Op de hoogte blijven van onze nieuwste artikelen?

Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief en ontvang elke week onze beste artikelen in je mailbox.


Een 360°-foto is een interactieve foto waar je vanuit één standpunt de volledige omgeving kan zien. Je kan in de foto rondkijken alsof je in de ruimte staat op de plaats van de fotograaf. Als je 360-gradenfoto’s van meerdere ruimtes met hotspots aan elkaar linkt, kan je in principe van de ene ruimte naar de andere gaan. Zo creëer je een zogenaamde virtuele tour. Dat bestaat al een tijdje, maar het hoeft geen uitleg dat door de covid-19-lockdown dit medium een geweldige boost heeft gekregen. Vele zaken werden gedwongen om alternatieven te zoeken voor fysieke bezoeken, en dat op een hele korte tijd.

In het begin van de tweede lockdown ben ik me hierin gaan verdiepen. Ik heb heel veel tours bekeken om te zien wat er bestaat en welke mogelijkheden ze bieden. Voordat ik er zelf mee zou starten, wou ik heel goed weten waarin ik moest investeren. Enerzijds heb je materiaal nodig voor de opnames van de 360°-foto’s. Dat kan met een gewone camera of met een speciaal hiervoor ontworpen camera – verderop in dit artikel vertel ik wat de voor- en nadelen van de twee opties zijn. Vervolgens heb je software nodig om de gemaakte foto’s te bewerken, om ze als het ware aan elkaar te lassen tot een 360°-beeld en ze daarna samen te brengen tot een tour. Welke software de beste keuze is, is ook afhankelijk van werken met een normale of een 360°-camera.

De voor- en nadelen van de verschillende opties deel ik hier graag met jullie zodat jullie sneller dan mij de juiste keuzes kunnen maken bij het starten met het maken van je eigen tours. Weten waarop je moet letten zal je al veel tijd schelen.

360°-beelden met je eigen camera

Als fotograaf heb je al een goede camera, lenzen en waarschijnlijk ook een degelijk statief. Daarom lijkt de keuze om hiermee te werken voor de hand liggend, maar er komt wel nog heel wat bij kijken.

In principe kan je elke lens gebruiken. Hoe breder de lens (hoe kleiner de brandpuntsafstand), hoe minder opnames je nodig om een hele ruimte in beeld te hebben. Dus de meest evidente keuze is een fisheye lens. Hiermee heb je minimaal vier beelden nodig om de gehele ruimte horizontaal rondom vast te leggen, gecombineerd met één van het plafond en één van de vloer. De beelden moeten voldoende overlap hebben om ze nadien softwarematig probleemloos aan elkaar te zetten. Zes foto’s is een minimum, maar meestal zijn dat er meer. Als je naar een raam toe fotografeert heb je al meerdere belichtingen van datzelfde beeld nodig, als je zowel de donkere als de lichte partijen goed belicht wilt hebben. En van de vloer is het gemakkelijker om nadien het statief weg te werken als je minstens twee verschillende opnames hebt.

Heb je geen fisheyelens, dan kan je met vier foto’s rondomrond de ruimte van onder tot boven niet coveren. Dan heb je een reeks nodig vanop ooghoogte, een reeks van alles erboven en nog een reeks van alles eronder. Je kan wel raden dat het aantal opnames dat je in de praktijk nodig hebt voor één enkel 360°-beeld heel snel kan oplopen op die manier.

Om de beelden nadien naadloos aan elkaar te kunnen zetten moeten de foto’s allemaal precies vanuit het middelpunt van de sensor gemaakt zijn. Met een gewoon statiefhoofd lukt dat niet. Hiermee draait de camera in een boog en niet in een cirkel, waardoor je parallaxfouten krijgt. Dat betekent dat een onderwerp op de voorgrond verandert van positie ten opzichte van de achtergrond. Je kan dat vergelijken met het kijken naar een voorwerp dichtbij, terwijl je eerst je ene en daarna je andere oog bedekt. Het voorwerp op de voorgrond lijkt te verspringen van plaats ten opzichte van de achtergrond. Datzelfde effect krijg je als je foto’s maakt van een ruimte waarbij je niet rond dat draaipunt werkt. Dat draaipunt is voor elk objectief anders.

