Filters hebben een vaste plaats in het arsenaal van een landschapsfotograaf. Ze bieden je de mogelijkheid om het licht in de scène onder controle te krijgen.

Filters hebben een vaste plaats in het arsenaal van een landschapsfotograaf. Ze bieden je de mogelijkheid om het licht in de scène onder controle te krijgen.

Een doorgewinterde landschapsfotograaf is altijd op zoek naar het juiste licht. Dat licht geeft een foto immers kleur, diepte en vooral ook sfeer. Een sterke foto is zelden een toevalstreffer, maar eerder het resultaat van meerdere pogingen en lang wachten op de perfecte zonsop- of ondergang.

Licht onder controle
De grootste uitdaging echter is niet het fotograferen bij het beste licht, maar datzelfde licht onder controle te krijgen. Elke fotograaf herinnert zich ongetwijfeld nog die begindagen wanneer het enthousiasme in het veld snel bekoeld werd bij het thuiskomen, bij het zien van een fout belichte foto.

Had je de lucht goed belicht, was plots alle detail en kleur uit de voorgrond verdwenen. Ook de omgekeerde situatie is de doorsnee fotograaf niet onbekend: de voorgrond was goed belicht, maar de lucht en de wolken werden één groot detailloos wit vlak, waardoor het resultaat in niets meer op die prachtige zonsopgang leek.

Wanneer we naar een landschap kijken hebben onze ogen geen enkel probleem om het enorme contrastverschil tussen de felle lucht en een donkere voorgrond waar te nemen. Een camera heeft die beperkingen echter wel, waardoor we bij contrastrijke scènes vaak detail in de lichte en de donkere partijen verliezen, omdat de camera er niet in slaagt ze beide goed weer te geven.

In dergelijke situaties zijn filters van essentieel belang. Grijsverloopfilters helpen je namelijk de beperkingen in het contrastbereik van de camera te omzeilen en zo toch een perfect belichte foto af te leveren.

Vooroordelen
Het gebruik van filters brengt vaak negatieve connotaties met zich mee. Gefilterde foto’s worden meer dan eens gelijkgesteld met gemanipuleerde beelden, onnatuurlijke kleuren of rare effecten. Deze veralgemeningen komen echter voort uit onwetendheid en geven een fout beeld van de mogelijkheden die filters bieden. 

De meeste filters veranderen helemaal niets aan het beeld dat we met onze ogen waarnemen: ze helpen ons daarentegen het landschap te fotograferen zoals het was, door de beperkingen van de camera aan te vullen. Filters kunnen immers van een zwakke foto nooit een prachtplaatje maken: het licht, de compositie en de omstandigheden moeten nog steeds perfect zijn.

Daarnaast compenseren filters evenmin hard of slecht licht; wie sfeer, gevoel en kleur in zijn/haar foto’s wil, zal nog steeds vroeg uit de veren moeten om dat unieke ochtendlicht op de gevoelige plaat te kunnen vastleggen.

Filtersystemen

We onderscheiden twee soorten filtersystemen: schroeffilters en schuiffilters.

Schroeffilters hebben een ronde vorm, bestaan uit glas en worden met behulp van een schroefdraad vooraan op de lens gemonteerd. Doordat de filtermaat afhangt van de lensdiameter, heb je steeds meerdere filters nodig. Schroeffilters zijn minder flexibel in gebruik omdat ze steeds op een vaste positie voor de lens zitten. In het geval van een grijsverloopfilter kan de overgang tussen het donkere en het lichte deel niet vrij bepaald worden, waardoor deze filters de fotograaf in compositie en creativiteit beperken.


Een schroeffilter

Het combineren van meerdere schroeffilters is mogelijk, maar moeilijk: de kans op vignettering stijgt aanzienlijk bij het combineren van verschillende types filters. De filters zijn echter wel een stuk goedkoper dan de schuiffilters, waardoor ze voor veel fotografen de eerste keuze zijn in de kennismaking met het gebruik van filters.

Het tweede type, de schuiffilters, bevestig je met behulp van een filterhouder en een adapterring op de lens. Deze filters zijn een stuk veelzijdiger, doordat meerdere filters gemakkelijk gecombineerd kunnen worden. De kans op vignettering is dan ook veel kleiner.

Doordat deze filters in een filterhouder geplaatst worden, kan je de overgang tussen licht en donker heel precies bepalen. Een schuiffiltersysteem is niet goedkoop, maar met behulp van adapterringen met de diameter van de lens kan je de filters wel voor elke lens gebruiken en blijft het dus bij één investering. 

