Ontdek hoe je in Opglabbekerzavel de paarse heide van Limburg fotografeert in dit artikel met praktische tips.
Schrijf je in op onze nieuwsbrief om het laatste nieuws uit de fotografiewereld te ontvangen én het gratis ebook ‘Start met Fotograferen’.

Ontdek hoe je in Opglabbekerzavel de paarse heide van Limburg fotografeert in dit artikel met praktische tips.
Elk jaar in augustus kleuren grote delen van Limburg prachtig paars. Een moment waar vele natuurfotografen reikhalzend naar uitkijken. In de schaduw van de imposante terril van Waterschei vinden we een relatief onbekend heidegebied: Opglabbekerzavel. Mooie vliegdennen en statige eiken wisselen er af met paarse heidestruiken en knusse zandpaden: de ideale combinatie voor sfeervolle heidebeelden. Ga je mee op ontdekking in deze ongerepte natuurparel?
In het hartje van het Nationaal Park Hoge Kempen, vlak bij het voetbalstadion van KRC Genk, vinden we Opglabbekerzavel, dat net zoals vele andere natuurgebieden in ons land deel uitmaakt van Natura 2000, een Europees netwerk van beschermde natuur. Het gebied bestaat uit een variatie van heide afgewisseld met statige eiken en vliegdennen, landduinen en bossen. Aan de horizon prijkt de terril van Waterschei en tussen de typische heidevegetatie verbergen zich heel wat bijzondere dieren en planten. Via kronkelende zandwegen wandel je tussen de purperen heidevelden en ontdek je een waardevol stukje heidenatuur op een steenworp van de centrumstad.
De heide bloeit van begin augustus tot begin september, met meestal een duidelijke piek rond half augustus. Dat is ook het moment waarop onze excursie start. Om het gebied te bereiken, kan je parkeren op de parking van de Begraafplaats Genk-Waterschei. Je hoeft alleen nog de weg over te steken en je staat onmiddellijk in het gebied. Verschillende paden doorkruisen het natuurreservaat: je doet er goed aan om deze paden rustig af te wandelen, want er is overal wel wat te beleven. De heide is op haar mooist op een mistige ochtend wanneer mistbanken over het landschap rollen. In combinatie met de opkomende zon zorgt dat steevast voor sfeervolle plaatjes. Je benadert het gebied dus best met je blik op het oosten gericht. Naast mistige ochtenden kunnen ook wisselvallige dagen interessant zijn: je maakt dan kans op indrukwekkende wolkenluchten en het spel van licht en schaduw zorgt voor diepte in het landschap. Bovendien kun je vaak de hele dag door fotograferen, terwijl je op mistige dagen met rustig en stabiel weer toch vooral aangewezen bent op de ochtenduren.

Je staat nog maar net in het gebied en je kunt al meteen de camera bovenhalen, want aan de rechterkant van het pad staan enkele mooie berken die pakkende composities opleveren waarbij de terril van Waterschei boven het landschap uitsteekt. Probeer de terril zo vrijstaand mogelijk te krijgen en vermijd dat de omliggende berken het onderwerp te veel overlappen.

Wanneer je tussen de heide wandelt, lijkt het aanlokkelijk om zo veel mogelijk van het paarse landschap te laten zien. Maar deze uitgestrekte heidevelden kunnen soms wat eentonig overkomen. Aan de horizon prijkt misschien wel een mooie boom, maar als de voorgrond enkel uit heide bestaat, dan oogt het beeld vlak en saai. Ga daarom altijd op zoek naar elementen om de voorgrond in te vullen en het beeld interessant te houden van voor tot achter. Een jonge den, een pol pijpenstrootje of een struikje in de voorgrond zorgen ervoor dat de voorgrond minder dominant overkomt en nodigen de kijker bovendien uit om het beeld binnen te stappen.

Voor weidse landschappen waarbij je zowel lucht als voorgrond mee in beeld neemt, heb je de allerbeste omstandigheden nodig. Zo’n momenten duren meestal niet lang: van zodra de zon hoger staat, wordt het licht al snel hard en schakel je beter over op detaillandschappen. Wanneer je detaillandschappen fotografeert, overweeg dan altijd of de lucht een meerwaarde biedt. Op een mooie zonnige ochtend is de lucht vaak egaal blauw en zo’n blauw vlak in het beeld kan soms storend overkomen. Doorgaans is het dan beter om de lucht tot een minimum te beperken of zelfs gewoon weg te laten. Focus op de meest sprekende bomen in het landschap en bouw daarrond je compositie. Houd het beeld eenvoudig en overzichtelijk en overweeg goed wat je wel en niet op de foto zet. Bestudeer ook altijd goed het kader en vermijd dat de elementen aan de randen te veel of net te weinig ruimte krijgen.

