Elk jaar publiceert BREEDBEELD een stijlvol fotoboek met het werk van beloftevolle, Belgische fotografiestudenten. We spraken met twee geselecteerden voor Opus One ’21 over hun drijfveren en presenteren hun beste beelden. Gisteren was de beurt aan Seppe Vancraywinkel, vandaag is de eer aan Sandy Van Damme.

Met Opus One zet BREEDBEELD jaarlijks een selectie van de beste eindwerken fotografie in de kijker, een selectie samengesteld uit afstudeerders van hogescholen, volwassenenonderwijs en deeltijds kunstonderwijs. BREEDBEELD wil met dit project fotografen helpen doorgroeien en hun werk tot bij het brede publiek brengen. De werken zijn te bekijken in een tentoonstelling in Concertgebouw Brugge en een fotoboek dat te koop is in alle Confituur-boekhandels en online.

De editie van 2021 kijkt voor het eerst ook over de grenzen heen: met Finland als gastland werden er dit jaar ook Finse eindwerken in de selectie opgenomen. Het fotoboek toont zo veertien Belgische en vijf Finse eindwerken en bevat ook interviews met alle fotografen in het Nederlands en het Engels. Opus One ’21 (ISBN 9789464513127) telt 192 pagina’s en kost 25 euro. Het is te koop in alle Confituur-boekhandels in Vlaanderen en Brussel, de bookshop van het FOMU, de shop van Concertgebouw Brugge en via de BREEDBEELD-website.

Sandy Van Damme – Kleurexperimenten in de doka

Het werk van Sandy Van Damme bestaat uit abstracte en vrij te interpreteren creaties die al experimenterend tot stand kwamen in de donkere kamer. Op verkenning langs een eindeloze variëteit aan kleuren en vormen ging Van Damme aan de slag met de meest uiteenlopende materialen en technieken. Gedemonteerde polaroids, bleekwater, slijm, filters, papiersnippers, chemicaliën, glowsticks en air rockets, allemaal passeerden ze de revue in haar zoektocht naar nieuwe variaties, structuren en texturen, die stuk voor stuk een eigen gevoel weten op te roepen.

Jouw werk is een soort ‘feest’ van kleuren en vormen. Vanwaar de fascinatie voor abstracties?

“Abstracties laten ruimte voor interpretatie voor de toeschouwer. Er is niet één juist antwoord over wat het is, iedereen kan er iets anders in zien. Je kan het ook gewoon ondersteboven hangen en weer nieuwe dingen ontdekken.”

“IK BEN BLIJ MET ALLES WAT IK HEB UITGEPROBEERD; ALLES HEEFT ZIJN WAARDE EN HEEFT BIJGEDRAGEN TOT HET GEHEEL.”

De reeks bestaat uit verschillende onderverdelingen, volgens de verschillende stijlen en technieken die je gebruikt hebt. Kan je hier iets meer over vertellen?

“Het is experimenteel werk, dus ik heb allerlei dingen uitgeprobeerd. Bij iedere nieuwe techniek of nieuw materiaal, heb ik telkens een aantal beelden gemaakt om te zien wat ik er mee kon bereiken. De grootte van elke reeks hangt wat af van hoeveel variatie ik erin kon brengen en hoe boeiend ik het zelf bleef vinden. Ik ben blij met alles wat ik heb uitgeprobeerd, alles heeft zijn waarde en heeft bijgedragen tot het geheel. Experimenteren heeft mij steeds nieuwe ideeën bijgebracht maar er zijn natuurlijk wel dingen die interessanter zijn dan andere.”

“Ik werk ook erg intuïtief. In de loop der jaren heb ik geleerd dat het voor mij niet werkt om een te duidelijk doel voor ogen te hebben. Als ik de dingen te hard probeer te forceren, werkt het niet. Ik ben iemand die moet proberen, uittesten en mislukken en uit die mislukkingen weer nieuwe ideeën haalt.”

“Ik ben altijd op zoek naar huis-, tuin- en keukenspullen om dingen mee uit te proberen.”

De keuze voor de materialen en voorwerpen waarmee je werkt, op welke manier integreer je die in jouw intuïtief proces?

“Voor sommige zaken zoals het papier kan ik op voorhand wel inschatten wat ik daar mee kan aanvangen, het is lichtdoorlatend en in verschillende kleuren beschikbaar dus dat was een bewuste keuze. Maar ik ben ook altijd op zoek naar huis-, tuin- en keukenspullen om dingen mee uit te proberen. De anticipatie van een voorwerp gevonden te hebben om mee te experimenteren maar nog niet te weten hoe het er later op papier zal uit zien, is voor mij ook deel van het plezier. Ik vertrek altijd van het materiaal waarmee ik werk en niet van een bepaald beeld dat ik wil bereiken. Maar eens dat beeld er voor de eerste keer is, bouw ik daar wel op verder.”

Hoe belangrijk is het voor jou dat de kijker het technische aspect meekrijgt?

“De kijker hoeft niet alles tot in detail te weten, maar ik vind het wel belangrijk om duidelijk te maken dat het analoog werk is, dat elk beeld uniek is en dat ik dus niet zomaar een extra print van iets kan maken. Ik kan gelijkaardig werk maken maar nooit meer exact hetzelfde.”

Je hebt waarschijnlijk veel notieboekjes met ideeën en bevindingen? Maken deze ook deel uit van het werk?

“Ik heb maar één schriftje met een lijstje met experimenten om ooit nog eens uit te proberen en alle instellingen van wat ik reeds heb gemaakt. Ik heb wel mijn schetsboeken waar het grootste deel van mijn foto’s inzitten, behalve diegene die te groot zijn, en een digitale catalogus met het overzicht van alle beelden en de manier waarop ze gemaakt zijn. Dat overzicht had ik in eerste instantie ook gewoon voor mezelf gemaakt om makkelijk terug te vinden wat ik allemaal heb gemaakt en hoe, maar het is tegelijk ook de snelste manier om het geheel aan anderen te tonen.”

Advertentie



Wil je beter leren fotograferen?

Neem dan een abonnement op Shoot Magazine (8x per jaar).

Shoot is hét fotografiemagazine voor en door enthousiaste fotografen. In Shoot vind je de beste tips en trucs, workshops en cursussen voor geslaagde foto’s, de knapste fotoplekjes in België, de helderste uitleg over fotografietechnieken, tests van nieuwe camera’s, lenzen en meer, plus foto’s van de beste Belgische fotografen.


LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in