Op de hoogte blijven van onze nieuwste artikelen?

Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief en ontvang elke week onze beste artikelen in je mailbox.


Fotografie stopt niet bij het maken van een foto. Na de opname moet het beeld ook nog ontwikkeld worden. Vroeger spendeerde ik hiervoor ettelijke uren in de donkere kamer en nu doe ik dat achter mijn computer. Hiervoor gebruik ik Lightroom. Dat is mijn doka geworden. Uiteraard bestaan er nog andere programma’s waarmee je dat kan doen. Maar Lightroom is meer dan software om foto’s te ontwikkelen alleen. Het is ook geweldige handige tool om massa’s foto’s te beheren. De organisatie van mijn archief, het selectieproces na een fotoshoot en de standaard ontwikkelingen die ik op al mijn foto’s uitvoer komen in dit artikel aan bod.

Mijn workflow is natuurlijk niet dé manier van werken, maar het is er een die wel werkt voor mij. Ze is na jarenlang gebruik opgebouwd door delen over te nemen van andere fotografen, deze bij te sturen en uiteindelijk zo te gebruiken dat het voor mij comfortabel is. Ik hou van eenvoudige generieke processen die snel een goed resultaat geven. Alle toeters en bellen die mijn workflow vertragen heb ik eruit gegooid. Ik ga dus maar een fractie van de functies van Lightroom bespreken. Uiteraard is er nog veel meer mogelijk, maar een goede workflow die bruikbaar is bij elke shoot om foto’s te organiseren en snel maar toch goed te bewerken is wat mij betreft goud waard.

De versie waarmee ik werk is steeds de laatste versie van Lightroom Classic. Er bestaat ook een Cloud-versie die er wat anders uitziet, maar die komt hier niet aan bod. Lightroom Classic werkt met een maandelijks abonnementsysteem en is verder gebouwd op de versie die je vroeger aankocht en op je desktop installeerde. Alleen kan je ze niet meer eenmalig aankopen, je moet er maandelijks voor betalen. Daar tegenover staat dat je steeds met de nieuwste versie werkt.

Organisatie

Als je foto’s bewerkt in Lightroom Classic, dan worden de originele beelden ongemoeid gelaten. Alle bewerkingen worden opgeslagen in een database. Dat zorgt ervoor dat je altijd non-destructief werkt en dat je alle bewerkingen steeds opnieuw kan herzien. Door de jaren heen veranderen trends en je eigen smaak. Zelf vind ik nu de foto’s die ik vroeger bewerkt heb iets te intens van kleur. Tegenwoordig hou ik meer van minder verzadigde foto’s. In Photoshop zou het onbegonnen werk zijn om alle bewerkingen over te doen, maar met  Lightroom Classic kan je in één beweging de saturatie van alle foto’s verlagen.

Aangezien de foto’s zelf bij het bewerken ongemoeid gelaten worden, kan je die op een externe harde schijf met een hoge capaciteit zetten. Die beelden zijn groot en moeten niet op je computer zelf staan, want ze vertragen heel je systeem. De foto’s plaats ik op een tweede identieke schijf als backup en hiervan maak ik ook nog een derde kopie in de cloud.

Voor de catalogus met de database is het belangrijk om die op een schijf te hebben die heel snel is. Bij mij is dat de ingebouwde SSD-schijf van mijn vaste computer.

Een vraag die heel veel fotografen zich stellen is of je nu best werkt met één grote catalogus of met meerdere. Veel beginners maken in het begin voor elk project een nieuwe catalogus aan. Dat is niet echt handig. Je moet al goed weten welke foto’s je waar hebt staan, want je kan niet meerdere catalogi tegelijkertijd openstaan hebben. De kracht van Lightroom Classic om doorheen massa’s foto’s te zoeken ben je hiermee kwijt.

Vorige week kreeg ik de vraag van iemand of ik foto’s van de Broeltorens van Kortrijk kon doorsturen. Ik heb die torens door de jaren heen in verschillende opdrachten voor de stad en voor dienst toerisme al heel veel gefotografeerd. Het zou onbegonnen werk zijn om elke aparte catalogus te openen en te zoeken op ‘Broeltorens’. Met alle foto’s in één grote catalogus is dat een fluitje van een cent. Op de vraag of een catalogus met gigantisch veel foto’s dan de werking van Lightroom Classic vertraagt, antwoordt Adobe zelf met ‘nee’.