Je hoeft een boom ook niet altijd volledig af te beelden. Door het onderwerp aan te snijden, kan je niet alleen storende elementen of een oninteressante lucht vermijden, je laat hierbij ook iets aan de verbeelding van de kijker over. Het resultaat: minder klassieke beelden die de aandacht van de kijker net iets langer vasthouden.
Wanneer de zon tussen de bomen schijnt, ontstaan op mistige ochtenden soms prachtige zonneharpen. Ze zorgen meteen voor een blikvanger in de foto, maar zijn niet altijd makkelijk om in beeld te brengen. Het contrast is immers hoog en de camera slaagt er niet in om het beeld goed te belichten. Je kunt naar een grijsverloopfilter grijpen om de lucht wat te temperen, maar dat is in deze situatie niet de beste oplossing: zo filter je ook de bomen en wordt hun kruin veel te donker. In dergelijke gevallen is het beter om gebruik te maken van bracketing en een reeks foto’s te maken met verschillende belichting. Achteraf kan je al deze beelden dan combineren tot een HDR-beeld.

Wanneer je het centrale wandelpad verder volgt, kom je uiteindelijk bij een kruispunt terecht. Ter hoogte van deze splitsing staan verschillende statige oude eiken die absoluut een stop waard zijn. Je kunt ze fotograferen als onderdeel van het landschap of als een detail. Het zanderige wandelpad kan je gebruiken als leidende lijn om het oog van de kijker meteen het beeld in te sturen. Let ook op meer abstracte beelden waarbij je verschillende laagjes heidestruiken fotografeert. Zo ontstaat een kleurrijk patroon van allerlei paarse tinten met in de achtergrond de dikke stam van een oude eik. Om dergelijke abstracte beelden volledig tot hun recht te laten komen, moet het beeld scherp zijn van voor tot achter. Gebruik daarvoor focus stacking en maak verschillende opnames met telkens een ander scherpstelpunt. Deze beelden kan je achteraf combineren tot één beeld, waarbij alle laagjes scherp afgebeeld worden.

Wanneer je met beperkte scherptediepte tussen de heidestruiken door fotografeert (laag diafragma), ontstaat een onscherpe paarse voorgrond. Dit kleurrijk kader kan je gebruiken om het onderwerp in de kijker te zetten en de blik van de toeschouwer te sturen. Bovendien krijgt het beeld zo ook een dromerig en sfeervol karakter.

In de noordwestelijke hoek van het gebied vind je stuifduinen met stokoude wintereiken waarvan de wortels gedeeltelijk bloot zijn komen te liggen. Sommige eiken zijn wel 800 jaar oud. Deze bomen zijn uniek in Vlaanderen en fixeren het zand van de waardevolle stuifduinen. Haal je groothoek boven en fotografeer deze bijzondere eiken en hun blootliggende wortels vanuit een laag standpunt. Maak gebruik van het lijnenspel van de takken en wortels om het beeld diepte te geven. Wanneer je laag bij de grond fotografeert en zowel voorgrond als horizon helemaal scherp wilt, zal je opnieuw gebruik moeten maken van focus stacking.
Wanneer later op de ochtend het licht harder wordt, zoek je best zijlicht op. Zijlicht zorgt voor diepte in een foto doordat schaduw- en lichtwerking ontstaat. Met behulp van een polarisatiefilter kan je ook de kleuren en contrasten in de lucht en vegetatie bevorderen, waardoor het lijkt alsof het licht nog van betere kwaliteit is. Een polarisatiefilter heeft maximaal effect wanneer de zon links of rechts van je staat, wat bij zijlicht het geval is. Doorgaans focus je ’s morgens vroeg eerst op tegenlicht voor de meest sfeervolle beelden, maar wanneer later op de ochtend het licht te fel wordt, ga je dus op zoek naar zijlicht voor de beste resultaten.

