Een extra objectief staat bij veel fotografen op het verlanglijstje. Maar hoe vind je je weg door het enorme aanbod? Deel 2.

Een extra objectief staat bij veel fotografen op het verlanglijstje. Maar hoe vind je je weg door het enorme aanbod? Dit is deel 2 van ons dossier over objectieven.

Lenzen met een vast brandpunt
Vroeger werd een spiegelreflexcamera bijna altijd verkocht met een vaste 50mm-lens, een zogeheten prime. Deze gaf voor een gunstige prijs een hoge lichtsterkte en scherpte. Zoomlenzen werden toen wegens de mindere scherpte en het mindere contrast afgeraden. Er was dan ook een royaal aanbod aan groothoek- en teleobjectieven met een vast brandpunt.

Wegens het gebruiksgemak hebben de meeste fabrikanten jarenlang bijna al hun energie gestoken in de verbetering van zoomlenzen. Hierdoor is de kwaliteit van deze objectieven zo verbeterd dat je niet altijd kunt stellen dat een lens met een vast brandpunt beter is dan een zoom.

Toch zijn objectieven met een vast brandpunt nog altijd populair. Dit heeft te maken met een aantal factoren:
– lichter gewicht (een 180mm-lens weegt de helft van een 70-200 zoom)
– formaat (een vast 20mm-objectief neemt veel minder ruimte in dan een 17-35 zoom)
– hogere lichtsterkte (de meeste zoomlenzen gaan tot 2.8, primes heb je tot f/1.4 of f/1.2)
– prijs (een f/1.8 35 of 50mm is veel goedkoper dan een zoomlens met f/2.8)
– een speciale eigenschap: een macrolens of tilt/shift-objectief is veel gemakkelijker en beter te maken met een vast brandpunt.

Met name de 50mm-lens is nog steeds populair. Niet voor niets! Voor een relatief gunstige prijs heb je op een full-frame camera weer het oude gevoel van een compacte en lichtsterke lens met een hoge kwaliteit. Op een toestel met een kleinere sensor heb je een ideaal lensje voor portretfotografie. Al voor rond de 120 euro heb je een f/1.8-objectief en al voor onder de 300 euro zit er een professioneel f/1.4 objectief op je body.

Een 50mm-objectief kan op een cropsensor ook uitstekend dienst doen als korte telelens voor close-ups en portretten.

Macrolenzen
Macro-objectieven hebben meestal een vast brandpunt en geven de mogelijkheid om kleine objecten op ware grootte (afbeeldingsmaatstaf 1:1) te fotograferen. De keuze lijkt hier makkelijk. Slechte macrolenzen worden er niet gemaakt. Wel is het behoorlijk moeilijk om met een macrolens goede foto’s te maken. De lichtsterkte is veelal f/2.8, soms f/3.5 of f/4. Ze zijn te verkrijgen in brandpuntsafstanden van 50 tot 200mm, waarbij geldt: hoe langer, hoe duurder. Fotografen die vliegende beestjes willen vastleggen zullen altijd het beste af zijn met de langere types vanwege de grotere werkafstand.

Toch is langer niet altijd beter. De scherptediepte wordt steeds kleiner naarmate het brandpunt langer is, de lens wordt moeilijker stil te houden en zwaarder om mee te nemen. Ook wordt de werkafstand bij minder kleine objecten bijna onhandelbaar. Voor het fotograferen van kleine objecten zoals sieraden of postzegels zal een 60mm-objectief dus zeker zo goed voldoen als een drie keer zo lang en duur exemplaar.

Bij het kiezen van een macrolens heeft het eigen cameramerk uitstekende producten. Maar ook de aanbiedingen van Sigma, Tamron en Tokina zijn hier zeker het overwegen waard. Bij een lens rond de 60 of 100mm kun je eigenlijk niet fout gaan. Alleen de plastic f/3.5-lens van Soligor/Cosina is door de goedkope bouw niet fijn in het gebruik. Sigma heeft wel zeer goede en populaire objectieven van 150mm en 180mm.

Er zijn ook goedkope oplossingen voor macro. Je kunt een voorzetlens gebruiken of een set tussenringen. De laatste leveren over het algemeen een beter resultaat op en kunnen ook worden gebruikt om met langere (prime)lenzen van bijvoorbeeld 300mm dichterbij te werken voor bijvoorbeeld vlinders en libellen.

Met een macro-objectief kan je ook sfeervolle portretten maken.

Teleconverters
Een teleconverter is een lenzenstelsel dat het brandpunt verlengt. De converter komt tussen het objectief en de body in. Zo op het eerste gezicht lijkt het fantastisch. Voor een relatief klein bedrag is je lens opeens 1,4 of 2x zo lang. Maar zoals ze in het Engels zeggen: there’s no such thing as a free lunch. Het is net zoals vliegen met een prijsvechter: je komt met weinig geld een stuk verder, maar vraag niet hoe.

Bij gebruik van een converter verlies je aan scherpte, contrast en autofocussnelheid. Ook verlies je lichtsterkte. Bij een 1,4x converter een hele stop (f/2.8 wordt f/4), bij een 2x converter twee stops (f/2.8 wordt f/5.6).