Importeren

Als je foto’s importeert in je catalogus maakt Lightroom Classic een kleine voorvertoning op je snelle schijf, terwijl de zware RAW-bestanden op een andere externe schijf staan. Bij het importeren zelf kan je kiezen hoe groot of hoe klein je die voorvertoningen wilt hebben. Hoe groter ze zijn, hoe langer de import duurt en hoe meer plaats ze innemen op je computer. Toch vind ik het de moeite om de grootst mogelijk te nemen. Als je door je foto’s gaat om te selecteren zijn het die previews die je te zien krijgt. Bij 1:1 zijn ze groot genoeg om voldoende in te zoomen zodat je de scherpte goed kan controleren. Dat gebruiksgemak vind ik meer dan de moeite waard. En van het wachten maak ik met plezier een koffiepauze.

Ik importeer mijn beelden altijd in de grootte 1:1. Dat kost wat meer tijd, maar staat me later toe om ze goed te controleren.

Onder de voorvertoningen zie je de mogelijkheid om slimme voorvertoningen te maken. Dat is niet hetzelfde als de gewone voorvertoningen. De gewone zijn previews waarop je je foto kan beoordelen. Deze kan je niet bewerken. Als je externe harde schijf niet aangesloten is en je gaat naar de ontwikkelmodule, dan krijg je de melding dat het bestand niet kan gevonden worden. In de filmstrip komt een uitroepingsteken op de thumbnail.

Met slimme voorvertoningen kan je wel werken in de ontwikkelmodule zonder je originele foto’s. Dat is geweldig handig als je veel onderweg bent en je niet steeds je harde schijf met al je foto’s mee wilt nemen. Slimme voorvertoningen laten je toe om alle bewerkingen uit te voeren. Eens je de harde schijf met de RAW-beelden aansluit worden al die bewerkingen overgenomen op de originele bestanden.

De slimme voorvertoningen zijn zelfs groot genoeg om te exporteren voor het web. Voor een printversie heb je wel het origineel beeld nodig.

Heb je geen slimme voorvertoningen gemaakt bij de import en wil je later offline werken, dan kan je ze nadien nog altijd bijmaken.

Je kunt gewone voorvertoningen later altijd veranderen in slimme.

Mappen en verzamelingen

De foto’s op mijn externe harde schijf zet ik per jaar in een aparte map. Bij elke shoot geef ik de map de naam met jaar-maand-naam van de shoot zodat ik snel zie waarover die map gaat.

Ik plaats de foto’s van een shoot in een map met de naam jaar-maand-naam van de shoot zodat ik snel zie welke beelden er in die map staan.

Naast deze fysieke mappenstructuur maak ik nog een andere indeling aan in  Lightroom Classic zelf. Links zie je het tabblad Verzamelingen. Per opdracht maak ik een verzamelset aan met de naam van de opdracht. In die set maak ik een gewone verzameling met alle foto’s van die opdracht en nog een aantal slimme verzamelingen. Je herkent ze aan het wieltje op de map. Die zijn cruciaal in mijn workflow. Ik kom hier later op terug.

Een slimme verzameling herken je aan het wieltje op de map.

Selecteren

Eens alle foto’s geïmporteerd zijn komt de taak waar ik altijd geweldig tegenop zie en dat is het selecteren. Ik maak sowieso al niet onnodig veel opnames. Hoe meer je er maakt, hoe meer werk je nadien hebt om je beste beelden eruit te kiezen. Ik maak liever extra tijd bij opname om een goede kadrage te kiezen en te letten op een correcte belichting.

Bij elke opdracht ga ik eerst heel snel door al mijn beelden. Alles wat onbruikbaar is krijgt met de sneltoest ‘x’ een zwarte vlag. Als deze toegekend zijn selecteer ik die allemaal en verwijder ze. Het programma geeft je de mogelijkheid om te verwijderen uit Lightroom Classic alleen of ook van de harde schijf. Ik verwijder ze helemaal, want ik zie geen enkele reden om slechte foto’s te willen bewaren.

Lightroom Classic geeft je de optie om de foto’s alleen uit de catalogus van het programma te verwijderen, of geheel van de harde schijf.