We hebben ons voorlopig vooral geconcentreerd op landschappen, maar in Opglabbekerzavel vind je ook allerlei bijzondere insecten zoals heivlinder, zadelsprinkhaan, knopsprietje en blauwvleugelsprinkhaan. Het zijn typische soorten van heidegebieden, maar omdat de biodiversiteit van het heidelandschap de afgelopen 60 jaar continu achteruitging, zijn een aantal van hen bedreigd of kwetsbaar geworden. Om insecten goed op beeld te zetten, ga je best vroeg op stap, want eenmaal ze opgewarmd zijn, blijven ze geen seconde stilzitten. Speur tussen de heide naar vlinders en sprinkhanen en fotografeer ze tussen de bloemen door met beperkte scherptediepte: zo krijg je extra kleur in het beeld en ontstaat opnieuw een prachtig onscherp paars kader rondom het onderwerp. Om je beelden pas echt te laten knallen kan je gebruik maken van een flitsparapluutje om het onderwerp af te schermen van het zonlicht, terwijl de achtergrond volop licht krijgt. Zo krijg je een prachtig kleurcontrast en behoud je ook alle detail in het onderwerp dat makkelijk gaat uitbranden wanneer de zon erop valt.

Augustus is niet alleen de maand van de heide, ook tijgerspinnen zijn alom aanwezig. Deze opvallend zwart-geel gestreepte spinnen hangen vaak onbeweeglijk tussen de struikheide, waardoor ze gemakkelijker te fotograferen zijn, zelfs wanneer het al wat opgewarmd is. Fotografeer macro-onderwerpen niet altijd beeldvullend, maar ga een stapje achteruit zodat er meer ruimte komt voor de omgeving. Soms kan het onderwerp heel klein afgebeeld worden en toch een krachtig beeld opleveren. Ga opnieuw op zoek naar voorgrondonscherpte om het onderwerp te omkaderen of om ongewenste takjes en sprietjes te verbergen voor een rustiger eindresultaat.

Wanneer je met erg beperkte scherptediepte fotografeert, werkt de autofocus meestal minder goed. Stel daarom altijd manueel scherp. Met de live view functie kan je inzoomen op het onderwerp en de scherpstelling perfect regelen. Stel steeds scherp op de ogen, zo krijgt de kijker de indruk dat alles scherp is. Bovendien is live view ook handig om de mooiste composities en bokeh’s te ontdekken.
Vooraleer je het statief neerzet, ga je eerst met de camera in de hand, in combinatie met live view, zoeken hoe je het onderwerp in beeld wilt brengen. Zo vermijd je gepruts met de statiefpoten. Eén verkeerde tik met één van de statiefpoten is immers voldoende om het onderwerp te verstoren zodat je het niet meer kunt fotograferen.
Vooraleer je een fotoshoot op de heide plant, doe je er goed aan om het gebied vooraf al eens te verkennen zodat je precies weet waar de mooiste plekjes zijn. Zo verlies je geen tijd met het zoeken naar de juiste compositie als de omstandigheden op hun mooist zijn. Wie goed voorbereid aan een shoot start, maakt sowieso meer kans op geslaagde beelden. Maar vooraf op verkenning gaan lukt natuurlijk niet altijd. Kan je van tevoren geen bezoekje brengen? Probeer dan zoveel mogelijk voorbereiding digitaal te doen. Maak gebruik van de satellietbeelden van Google Maps om de mooiste hoekjes te bepalen en om een beeld te krijgen van het potentieel van het gebied. Op deze kaarten kun je o.a. inschatten welke stukken heide open zijn en welke meer ingesloten worden. Verder ontdek je ook allerlei kleine landschapselementen zoals zandduinen, bomen, bosjes of struiken die noodzakelijk zijn om het beeld interessant te maken en voor diepte in de foto zorgen.
Opglabbekerzavel toont hoe rijk de Limburgse natuur wel is. De paarse heidetapijten, eeuwenoude eiken en zeldzame fauna en flora vormen samen een uniek decor met talrijke fotomogelijkheden: van weidse landschapsfotografie tot kleurrijke detailopnames. Met z’n praktische ligging aan de rand van de stad bewijst het gebied bovendien dat inspirerende natuur soms dichter bij huis te vinden is dan je verwacht.
Schrijf je in op onze nieuwsbrief om het laatste nieuws uit de fotografiewereld te ontvangen én het gratis ebook ‘Start met Fotograferen’.
Krijg Shoot Magazine 6 keer per jaar (inclusief 2 extra dikke dubbelnummers) vol inspiratie, tips en fotoplezier rechtstreeks in je brievenbus.