Een converter geeft dus alleen een bruikbaar resultaat in samenwerking met een extreem goed objectief. De camerafabrikanten houden hier rekening mee en maken converters meestal zo dat ze gewoon fysiek niet passen op objectieven waarmee het resultaat echt beneden de maat zou zijn. Ook blokkeert een fabrikant soms de mogelijkheid van autofocus als bepaalde grenzen overschreden worden.

Alvorens een converter te kopen moet je dus goed uitzoeken hoe deze met camera en lens zal samenwerken. Een aantal vuistregels is wel te geven:

– Een combinatie moet minstens een lichtsterkte van f/5.6 hebben om redelijk automatisch te blijven scherpstellen.
– Merkvreemde converters van bijvoorbeeld Tamron en Soligor passen op ieder objectief, maar geven vooral een goed resultaat met zoomobjectieven waar ook een merkeigen converter op past, en met primelenzen.
– Zoomlenzen met een lichtsterkte van f/4-f/5.6 geven over het algemeen geen bruikbare resultaten met converters.
– Een toestel met een kleine sensor verdraagt door de cropfactor minder gemakkelijk een converter dan een full-frame camera.
– Een converter gebruiken om een standaardzoom als telelens te gebruiken is altijd een verkeerde keuze: een goedkope telezoom geeft voor hetzelfde geld een beter resultaat.


Een goede telelens met vast brandpunt kan met een converter een uitstekende combinatie vormen. (f/4 300m L met 1,4x converter).

Ten slotte
Het kopen van een nieuwe lens is een persoonlijke zaak. Het kan geen kwaad om beoordelingen en ervaringen van andere gebruikers op te zoeken, bijvoorbeeld op het forum van Belgiumdigital.com. Ook zijn op Pbase.com en vele andere plaatsen voorbeeldfoto’s te vinden die genomen zijn met het objectief dat je overweegt. Zo kan je een verantwoorde selectie maken voor je naar de winkel gaat of op internet bestelt.

Diafragma en getal
Het diafragma is een een verstelbare opening die bepaalt hoeveel licht er door de lens komt. Een grote opening betekent een kortere sluitertijd maar ook minder scherptediepte en meer onscherpte in de achtergrond.

Vaak gaat er bij discussies iets fout als men spreekt over de lensopening. De een bedoelt met een groot diafragma een grote lensopening, de ander een groot getal. Dit zijn echter tegenovergestelden. De lensopening wordt uitgedrukt met een getal, bijvoorbeeld f/1.4 of f/2.8. Dit getal betreft echter wel een breuk (de brandpuntsafstand gedeeld door de doorsnede van de lensopening). Een groter diafragmagetal staat dus voor een kleinere opening. f/1.4 laat 2x zoveel licht door als f/2 enzovoort.

Full frame of crop?
Bij lenzen voor spiegelreflexcamera’s worden meestal de echte brandpunstafstanden vermeld. Als de beeldsensor in jouw camera kleiner is dan een 35mm-negatief, lijkt de brandpuntsafstand echter groter doordat de sensor maar een deel van het beeld bedekt. Een 18-50mm-objectief op een toestel met een 1,5x cropfactor geeft daarom dezelfde beeldhoek als een 28-75mm-objectief op een fullframesensor. Ook als er op de lens vermeld is dat deze speciaal voor het kleinere formaat is bedoeld.

Is mijn lens goed?
Vroeger werd bij veel producten van een ‘maandagochtendmodel’ gesproken als het niet goed aan de normale eisen voldeed. Ook bij objectieven komt dit verschijnsel voor.

Het is helaas echt niet zo dat alle objectieven van hetzelfde merk en type identiek zijn. De eindcontrole van de fabrikant laat een bepaalde marge toe. Het verschil tussen de beste en de slechtste lens uit een reeks kan dus vrij groot zijn. Dit komt niet alleen bij goedkope lenzen voor, maar zelfs bij het legendarische Nikon f/1.4 28mm-objectief, dat voor 3.000 euro in de catalogus stond.

Het loont dus bij aankoop altijd de moeite een objectief te testen en bij twijfel te vergelijken met enkele andere exemplaren.

In deel 1 van dit artikel lees je onder meer over telezoom- en groothoeklenzen.

[extern_gallery urls=”http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/11/117952_1.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/11/117952_2.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/11/117952_3.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/11/117952_4.jpg||http://cdn.minoc.com/zd_images/2012/11/117952_5.jpg” caption=”||||||||”]

Advertentie



Wil je beter leren fotograferen?

Neem dan een abonnement op Shoot Magazine (8x per jaar).

Shoot is hét fotografiemagazine voor en door enthousiaste fotografen. In Shoot vind je de beste tips en trucs, workshops en cursussen voor geslaagde foto’s, de knapste fotoplekjes in België, de helderste uitleg over fotografietechnieken, tests van nieuwe camera’s, lenzen en meer, plus foto’s van de beste Belgische fotografen.