Bij de tweede ronde werk ik met kleurenlabels. Zoals ik reeds vermeldde bij de mappenstructuur, maak ik in  Lightroom Classic onder verzamelingen ook nog een structuur aan. Een gewone verzameling bevat alle foto’s van de shoot. Dat maakt het gemakkelijk om ze snel terug te vinden. Dan maak ik vier slimme verzamelingen met een uniek trefwoord (hier ‘Festival Vlaanderen 2019’) dat ik aan de foto’s gegeven heb en met een kleur:

•          rood : geselecteerd
•          geel : reserve
•          groen : bewerkt
•          blauw : verstuurd

Alles wat ik de moeite vind om in eerste instantie te houden krijgt de kleur rood (sneltoets 6) en de twijfelgevallen krijgen geel (sneltoets7). Rood gaat naar de slimme verzameling ‘geselecteerd’ en geel naar de slimme verzameling ‘reserve’. Sterren gebruik ik in dat proces niet. Ik wil niet gaan tobben of een foto voor mij nu 1, 2, 3, 4 of 5 sterren waard is. Ze is goed of niet goed.

In de map ‘geselecteerd’ staan nu veel foto’s die varianten zijn van hetzelfde en waarvan ik alleen de beste wil overhouden. Met een reeks foto’s geselecteerd kan je ze samen op één scherm zetten met het selectiegereedschap. Van de minst mooie foto verander ik het label van rood naar geel (sneltoets 6). Deze verdwijnt uit de selectie want ze zit niet meer in de map ‘geselecteerd’ en gaat naar de slimme verzameling ‘reserve’. Dan kies ik opnieuw de minst mooie en herhaal dit tot er maar één foto overblijft. De laatste blijft rood en dus in de slimme verzameling ‘geselecteerd’ zitten.

De foto’s die overblijven in de map geselecteerd zijn nu klaar om te bewerken.

De foto’s die overblijven in de map geselecteerd zijn nu klaar om te bewerken.

Ontwikkelen

Als je in RAW fotografeert, dan krijg je een beeld dat recht uit de camera zeer flets is. Je kan het zien als een digitaal negatief dat nog moet ontwikkeld worden. Alle informatie zit in je beeld maar je moet het nog bijwerken om die eruit te halen.

Standaard doe ik altijd dezelfde basisontwikkelingen. Eerst en vooral zet ik mijn foto recht. Ik probeer dat zo goed mogelijk al tijdens de opname te doen maar niemand is perfect en een scheve horizon wil je niet hebben. Vervolgens kies ik het juiste profiel voor de foto. Lightroom komt met een aantal voorgedefinieerde Adobe-profielen, die niet merkgebonden zijn zoals kleur, landschap et cetera. Daaronder kan je bladeren naar profielen die merkgebonden zijn. Bij mij zijn dat de Fuji-profielen. Die geven een goede startpositie voor de look waar je voor gaat.

Klik op bladeren om bij de merkgebonden te geraken. Die geven een goede startpositie voor de look waar je voor gaat.

De zwart-wit ACROS met roodfilter geeft naar mijn smaak een zeer mooie zwart-wit omzetting waarbij na keuze van dit profiel nog weinig veranderd moet worden. Uiteraard kan je overal nog bijsleutelen, maar met zo’n vertrekpunt heb je als je wilt al een mooi startresultaat.

Maar ik werk meestal in kleur. Hierbij kies ik het profiel dat het dichtst bij mijn smaak ligt om mee te starten en dat is Classic Chrome.

Wat ik bij elke foto doe is de hooglichten iets naar beneden halen en de schaduwen wat optrekken, de witte tinten iets naar boven en de zwarte tinten iets naar beneden. Hiermee breng je meer contrast in je beeld dat een mooier effect geeft dan werken met de schuiver contrast. Daar blijf ik af. Vervolgens breng ik textuur en helderheid een tikje naar boven om de foto wat scherper te maken en dat is het dan voor de algemene bewerkingen.

Elke foto krijgt een licht vignet zodat de randen iets donkerder zijn dan het midden waardoor die meer aandacht krijgt. En dat is het dan voor alle foto’s.

Van mijn basisstappen heb ik een voorinstelling gemaakt, die ik toepas op alle foto’s.

