Beroemde muzikanten fotografeer je niet zomaar, hoe graag je dat ook zou willen. Shoot legt je uit hoe je met camera toegang krijgt bij concerten en festivals.

Beroemde muzikanten fotografeer je niet zomaar, hoe graag je dat ook zou willen. Het lijkt gemakkelijker om een aap op de Noordpool te fotograferen dan de Arctic Monkeys in hun natuurlijke habitat: op het podium.

Hoe komt dat eigenlijk? En hoe kom je binnen met je camera? Shoot legt je uit hoe het in zijn werk gaat.

De grote zomerfestivals in België en Nederland bieden ook visueel veel spektakel: Pinkpop en Rock Werchter, Graspop en Bospop, Lowlands en Pukkelpop, ze vormen allemaal een goed gesorteerde snoepwinkel voor de fotograaf.

Dat je er als bezoeker geen professionele camera met zoomlens mee naar binnen mag nemen, hoeven we je waarschijnlijk niet uit te leggen. Maar ook al zou het jou op een ingenieuze manier toch lukken, dan nog heb je op het festivalterrein geen toegang tot de ‘fotopit’. Dat is de ruimte tussen podium en publiek waar de securitymensen een oogje in het zeil houden, en waar rocksterren veranderen in megapixels.

De fotopas
In de wereld van popfotografen is fotopas het magische woord om, nog zo’n toverterm, frontstage te komen. Zo’n fotopas is soms daadwerkelijk een pasje, met je naam en pasfoto erop.

Maar meestal is het een sticker die je op je kleding moet dragen, of een polsbandje dat je vlak voor het optreden of tijdens het festival krijgt uitgereikt op een afgesproken plaats waar de fotografen zich verzamelen. Bijvoorbeeld bij de backstage-ingang van de concertzaal. Bij festivals is dat meestal vlak bij een speciale entree voor de pers. Zo’n fotopas krijg je makkelijker in je bezit naarmate je voor een grotere krant werkt.

De fotopas oftewel accreditatie vraag je enkele weken voor het evenement aan bij de festivalorganisatie. Bij een los concert doe je dat bij de nationale vestiging van de platenmaatschappij van de optredende artiest.

In beide gevallen vraagt de fotograaf meestal zelf aan, in naam van de opdrachtgever: een krant, magazine, website, uitgever, persbureau of fanclub. Ben je freelance fotograaf, dan wordt er soms om een briefje van de opdrachtgever gevraagd. Als je eenmaal bekend bent bij de platenmaatschappij en regelmatig aanvraagt, is dat niet meer nodig.

De selectie van fotografen
De festivalpromotor dan wel platenmaatschappij verzamelt alle aanvragen en maakt enkele dagen voor het evenement een selectie van de kandidaten voor een pas. Op een festival worden doorgaans meer fotografen toegelaten dan bij een enkel concert. Denk bij een groot buitenevenement aan enkele tientallen, bij een indoorconcert zo'n twintig, tien of slechts vijf fotografen.

Het tourmanagement van de artiest geeft meestal vooraf aan de platenmaatschappij door hoeveel fotografen er zijn toegestaan. Dat aantal kan te maken hebben met de podiumopstelling en de beschikbare ruimte. Maar men kan ook gewoon streng zijn, of ruimhartig.

Fotopassen voor speciale concerten nemen meestal de vorm van een kledingsticker aan.

Fotopassen voor speciale concerten nemen meestal de vorm aan van een kledingsticker.

Krijgt de platenmaatschappij dus dertig aanvragen en stelt de tourmanager maar tien fotopassen beschikbaar, dan moet de medewerker van de platenfirma dus een keuze maken en twintig mensen teleurstellen. Dat gebeurt bij een groter concert vaak pas een dag voor het concert, omdat de artiesten en hun management dan pas naar je land komen of er arriveren.

