Bart Heirweg f/3,2, 1/800, ISO 200, 105 mm (fullframe)
Bij kikkers die wat hoger zitten, kun je ook op zoek gaan naar bokehbubbels. Deze ontstaan wanneer licht door het gebladerte in de achtergrond valt. Uiteraard is dit effect enkel zichtbaar wanneer je met beperkte scherptediepte fotografeert en de achtergrond voldoende ver van het onderwerp zit. Om de juiste positie te vinden, kun je met de camera in de hand in combinatie met live view rond het onderwerp bewegen om de beste hoek en de mooiste effecten te vinden.
Wanneer licht door de struiken in de achtergrond valt, ontstaan prachtige bokehbubbels. Beeld: Bart Heirweg f/3,0, 1/640, ISO 200, 105 mm (fullframe)
Scherpte en stabiliteit
Hoewel ik doorgaans een statief altijd sterk aanbeveel, kun je boomkikkers beter zonder een tripod fotograferen. Omdat de kikkertjes zich meestal ophouden in het dichte struikgewas is het lastig om het statief te positioneren zonder dat je met de statiefpoten de struik raakt en het onderwerp verstoort. Je fotografeert dus best uit de hand: zo ben je flexibel in het zoeken naar de juiste compositie en vermijd je het onderwerp te verjagen. Een statief is wél handig om een flitsparaplu op te bevestigen om het onderwerp in de schaduw te plaatsen, zodat je de beide handen vrij hebt om te fotograferen.
Manuele scherpstelling of oogdetectie voor dieren
Bij macrofotografie is de scherptediepte erg beperkt en gebruik je beter manuele scherpstelling. Wanneer je uit de hand fotografeert, is dat echter niet zo eenvoudig, omdat je zelden perfect stil blijft zitten. In dergelijke gevallen fotografeer je in burst en maak je voldoende foto’s waarbij je continu met de scherpstelling compenseert voor de bewegingen die je maakt. Deze techniek is echter niet zo eenvoudig en vraagt enige ervaring. Een andere mogelijkheid is om gebruik te maken van de autofocus in combinatie met oogherkenning voor dieren. Binnen het scherpstelvenster gaat de camera dan op zoek naar het oog van het onderwerp en focust daarop. De bolle oogjes van het onderwerp maken het de oogherkenning niet altijd gemakkelijk. Dus de autofocus zit er wel eens naast. Welke techniek je ook gebruikt: maak steeds voldoende beelden zodat je zeker bent dat er ook enkele tussen zitten waarbij de scherpte op de juiste plaats zit.
Gebruik oogdetectie voor dieren wanneer je uit de hand fotografeert. Beeld: Bart Heirweg f/3,5, 1/800, ISO 200, 105 mm (fullframe)
Creatieve composities: perspectief en negatieve ruimte
We hebben de meeste kikkers voorlopig vooral in zijaanzicht gefotografeerd, maar je kunt ook verrassende beelden maken door het onderwerp in vooraanzicht te fotograferen waarbij je diep in z’n ogen kijkt. Zo maak je meteen contact met het subject en krijgt het beeld een intiem karakter. Door te spelen met het focuspunt kun je de foto in zo’n situatie een suggestieve sfeer geven waarbij de snoet scherp is, maar de ogen niet meer. Of waarom fotografeer je het onderwerp niet eens van achteren, waardoor het lijkt alsof de kikker van je wegkruipt? Denk hierbij ook altijd na over negatieve ruimte of de lege ruimte rondom het onderwerp. Wanneer je dit op de juiste manier toepast, kan dit tot zeer krachtige composities leiden die een grote impact op de kijker maken. Kortom: door te experimenteren met het kader, perspectief of scherpstelpunt maak je vaak verrassende en minder klassieke beelden.