Zoals je ziet zijn hier alleen de bewerkingen aangevinkt voor de bewerkingen die ik op al mijn foto’s uitvoer. Transformatie en witbalans zijn typische bewerkingen die foto per foto gedaan worden. Die vink je uit. Met zo’n preset spaar je gigantisch veel tijd uit. Alle foto’s in de map ‘geselecteerd’ worden met één klik bewerkt.

Vervolgens heb ik presets die eigen zijn aan specifieke omstandigheden. Voor deze reeks is dat de preset ‘concertfotografie’, die de ruisreductie als gevolg van de hoge ISO aanpakt. Ook deze wordt losgelaten op alle foto’s van de reeks. Op het einde ga ik door alle foto’s die doe aanpassingen die specifiek zijn voor elke foto apart.

Eens de foto dan volledig bewerkt is, verander ik het label van rood naar groen. Zo gaat ze automatisch uit de verzameling ‘geselecteerd’ naar ‘bewerkt’. Dat is voor mij zeer handig. Ben je volop aan het werk en word je daarbij onderbroken, dan moet je niet gaan zoeken welke foto’s je wel afgewerkt heb en welke niet.

Afgewerkt beeld met nog enkele kleine aanpassingen voor dat ene beeld. Hier is de harp aan de linkerrand een stuk donkerder gemaakt en nog een paar kleine zaken die teveel de aandacht afleiden van ons onderwerp.

Export

Als ik werk voor klanten lever ik alle bruikbare foto’s steeds in hoge resolutie voor print en in lage resolutie voor het web aan. Voor die twee heb ik een preset gemaakt. De lageresolutiebeelden exporteer ik op 1200 pixels voor de lange rand en met een kwaliteit van 60. Dat geeft een goede webresolutie.

Voor de hogeresolutiebeelden staat afbeeldingsgrootte uitgevinkt, zodat het volledige formaat gebruikt wordt en staat de kwaliteit op 100.

Eens de foto’s geëxporteerd zijn, zet ik van alle foto’s de label op blauw en staan ze in de map ‘verstuurd’. Nadat ze ook effectief aan de klant bezorgd zijn verwijder ik de geëxporteerde foto’s terug. Die heb ik niet meer nodig.

De hele verzameling plaats ik in een grote container met de naam ‘Afgewerkte projecten’ om het overzicht in de lijst verzamelingen te behouden. Is de klant zijn foto’s kwijt en vraagt hij ze terug op een jaar later of meer, dan staat alles wat ik hem bezorgd heb onder ‘Afgewerkte projecten’ in de slimme verzameling ‘verstuurd’.

Alle beelden die ik klanten heb bezorgd, staan onder ‘Afgewerkte projecten’ in de slimme verzameling ‘verstuurd’.

Conclusie

Dat is in een notendop hoe ik mijn fotoshoots in Lightroom Classic organiseer en bewerk. Ben je nog niet vertrouwd met het programma, dan is veel van wat hier staat waarschijnlijk Chinees. Maar mensen die reeds een tijdje werken met het programma gaan hier hopelijk wat aan hebben. Met vallen en opstaan kom je uiteindelijk tot een workflow die voor jou werkt. Die zal voor iedereen anders zijn.

Mijn werkwijze heb ik met hulp van anderen beetje bij beetje opgebouwd tot iets wat mij goed past. Hopelijk kan een inkijk je helpen om hierin snel je eigen weg te vinden. Ben je nog helemaal nieuw, dan kan ik je op weg zetten met een eendaagse workshop waar ik in kleine groepjes helemaal van nul start. Omdat niet iedereen zich comfortabel voelt om met anderen in eenzelfde ruimte te zitten, heb ik er ook een online versie van gemaakt. Meer info vind je op kattoo.be/workshops-fotografie.

Dit artikel werd geschreven door Kattoo Hillewaere. In het verleden schreef zij voor Shoot ook al een uitgebreid artikel over bedrijfsfotografie. Meer foto’s en achtergrond kan je terugvinden op Kattoo.be.



Wil je beter leren fotograferen?

Neem dan een abonnement op Shoot Magazine (8x per jaar).

Shoot is hét fotografiemagazine voor en door enthousiaste fotografen. In Shoot vind je de beste tips en trucs, workshops en cursussen voor geslaagde foto’s, de knapste fotoplekjes in België, de helderste uitleg over fotografietechnieken, tests van nieuwe camera’s, lenzen en meer, plus foto’s van de beste Belgische fotografen.


LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in