De medewerker van de platenmaatschappij verstopt zich om discussies te vermijden wel eens achter de onzichtbare tourmanager. Maar meestal is het toch de platenfirma die uiteindelijk bepaalt wie tijdens het concert mag fotograferen – aan de hand van de criteria van de tourmanager dus.

Hoe kom je op de lijst?
Zoals gezegd krijg je – misschien begrijpelijk – makkelijker een fotopas als je in opdracht van een dagblad werkt. En daar zit meteen het probleem waardoor je als ‘nieuweling’ niet of nauwelijks binnenkomt.

Bij grote kranten krijgen bepaalde ervaren popfotografen steevast de eerste keus. Als zij naar het concert willen gaan, maakt niemand anders kans. Er wordt per medium namelijk maar één fotopas verstrekt. En sommige kranten maken gebruik van een persbureau, dat een foto levert aan meerdere titels tegelijk.

Op deze manier zijn de beschikbare plekken al gauw gevuld. Dat de foto’s die deze uitverkorenen maken uiteindelijk vaak niet eens worden geplaatst door de krantenredacties, speelt vreemd genoeg geen rol. Dagbladen krijgen voorrang, ook al publiceren ze de foto's niet. En bij deze dagbladen zijn het doorgaans dezelfde fotografen die alle concerten afstruinen.

Het is de reden waarom de popfotografie bekendstaat als een gesloten kringetje. Voor een zeker deel klopt dat nog steeds, al is daar zeker verandering in gekomen sinds de opkomst van ‘het mobieltje’. Geloof het of niet, maar er zijn serieuze kranten die geen professionele fotograaf meer nodig hebben en tevreden zijn met een foto die is gemaakt door een medewerker met een camerafunctie op zijn telefoon, vanaf de tribune.

Door deze vrij trieste ontwikkeling haken professionele popfotografen af. Maar meer nog doordat er bij popconcerten de laatste jaren steeds meer beperkingen aan fotografie zijn opgelegd.

Zo is er bijvoorbeeld steeds vaker geen toegang tot de fotopit, en mag je alleen op grote afstand bij de geluidstoren of mengtafel gaan staan met je camera. Mooie onderscheidende, expressieve close-ups kun je daar wel vergeten. Of, en ook dat komt voor, er mogen helemaal geen persfotografen binnen. Maar over al deze beperkingen verderop meer.

Voorpubliciteit helpt
Je hebt dus de meeste kans als je voor een bekend medium fotografeert, en je daar als enige voor hebt aangemeld. Bij een kleiner concert mag je hopen dat niet veel fotografen belangstelling hebben. Dat vergroot je kansen aanzienlijk. Alleen is er dan vaak geen fotopit en moet je in het publiek gaan staan. En een por tegen je arm of een liter bier over je camera voor lief nemen.

Bij festivals geldt echter nog een ander belangrijk selectiecriterium: voorpubliciteit.
 

Alleen frontstage kun je expressieve close-ups maken van rocksterren. Dave Grohl, Foo Fighters, gemaakt op Pinkpop.

Bij vrijwel alle grote festivals maakt jouw krant of tijdschrift alleen kans op een fotopas als er voldoende publiciteit aan het evenement is geschonken in de kolommen. Dat klinkt niet helemaal eerlijk. Je kunt het zien als ordinaire handel, maar zo werkt het nu eenmaal in de praktijk.

Op een festival wordt dan soms nog een extra onderscheid gemaakt tussen fotografen die frontstage mogen gaan staan en fotografen die een ‘non-frontstagepas’ krijgen en alleen op het veld en vanuit het publiek mogen fotograferen. Dat laatste is prima als je alleen voor een sfeerreportage op pad gaat.

De fotografen die wel frontstage mogen, kunnen bij bepaalde artiesten evengoed beperkingen opgelegd krijgen. Meestal zijn dat heel bekende groepen met de grootste commerciële belangen, en dus de hoofdacts van het evenement.
 

Met een non-frontstage-fotopas mag je sfeerplaatjes maken. Er gebeurt altijd wel wat op een festivalterrein!