Met parallaxfouten krijg je de beelden niet automatisch aan elkaar gezet. Om dat te verhelpen heb je een panohead nodig. Hiermee kan je je camera met bijhorende lens perfect afstellen op dat middelpunt. Deze kalibratie doe je bij elke shoot.

Om parallaxfouten bij het 360-gradenfoto’s te voorkomen gebruik je een panohead.

Beelden plakken

Na het maken van de foto’s kan je ze in Lightroom binnenbrengen. Dat heeft het voordeel dat je één foto kan bewerken en vervolgens alle andere synchroniseert, zodat alle foto’s dezelfde look krijgen. Hier pas je waar nodig de witbalans, de kleuren, de belichting en het contrast aan.

Na deze eerste bewerkingen gaan ze vervolgens naar Photoshop om het statief en eventuele andere storende elementen weg te werken. Heb je meerdere foto’s gemaakt om hoge contrasten te overbruggen, dan kan je deze nu ook in Photoshop samenvoegen tot één beeld.

De bewerkte en samengevoegde foto’s zijn nu klaar om in een stitchingprogramma aan elkaar te zetten. Een programma dat veel gebruikt wordt hiervoor is PTGui. Na heel wat research lijkt dit zowat de standaard te zijn, maar uiteraard zijn er nog veel andere mogelijkheden. Zelf werk ik niet met een normale camera bij mijn 360-gradenfotografie en dus ook niet met deze software, maar straks hierover meer.

Werken met een 360°-camera

De tweede optie is om te werken met een gespecialiseerde 360°-camera. Deze camera is zo ontworpen dat je maar één opname nodig hebt om een 360°-beeld te maken. Dat maakt de workflow behoorlijk korter en makkelijker. Van opname tot eindresultaat is zoveel eenvoudiger en sneller dan werken met een normale camera. Dat heeft me doen kiezen om hiermee te werken, ook al betekende het toch weer een extra investering in een nieuw toestel. Dergelijke camera’s vind je vanaf een 400 euro, maar als je er professioneel mee aan de slag wilt, hebt je toch wel minstens de kwaliteit van een Ricoh Theta Z1 nodig. Die kost dan weer tegen de duizend euro.  Er zijn zeker nog andere camera’s die dezelfde kwaliteit bieden verkrijgbaar, maar na veel zoeken kwam ik steeds bij deze uit. Ze heeft een grotere sensor dan de meest andere 360°-camera’s. Daardoor geeft ze een zeer goede beeldkwaliteit, die heel verrassend is voor zo’n compact toestel. Ze heeft ook de optie om in RAW te fotograferen en alles manueel in te stellen. Dat maakt ze als fotograaf uniek en geschikt voor professioneel werk.

De Ricoh Theta Z1 van vier kanten gefotografeerd.

Met de gratis Dual Fisheye plug-in is de camera in staat om negen foto’s met verschillende belichtingen te maken. En dat in RAW, zodat het dynamisch bereik van elke foto geweldig groot is. Bovendien voegt de camera zelf de beelden samen tot één HDR-beeld, zodat ook deze stap in de workflow wegvalt. Aangezien de twee fisheyelenzen aan beide zijden van het toestel de volledige ruimte zien, moet de camera niet ronddraaien en ben je meteen ook af van de kans op parallax-fouten.

Als je dit vergelijkt met het werken met een klassieke camera scheelt dat toch een hoop werk en kennis van zaken. Eens je instellingen goed staan, zet je gewoon de camera neer. Je zorgt dat ze mooi horizontaal staat en niet te dicht bij grote voorwerpen waar de stitchinglijn kan doorlopen. Je zet de zelfontspanner aan of je bestuurt de camera vanop je smartphone. Daarna maakt ze negen RAW-bestanden met een belichtingstrapje vanop één enkele plaats en voegt die bestanden ook nog voor je samen tot één HDR-foto – en klaar ben je.

De Theta Z1 maakt met een gratis plug-in helemaal zelfstandig meerdere beelden en vormt daarmee één HDR-foto.