Schuiffilters zijn meestal gemaakt van plastic en dus gevoeliger voor krassen en breuk dan glazen schroeffilters.

 



Schuiffilters worden met filterhouder en adapterring voor de camera gezet. (© LEE Filters)

Soorten filters

Naast de twee filtersystemen bestaan er ook verschillende soorten filters. Drie filters zijn zinvol voor een landschapsfotograaf: de grijsverloopfilter, de grijsfilter en de polarisatiefilter.

Grijsverloopfilters
Grijsverloopfilters of graduated neutral density filters worden ongetwijfeld het vaakst gebruikt bij landschapsfotografie. Vaak zijn ze noodzakelijk om het landschap op een correcte manier te kunnen fotograferen.

Een grijsverloopfilter bestaat steeds uit een licht en een donker gedeelte, waarbij het donkere gedeelte in de meeste gevallen voor de lucht gepositioneerd wordt. Dit reduceert het licht dat op de sensor valt en verkleint het contrastverschil tussen de lucht en de voorgrond. Daardoor krijg je meer detail in de lucht en de voorgrond.

Grijsverloopfilters bestaan in verschillende sterktes die doorgaans 1, 2 of 3 stops licht tegenhouden (een stop is een verdubbeling of halvering van de hoeveelheid licht). Daarnaast kunnen verschillende filters gecombineerd worden om zo nog meer licht te filteren.

Zachte of harde overgang
Grijsverloopfilters zijn beschikbaar met een zachte of een harde overgang tussen het donkere en het lichte gedeelte. Beide hebben voor- en nadelen.

Filters met een zachte overgang zijn doorgaans iets gemakkelijker te plaatsen en door de zachte overgang vallen fout gepositioneerde filters minder snel op. Ze zijn het best te gebruiken in situaties waar objecten (zoals bomen) boven de horizon uitsteken.

Wegens de zachte overgang filteren deze filters naar het midden toe minder licht. Dat is vooral problematisch bij het fotograferen van zonsop- en ondergangen, waar het licht in het midden net het sterkst is. Door de geleidelijke overgang krijgen de foto’s vaak een ongelijke verkleuring in de lucht.

Filters met een harde overgang filteren zowel bovenaan als in het midden evenveel; de lucht is bijgevolg mooi egaal gekleurd. Wanneer deze filters perfect gepositioneerd zijn en de overgang tussen licht en donker correct verborgen wordt, dan oogt het resultaat meestal natuurlijker. Worden ze niet perfect geplaatst, dan zie je echter opvallende fouten bij de overgang tussen licht en donker. Ze zijn minder bruikbaar wanneer meer filtering nodig is en wanneer er objecten boven de horizon uitsteken.

De voor- en nadelen van beide types in acht genomen, raad ik de beginnende fotograaf de gebruiksvriendelijke grijsverloopfilters met een zachte overgang aan. Voor de meer ervaren fotograaf zullen ook filters met een harde overgang onontbeerlijk worden. Bij die laatste oogt het resultaat, indien ze goed worden gebruikt, vaak ook natuurlijker dan bij filters met zachte overgang. Idealiter beschikt een fotograaf dus over beide types, om zo iedere situatie de baas te kunnen.



Een grijsverloopfilter met een harde (links) en zachte (rechts) overgang (© LEE Filters)

Grijsverloopfilters in de praktijk

Het is uiteraard de bedoeling dat de kijker niet merkt dat er filters zijn gebruikt. Daarom moeten grijsverloopfilters nauwkeurig gepositioneerd worden om geen sporen na te laten. Het gebruik van de scherptediepte-preview of de live-view van je camera kan uitstekend helpen om het effect van de filter te beoordelen.

Daarnaast moet je de hoeveelheid filtratie correct bepalen. Dat kan op twee manieren. Ten eerste kan je met behulp van spotmeting bepalen hoeveel stops lichtverschil er tussen het lichtste en het donkerste gedeelte van de foto zitten. Deze methode is zeer precies, maar vaak erg omslachtig.

Gebruik het histogram
Je kunt de filtratie ook bepalen aan de hand van het histogram. Maak een testfoto zonder filter en bekijk het histogram, en let op over- en onderbelichte delen. Plaats nu een filter voor de lens en maak opnieuw een testfoto. Controleer opnieuw het histogram en herhaal dat tot de belichting goed zit. Je start hierbij het best met de minst sterke filter, om zo de hoeveelheid filtratie langzaam op te bouwen.