Het contract: afschrikmiddel
Heb je dan toch succes en een fotopas bemachtigd, dan kan het nog zijn dat je bij een bepaalde artiest een contract moet tekenen. Daarin beloof je dat je de foto’s alleen zult gebruiken voor publicatie in het medium waarvoor je bent toegelaten.

Zulke contracten zijn vaak standaardformuliertjes die in veel gevallen niet eens rechtsgeldig zijn. Omdat ze nooit in tweevoud worden verstrekt en ondertekend zoals het hoort, en je krijgt ze pas minuten voor het concert onder de neus.

Een fotograaf kan zich dan niet meer bedenken, dus hij of zij zet blind zijn handtekening omdat de opdrachtgever nou eenmaal een foto verwacht. Staan er dus onredelijke zaken in het contract, bijvoorbeeld dat je de rechten op je beeldmateriaal afstaat, dan zal een slimme advocaat er korte metten mee maken.

Je moet deze contracten dan ook puur zien als een afschrikmiddel. Het artiestenmanagement heeft altijd de vrees dat je T-shirts of koffiemokken van je foto laat drukken, en dat het daardoor inkomsten voor zijn eigen merchandising misloopt.

Het is de belangrijkste reden dat er bij sommige artiesten helemaal geen foto’s mogen worden gemaakt. The Killers bijvoorbeeld nemen meestal hun eigen fotograaf mee – in de hoop dat ze zelf aan de foto’s kunnen verdienen. Andere artiesten willen gewoon liever niet op de foto en laten daarom bij hoge uitzondering camera’s toe. Bob Dylan is een bekend voorbeeld.

Kun je wel probleemloos je gang gaan, dan krijg je bij 95% van de concerten te horen dat je alleen de eerste drie nummers mag fotograferen, soms zelfs maar twee. Juist, je moet dus foto’s maken op het moment dat de lichtshow zorgvuldig wordt opgebouwd met duisternis of, erger nog, nevel en mist. Ook kun je gezien die drie liedjes beter bij Dream Theater staan dan bij de gemiddelde punkband.
 

Niet alle artiesten maken fotografen het leven zuur. Within Temptation geeft je de ruimte, zoals voor deze foto die werd gemaakt op Pukkelpop.

De vreemdste beperkingen
Zoals gezegd krijgt de goedwillende fotograaf allerlei beperkingen opgelegd. Verbannen worden naar het achtereinde van de zaal terwijl iedereen een mobiele telefoon in de lucht steekt kan vrij frustrerend zijn. Maar er zijn nog grotere ergernissen.

Zo maakte zangeres Anouk het een beetje bont op het Nederlandse festival Rockin’ Park in 2008. Ze nam in het contract op dat fotografen, wilden zij een fotopas krijgen, vóór publicatie alle gemaakte foto’s ter goedkeuring moesten voorleggen aan haar en haar platenmaatschappij.

De aanwezige fotografen bedachten ter plekke een tegenactie: ze tekenden allemaal het contract, plakten de fotosticker netjes op hun kleding en liepen vervolgens bij het eerste nummer collectief weg, zonder ook maar één foto te maken. De artiest in kwestie heeft daarna de eis niet meer in het contract opgenomen.

Het is dus niet zo dat alleen grote internationale artiesten zware beperkingen opleggen en met een contract wapperen. Er zijn genoeg wereldberoemde acts, ook hoofdacts op festivals als Rock Werchter en Pinkpop, die fotografen geen strobreed in de weg leggen. Als je maar eenmaal die fotopas hebt.

Heel soms zijn er nog kleine obstakels. Sommige artiesten willen niet frontaal met fotografen geconfronteerd worden. Bijvoorbeeld Eddie Vedder, Patti Smith en Alanis Morissette. Je mag dan wel frontstage gaan staan, maar alleen opzij bij de speakertorens.