Theta-beelden bewerken

Deze beelden haal je net zoals bij de eerste methode binnen in Lightroom om de witbalans, belichting, contrast, kleuren en dat soort zaken aan te passen. Vanuit Lightroom kan je ze weer openen in Photoshop om de statiefpoten weg te werken en ander retouches te doen. Daarna gaan ze terug naar Lightroom. Van hieruit kan je ze openen in het stitchingprogramma dat Ricoh met de Theta meelevert.

De beelden van de Ricoh Theta Z1 kan je gewoon in Photoshop bewerken.

Je hebt geen extra software zoals bij 360°-fotografie met je eigen camera nodig. En ook de beelden van deze 360°-camera zijn compatibel met Lightroom, zodat je binnen deze omgeving kan blijven werken. En als je erop let dat je bij je opnames nooit te dicht bij een groot voorwerp staat, dan werkt de automatische optie zeer goed. Je selecteert in Lightroom alle beelden samen, rechterklik om ze te openen in Ricoh Theta Stitcher en laat het programma zijn werk doen. Je sluit ze af en je komt automatisch weer in Lightroom terecht.

Kwaliteit

De gratis DualFisheye plug-in maakt het mogelijk om tot negen RAW-bestanden te maken met belichtingstrapjes en deze in camera zelf tot één enkel beeld samen te voegen. Dit levert een HDR-beeld met een grootte van 7296 x 3648 pixels op. Dat is op zich niet spectaculair, maar het dynamisch bereik ervan is zeer hoog. Het beeld is in eerste instantie heel donker en je moet het echt extreem compenseren om in de donkere partijen iets te zien. Maar zelfs bij deze vergaande bewerkingen is de ruis minimaal en de beeldkwaliteit verrassend goed. Wat wel opvalt is dat ze snel last hebben van chromatische aberratie. Dat zijn paarse of blauwe lijnen die vooral voorkomen aan de randen van ramen. Maar die zijn vrij gemakkelijk en snel weg te werken in Lightroom.

Uiteraard zijn beelden gemaakt met een goede spiegelreflex- of systeemcamera van superieure kwaliteit, zeker als je een goede lens gebruikt. Aangezien één enkel beeld uit zo’n camera al snel 6000 x 4000 pixels groot is, dan krijg je gigantische bestanden wanneer je meerdere foto’s aan elkaar plakt. Deze techniek is de enige goede keuze als je een tour nodig hebt waar je heel ver moet kunnen inzoomen op details. Ik denk hier aan kerken en musea. Maar voor immo, scholen, showrooms en dergelijke is dat meestal niet nodig. Dan heb je ruim voldoende aan de kwaliteit van een 360-gradencamera als de Theta Z1.

Software voor de tour

Eenmaal de beelden zijn gemaakt en aan elkaar gezet tot 360°-panorama’s, is het tijd om ze samen te voegen. Op die manier maak je een tour waarin je je van de ene ruimte naar de andere kan verplaatsen. Net als bij aankoop van materiaal voor opname heb ik ook hierbij veel tijd gespendeerd om zeker te zijn van de juiste keuze voor mij. Het was niet gemakkelijk om uit het grote aanbod te kiezen. Waar moet je zoal op letten? Welke prijs betaal je en wat krijg je ervoor? Ik zet even op een rij welke overwegingen voor mij de belangrijkste waren bij die keuze.

Gebruiksgemak

Hoe intuïtief is de software om mee te werken? Kan je gemakkelijk aan de slag zonder uren tutorials te moeten doorlopen om de software te kunnen gebruiken? En hoelang duurt het om een tour af te werken van begin tot einde?

Navigatie en overgang tussen de beelden

Veel tours zijn heel stuntelig en beperkt in de navigatiemogelijkheden. Ze verspringen heel schokkering van de ene plaats naar de andere. Of je kan je alleen lineair bewegen van de ene plaats naar de andere zonder de mogelijkheid om zelf de volgorde te kiezen of om snel eens terug te gaan naar een plaats die niet paalt aan de plek waar je je bevindt.

Met een interactieve map weet je ook na vele kliks nog waar je bent in je virtuele tour.