Als ervaren fotograaf haal ik zelf steeds veel voldoening uit het correct belichten van foto’s in het veld met behulp van filters. Het blijft een hele uitdaging om alles op dat ene moment perfect op elkaar af te stemmen. Toch bestaan er ook digitale technieken zoals exposure blending en HDR (high dynamic range) om het contrastbereik achteraf onder controle te krijgen. Deze technieken vormen in moeilijke situaties een mooie aanvulling op het gebruik van filters. (Over HDR kon je ook meer lezen in Shoot 10.)

Grijsverloopfilters in Lightroom
Heb je Lightroom 2, dan kan je ook digitale grijsverloopfilters gebruiken. Die kunnen onder meer de belichting, het contrast, de saturatie en de helderheid van de lucht of de voorgrond wijzigen en zo ‘echte’ grijsverloopfilters gedeeltelijk vervangen. Wanneer echter de lucht te veel uitgebeten is, dan zal het aanpassen van de belichting met een digitale grijsverloopfilter of het herstel van de hooglichten nooit tot een mooi en natuurlijk resultaat leiden.

Hetzelfde geldt wanneer de voorgrond te veel opgelicht zou moet worden. De digitale grijsverloopfilters gebruik ik persoonlijk als een aanvulling op grijsverloopfilters om bij sommige foto’s de lucht nog iets donkerder te maken of wolken nog iets meer te laten spreken.

Grijsverloopfilters bestaan in verschillende sterktes. (© LEE Filters)

Grijsfilters

In tegenstelling tot grijsverloopfilters zijn grijsfilters volledig donker. Hun functie is dan ook een stuk eenvoudiger: deze filters houden al het licht tegen.

In de praktijk worden deze filters bij landschapsfotografie vooral gebruikt om een langere sluitertijd mogelijk te maken, bij het fotograferen van bepaalde effecten op stromend water of om een golfslag te creëren. In uitzonderlijke situaties worden ze ook gebruikt om met minder scherptediepte te kunnen fotograferen.

Verschillende sterktes
Net als grijsverloopfilters bestaan grijsfilters in verschillende sterktes die meer of minder stops licht filteren. De sterkte van de filter hangt af van de persoonlijke smaak en de situatie, maar uit ervaring weet ik dat het vaak beter is een filter te kiezen die wat meer filtert, zodat de diafragma- of ISO-waarde nog altijd gewijzigd kan worden wanneer de sluitertijd te lang dreigt te worden. Het omgekeerde proces is namelijk niet altijd meer mogelijk.

Van dit type filters bestaan ook speciale versies die tot 10 stops licht filteren. Deze filters zijn echter vrij complex in gebruik, omdat de belichting dan vaak volledig manueel moet gebeuren in de bulbstand. Bovendien zijn deze filters slechts in een beperkt aantal situaties bruikbaar.

Een grijsfilter of neutral density filter (© LEE Filters)

Polarisatiefilter

Het laatste type, de polarisatiefilter, laat alleen licht door als het in een bepaalde richting gepolariseerd wordt. Hoewel er zowel lineaire als circulaire polarisatiefilters bestaan, neem ik hier enkel circulaire filters in beschouwing, omdat bij de lineaire polarisatiefilters de kans verhoogt op foute lichtmetingen of problemen met de autofocus.

Polarisatiefilters worden vooral gebruikt om reflecties in bijvoorbeeld glas en water weg te werken. Daarnaast kan een polarisatiefilter contrasten verhogen: in een contrastrijkere blauwe lucht zullen de wolken beter geaccentueerd worden.

Om het gewenste effect te bereiken dient er aan de filter gedraaid te worden, waardoor het beeld meer of minder gepolariseerd wordt. Het beste effect bereik je wanneer de zon zich op 90° ten opzichte van de filter bevindt.

Polarisatiefilters hebben echter ook minder bekende voordelen. Zo zijn ze uitermate geschikt om reflecties van bladeren of vochtige onderwerpen weg te werken, waardoor de kleuren gesatureerder zullen overkomen. Daarnaast kan een polarisatiefilter bij heiigheid soelaas bieden en de contrasten bevorderen.

In tegenstelling tot de bekende UV- en beschermingsfilters hoeft een polarisatiefilter niet continu voor de lens te zitten, maar alleen wanneer de situatie er zich toe leent. Ook bij macro- en vogelfotografie komen de filters niet echt van pas.

Let bij het gebruik van polarisatiefilters ook steeds op voor overpolarisatie, waarbij de lucht volledig zwart dreigt te worden of alle schaduwen in de foto geblokkeerd worden.