Metallica op zijn beurt ontvangt je met open armen, behalve als je van een persbureau bent. De achterliggende gedachte is niet bekend. En nog steeds worden fotografen van websites maar mondjesmaat toegelaten. Waarschijnlijk omdat er zich erg veel mensen daarvoor aanmelden, en dan is het makkelijker om ze met één restrictie allemaal te weren.
 



Bij volksheld Bruce Springsteen en zijn E Street Band, dit jaar te zien op Pinkpop, word je – als er al gefotografeerd mag worden – teruggedrongen naar de geluidstoren. Dat lijkt in dit geval geen pesterij. Springsteen verbouwt de fotopit namelijk met extra podiumplanken, waardoor de ruimte gewoon te beperkt is.

Tot slot willen we nóg een Nederlandse zangeres vermelden. Ilse DeLange nam in haar contract op dat je de foto’s vrij moet afstaan aan haar fanclub. Die er vervolgens nimmer om vraagt…

En we vergeten nooit een concert van Roxy Music in 2006. De Britse groep verzette zich tegen de beperking van 'slechts de eerste drie nummers', en eiste dat alle fotografen de hele show frontstage mochten blijven staan. Zo willen we het zien natuurlijk!
 

Doe mee en stuur jouw beste festivalfoto in voor de rubriek Oordeel.

[extern_gallery urls=”http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/17/119663_1.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/17/119663_2.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/17/119663_4.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/17/119663_3.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/17/119663_5.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/17/119663_6.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/17/119663_7.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/17/119663_8.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/17/pos_scissor_sisters_057.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/17/119663_10.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/17/fotopassen.jpg” caption=”Bruce Springsteen keert deze zomer terug naar Pinkpop. Deze foto werd op afstand vanaf de geluidstoren gemaakt, bij het vorige bezoek van The Boss aan Nederland. (foto: Pixonstage, Sergio Boutkan)||Expressieve close-ups van rocksterren krijg je alleen als je toegang hebt tot de frontstage-ruimte bij concerten. Dave Grohl, Foo Fighters op Pinkpop. (Pixonstage, Ton Hermans)||Bryan Ferry van Roxy Music: fotograaf, blijf alsjeblieft de hele show! (Pixonstage, Ton Hermans)||Enkele artiesten begeven zich graag in de fotopit, zoals Ricky Wilson van Kaiser Chiefs. Lastig, er hangen dan 20 fotografen in je nek. (Ton Hermans)||Met een non-frontstage-fotopas mag je sfeerplaatjes maken. Er gebeurt altijd wat op een festival!||Niet alle artiesten maken fotografen het leven zuur. Sharon den Adel van Within Temptation geeft ze altijd alle ruimte. (Pixonstage, Ton Hermans)||Bij sommige artiesten lijkt het zelfs gevaarlijk om al te dichtbij te komen. Kerry King van Slayer. (Pixonstage, Ton Hermans)||Bij dit concert van Metallica uit 2008 op Pinkpop werden veertig fotografen toegelaten, een vrij groot aantal. (Pixonstage, Ton Hermans)||Een fotopas kan van levensbelang zijn. Hoe kom je anders dicht bij Ana Matronic van Scissor Sisters? (Pixonstage, Ton Hermans)||Als fotograaf heb je wel eens de allerbeste plek van het concert. Zoals hier bij The Scorpions. (Pixonstage, Ton Hermans)||Fotopassen voor speciale concerten nemen meestal de vorm van een kledingsticker aan.”]

Advertentie



Wil je beter leren fotograferen?

Neem dan een abonnement op Shoot Magazine (8x per jaar).

Shoot is hét fotografiemagazine voor en door enthousiaste fotografen. In Shoot vind je de beste tips en trucs, workshops en cursussen voor geslaagde foto’s, de knapste fotoplekjes in België, de helderste uitleg over fotografietechnieken, tests van nieuwe camera’s, lenzen en meer, plus foto’s van de beste Belgische fotografen.