De betere tours voorzien een navigatiestrook onderaan of opzij waar je op icoontjes van de ruimtes kan klikken. Zo kan je zelf kiezen in welke volgorde je gaat. En dan zijn er nog tours die een interactieve map hebben. Daarin klik je gelijk welke ruimte aan om er direct naartoe te gaan. Zo’n map helpt je ook om je te oriënteren. Zonder die optie is het soms echt moeilijk om na vele kliks nog te weten waar je bent.

Personaliseren

Niet alle softwarepakketten maken het mogelijk om veel te personaliseren. De tours die je ermee uit zien er al rap hetzelfde uit. Bij sommige kan je de kleur en het lettertype aanpassen, en dat is het. Bij andere kan je dan al iets meer, maar staan alle elementen steeds op een vaste plaats. De mogelijkheid hebben om de huisstijl van de klant in de tour te brengen was voor mij vrij essentieel in mijn zoektocht. Hiermee werd de keuzestress al snel minder.

Ook gepersonaliseerde hotspots kunnen een toegevoegde waarde voor je virtuele tour zijn.

Responsive

Van websites verwacht je intussen al dat ze evengoed werken op een desktopscherm als op een smartphone. Bij de meeste tours die ik bezocht heb was dat zeker niet het geval. Ook dat moest zeker mogelijk zijn voor mij en werd de keuze weer een pak kleiner.

Hosting

Bij welke hostingdienst komt de tour te staan eens ze gemaakt is en wat is het kostenplaatje hiervan? Sommige softwarepakketten nemen de hosting op zich en je betaalt er per tour die je erop zet. Dat start soms heel goedkoop, maar als je klantenbestand oploopt kan dat wel erg prijzig worden. De mogelijkheid om een tour zelf te hosten was voor mij absoluut een must. Zo heb ik alles zelf in de hand en lopen de kosten niet onverwacht op.

Sommige virtuele tours bieden een fotoalbum waarin je hoge-resolutiebeelden kan integreren.

Extra’s

Tijdens mijn zoektocht zag ik heel veel extra features die een tour naar een hoger niveau tillen. Voorbeelden daarvan zijn het embedden van hoge resolutiebeelden, video, tekst, informatiekaarten et cetera. Dit zijn precies die extra’s die zorgen dat het eindresultaat zeer gebruiksvriendelijk is en er professioneel uitziet. Bovendien geven ze je de mogelijkheid om in te gaan op de specifieke noden van je klant.

Al deze overwegingen brachten mij bij 3DVista. Dit is niet meteen het goedkoopste pakket, maar het scoort op alle punten die ik belangrijk vind zeer hoog. Vind je het een luxe dat je je van de hosting niets moet aantrekken, dan zal je keuze er waarschijnlijk anders uitzien.

Conclusie

De virtuele tour is in ons leven gekomen om niet meer te verdwijnen, daar ben ik van overtuigd. Door corona is dat wel heel snel gegaan en er is nog heel veel ruimte voor verbetering. Maar de trend is gezet. Wil je die trein niet missen, dan is het volgens mij nu wel het moment om ermee te starten. Welk materiaal je hiervoor gebruikt en welke softwarepakketten het meest geschikt zijn voor jou hangt helemaal af van je eigen manier van werken. Ik hoop dat ik je met dit artikel heb kunnen helpen om de juiste keuze te maken en om een zicht te hebben op de consequenties van die keuze.

Enkele voorbeelden van tours die ik gemaakt heb met de Richo Theta Z1,  de Dual Fisheye plug-in en 3DVista en kan je zien op mijn website kattoo.be/virtuele-tours.



Wil je beter leren fotograferen?

Neem dan een abonnement op Shoot Magazine (8x per jaar).

Shoot is hét fotografiemagazine voor en door enthousiaste fotografen. In Shoot vind je de beste tips en trucs, workshops en cursussen voor geslaagde foto’s, de knapste fotoplekjes in België, de helderste uitleg over fotografietechnieken, tests van nieuwe camera’s, lenzen en meer, plus foto’s van de beste Belgische fotografen.


LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in