Fotografeer in vooraanzicht voor meer intieme beelden. Beeld: Bart Heirweg f/3,5, 1/200, ISO 200, 105 mm (fullframe)Door gebruik te maken van negatieve ruimte rondom het onderwerp ontstaan vaak pakkende composities. Beeld: Bart Heirweg f/4,0, 1/400, ISO 400, 105 mm (fullframe)
Weersomstandigheden
Het weer speelt een grote rol bij het vinden én fotograferen van boomkikkers. Ze zijn het meest actief op warme, windstille dagen, zeker wanneer de temperatuur boven de 20 °C stijgt. Een mooie nazomerdag waarbij het ’s nachts goed afkoelde is perfect, want dan komen de kikkers massaal tevoorschijn als de zon warmte begint te geven. Ook na een zomerse regenbui zijn ze vaak extra zichtbaar: het vocht activeert hun jachtinstinct en ze verplaatsen zich vaker binnen het struikgewas. Bewolkte dagen zorgen dan weer voor egaal, zacht licht zonder harde schaduwen. In de vroege ochtend, wanneer de vegetatie nog bedekt is met dauwdruppels, kun je bovendien extra sfeer creëren: dauw kan voor reflecties en schitteringen zorgen in de achtergrond, zodat een sprankelend bokeh ontstaat. Vermijd winderige of kille dagen, want dan verschuilen de boomkikkers zich dieper in het struweel en zijn ze nauwelijks te vinden. Ook te hete dagen zijn niet ideaal, want dan is het te warm voor de kikkers. Ze zoeken dan de schaduw op en kruipen weer dieper in de vegetatie. Je vindt de kikkers dan doorgaans in bramenstruweel dat in de schaduw staat.
Ethisch fotograferen van boomkikkers
Hoewel de populatie boomkikkers de laatste jaren flink is toegenomen, draag je als natuurfotograaf een grote verantwoordelijkheid voor het welzijn van deze kwetsbare amfibieën.
Raak ze nooit aan, de huid van boomkikkers is gevoelig. Er zitten allerlei bacteriën aan onze handen en vingers waar de kwetsbare kikkertjes niet tegen bestand zijn.
Respecteer het natuurlijke gedrag en wacht geduldig op spontane poses in plaats van het dier te ‘dirigeren’. Authentieke beelden zijn altijd mooier dan gemanipuleerde foto’s.
Deel geen locaties van kwetsbare populaties op sociale media of websites. Boomkikkerlocaties kunnen overbelast raken of stropers aantrekken die de dieren wegvangen voor de terrariumindustrie.
Informeer andere fotografen over ethische werkwijzen. Spreek collega’s aan die zich niet ethisch gedragen.
Je passie voor natuurfotografie mag nooit ten koste gaan van het welzijn van de dieren. Door ethisch te werken, zorg je ervoor dat toekomstige generaties ook nog boomkikkers kunnen zien en fotograferen.
Boomkikkers in beeld brengen
Boomkikkers in beeld brengen lijkt eenvoudiger dan het is: het creëren van rustige beelden in een drukke omgeving is echter niet zo simpel. Vermijd storende elementen en achtergronden door slim gebruik te maken van scherptediepte en voorgrondvervaging. Door te spelen met scherpstelpunt en variatie te brengen in standpunt en compositie, vergroot je de kans op sprekende beelden. Fotografeer op ethische wijze en laat het dier en z’n leefomgeving ongemoeid. Zo leg je niet alleen het onderwerp vast in z’n natuurlijke habitat, maar draag je ook bij aan het behoud van deze uiterst fotogenieke soort.
Checklist voor de perfecte boomkikkerfoto
Zoek op de juiste plekken: zonnige braamstruiken of lage struiken in de buurt van poelen zijn ideale plekken.
Beweeg langzaam en draag donkere kledij: plotse bewegingen en felle kledij doen de kikkers vaak opschrikken. Jonge kikkers zijn doorgaans schuwer dan volwassen exemplaren.
Let op de zon: vermijd hard zonlicht of gebruik een flitsparaplu.
Gebruik een groot diafragma, zorg voor een zachte achtergrond en isoleer het onderwerp.
Fotografeer op ooghoogte voor meer intieme beelden.
Zorg voor variatie en maak zowel close-ups als beelden die meer van de omgeving tonen.
Durf te experimenteren met perspectief, scherpstelpunt, voorgrondonscherpte en negatieve ruimte.
Het cameramateriaal van Bart Heirweg
Bart Heirweg fotografeerde deze boomkikkers met Nikon systeemcamera’s. In 2021 werkte hij nog met de Z7, zijn recentste beelden uit 2023 en 2024 werden gemaakt met de Nikon Z9 en de Nikon Z8. Op deze camera’s gebruikt hij de NIKKOR Z MC 105mm f/2.8 VR S, een macro-objectief met beeldstabilisatie dat tot 1:1 vergroot.