Een polarisatiefilter met filterhouder (© LEE Filters)

Conclusie en tips

Filters bevorderen een foto niet alleen, maar zijn bij landschapsfotografie ook vaak onontbeerlijk. Toch blijft het welslagen van een beeld afhankelijk van de competenties van de fotograaf: filters zijn alleen zinvol als de foto eerst correct belicht werd aan de hand van een juiste interpretatie van het histogram.

Ik hoop dat dit artikel erin geslaagd is de vooroordelen over filters te weerleggen en zo een aanzet vormt om zelf met filters aan de slag te gaan. Experimenteer gerust met alle mogelijkheden die filters bieden, maar onthoud dat een sterk beeld niet met extra hulpmiddelen gemaakt wordt, maar met liefde voor de natuur, een goede voorbereiding en inzicht in fotografische technieken.

Tips
• Bij het werken in de A(v)-stand (aperture of diafragmavoorkeuze) is het, in tegenstelling tot de M-stand (manueel), niet nodig om telkens de belichting te corrigeren wanneer een filter voor de lens geplaatst wordt. De camera voert iedere keer een nieuwe lichtmeting uit en past vervolgens automatisch de sluitertijd aan.
• Wanneer er te veel wind is voor een perfecte reflectie, kan een grijsfilter soms helpen: door de langere sluitertijd vervlakken de rimpels in het water en wordt de reflectie beter zichtbaar.
• Let op voor overfiltratie bij het fotograferen van reflectie: wanneer er meer dan 2 stops licht gefilterd wordt, wordt de reflectie te licht en oogt het resultaat erg onnatuurlijk.
• Een polarisatiefilter houdt ongeveer 2 stops licht tegen; je kunt hem dus combineren met een grijsfilter indien je een nog langere sluitertijd wenst.


Dit artikel verscheen oorspronkelijk in nog uitgebreidere vorm in Shoot editie 19.

[extern_gallery urls=”http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web01mg3834.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web02schroeffilter01.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web03thesystemill.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web040.6ndhard.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web050.6ndsoft.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web06filterstrengths.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web07proglassndfilters.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web08polarisatie.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web11mg6716.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web12mg6716-2.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web13mg6720.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web14mg0173.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web15mg6495.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/35/123637_web16mg6496.jpg” caption=”||Een schroeffilter.||Filters worden met filterhouder en adapterring voor de camera gezet. (© LEE Filters)||Een grijsverloopfilter met een harde overgang (© LEE Filters)||Een grijsverloopfilter met een zachte overgang (© LEE Filters)||Grijsverloopfilters bestaan in verschillende sterktes. (© LEE Filters)||Een grijsfilter of neutral density filter (© LEE Filters)||Een polarisatiefilter met filterhouder (© LEE Filters)||Foto van een sneeuwlandschap gefotografeerd zonder grijsverloopfilters. De voorgrond is onderbelicht en moet achteraf in Lightroom opgelicht worden met behulp van een digitale grijsverloopfilter. (Canon EOS 5D Mark II; f/13, 1/60 s, ISO 100, 19 mm )||De voorgrond werd opgelicht in Lightroom met behulp van een digitale grijsverloopfilter. Er werd tevens een kleine correcte in de hooglichten aangebracht.||Dezelfde scène, maar gefotografeerd met een 2-stops harde grijsverloopfilter. Het eindresultaat is vergelijkbaar met de nabewerking in Lightroom (vorige beeld).||Een 3-stops grijsfilter werd gebruikt om een langere sluitertijd te creëren en zodoende de beweging in het gras en het gebladerte te visualiseren. (Canon EOS 5D Mark II, f/16, 15 s, ISO 50, 70 mm)||Foto van een herfstlandschap zonder polarisatiefilter. Let op de reflectie op de rotsen, het wateroppervlak en de bladeren in de linkerbovenhoek. (Canon EOS 5D Mark II, f/14, 15 s, ISO 100, 17 mm)||Dezelfde foto als de vorige maar nu met polarisatiefilter. De reflectie van op de stenen en het wateroppervlak is sterk verminderd. Ook de reflectie van de bladeren valt weg, waardoor hun kleuren gesatureerder overkomen.”]

Advertentie



Wil je beter leren fotograferen?

Neem dan een abonnement op Shoot Magazine (8x per jaar).

Shoot is hét fotografiemagazine voor en door enthousiaste fotografen. In Shoot vind je de beste tips en trucs, workshops en cursussen voor geslaagde foto’s, de knapste fotoplekjes in België, de helderste uitleg over fotografietechnieken, tests van nieuwe camera’s, lenzen en meer, plus foto’s van de beste Belgische fotografen.