Op de hoogte blijven van onze nieuwste artikelen?

Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief en ontvang elke week onze beste artikelen in je mailbox.


Nu ze huwelijken enkel nog voor de fun doet, werkt Oona Smet vooral samen met opdrachtgevers in de modewereld en creatieve kunstenaars. In gesprek met Shoot vertelt ze hoe haar carrière vorm kreeg en over de verschillen tussen deze takken van fotografie.

Oona Smet is 32 jaar en woonachtig in het centrum van Antwerpen. Ze werkt zowel op locatie als in studio. In 2010 studeerde ze af als fotograaf aan de KDG Hogeschool. In haar professionele begindagen nam ze zowat alles aan: particuliere opdrachten, huwelijksfotografie, packshots, new born-shoots, concertfotografie … “Ik heb dus werkelijk alles gedaan qua fotografie”, vertelt ze over die periode. In de loop van de jaren bouwde ze ervaring op in de modewereld door veel foto- en catwalkproducties te coördineren. Vandaag de dag werkt ze vooral voor creatieve kunstenaars en gerenommeerde opdrachtgevers als Levi’s, Esprit en Osaka World.

Waarom ben je fotografie gaan studeren?

“Ik was als kind altijd al creatief. Ik tekende enorm veel. Toen ik mijn eerste (digitale) fototoestel in mijn handen kreeg was ik zo’n 14 jaar en vond het meteen fantastisch. Want wanneer ik iets wou tekenen, dan moest ik me altijd aan tafel zetten en beginnen op een blanco papier. Het was telkens een heel proces voor die tekening tot stand kwam. Met het digitale fototoestel was het maar één druk op de knop en pats, de foto was daar. Dat was misschien wel het prille begin van mijn beroep als fotograaf.”


“Ik begon met dat fototoestelletje dingen uit te proberen. Eerst fotografeerde ik mezelf in bepaalde kledij of settings, en na een tijdje ging ik portretten maken van mijn vriendinnen. De eerste concepten gingen toen ook van start. Ik twijfelde aanvankelijk om fotografie te gaan studeren, want ik was me toen al bewust dat het niet makkelijk zou zijn om een goede job te vinden in die wereld. Om geld te verdienen met fotografie, zeg maar. Maar met de steun van mijn mama en mijn oom zette ik door en trok naar de hogeschool voor fotografie.”

“Ik maakte dit beeld voor TML by Tomorrowland in samenwerking met het eyewear-merk Komono. Dit beeld is eigenlijk heel typerend voor mijn stijl als fotograaf. Ik word heel vaak geboekt voor levendige collecties of kleurrijke concepten. Niet dat dat een zeer bewuste strategie of uitgaanspunt is van mezelf als fotograaf. Vanuit mijn persoonlijkheid hou ik eigenlijk heel erg van zwart-wit fotografie of heel natuurlijke kleuren in een beeld, zoals aardetinten. Maar om een of andere reden ben ik wel goed in kleur en kan ik heel goed aanvoelen of een bepaald gekleurd accent/attribuut/achtergrond/styling in de foto te veel aandacht vraagt of net te weinig. Die kleurenbalans zit bij mij altijd zeer goed. Mijn moeder wist me ooit te vertellen dat ik op jonge leeftijd al heel erg ontvankelijk was voor kleur. Zo kon ik goed kleuren mengen met potloden en mooie kleurnuances maken, dus misschien zit dat er voor iets tussen?” Nikon D850, f/3.2, 1/100, ISO 800, 35 mm, gefotografeerd met omgevingslicht (enkel de projector).

Wist je toen al welke stijl je zou doen?

“Nee, helemaal niet. Je leert in school verschillende stijlen, omdat je alle facetten van de fotografie (verplicht) moet overlopen om zo te ontdekken welk genre jou ligt. Maar daar werd ik eerlijk gezegd niet veel wijzer van, omdat ik redelijk goed was in alle takken van fotografie als ik heel eerlijk ben. Ik vind het spijtig dat er niet meer werd gefocust op specialisatie. Na het afstuderen ben ik intensief beginnen fotograferen en het heeft eigenlijk een paar jaar geduurd vooraleer ik mijn eigen stijl heb ontwikkeld.

“Tijdens mijn opleiding kreeg ik wel al snel de vraag van familie en kennissen om hun huwelijksfoto’s voor mijn rekening te nemen. En die aanvragen werden er steeds meer en meer. Op die manier ben ik in de huwelijkssector gerold. Huwelijksfotografie heb ik uiteindelijk enkele jaren intens gedaan.”

“Intussen kwamen er ook modeshoots bij. Tijdens en na mijn opleiding heb ik voor veel studenten van de Antwerpse mode academie gefotografeerd. Een onderdeel van hun opleiding is om hun collectie voor te stellen aan de hand van een fotoshoot. Die studenten zijn enorm creatief en dat was voor mij heel inspirerend. Die samenwerkingen met studenten van de mode academie bleken achteraf cruciaal geweest te zijn voor mijn portfolio.”

“Deze foto maakte ik in functie van een eigen project, een aantal jaren geleden. Het is nog steeds één van mijn favoriete beelden. Het omvat alles waar mijn eigen stijl 100% om draait. Dit beeld is gefotografeerd met daglicht bij mij thuis, zwart-wit, heel natuurlijk maar net zo krachtig. Het was één van de eerste fotoshoots van deze tweeling Myrthe en Esther, en ze deden dat ongelofelijk goed zonder enige modellenervaring.” Nikon D3, f/4, 1/250

Hoe verschillen mode- en huwelijksfotogafie?

“Modefotografie is helemaal anders dan huwelijksfotografie. Je werkt in een team, je moet conceptueel kunnen denken en bovendien heel assertief kunnen zijn. Als je niet zeker bent van je eigen werk, win je nooit het vertrouwen van jouw team en zeker niet van jouw klanten. Je moet voluit kunnen gaan voor jouw werk. Het heeft bij mij jaren geduurd voor ik durfde assertief te zijn, want ik ben van nature een introvert iemand.”

“Sinds enkele jaren fotografeer ik vrijwel uitsluitend mode. Modefotografie in de heel brede zin van het woord: zowel commerciële mode als de meer iets exclusieve mode. Modefotografie is daarom ook heel veelzijdig. Ik werk zowel voor grote modebedrijven als voor kleine zelfstandigen of startende ondernemers. Ik vind het ook absoluut niet erg om voor een startende ondernemer te werken. Vaak zijn zij heel zoekend naar hun beeldtaal en vind ik het fijn om hen daarbij te helpen en op weg te zetten. Vaak zijn dat ook de klanten die je het meest vrij laten in jouw werk. Ik vind het dus leuk om zowel voor ‘grotere’ als ‘kleinere’ klanten te werken.”

Je werkt voor grote namen als Xandres, Marie Jo, Levi’s, Esprit en TML by Tomorrowland; heb je dan nog tijd voor het fotograferen van huwelijken?

“Wanneer ik nog voor particulieren werk, is dat voor een huwelijksopdracht. Maar dan ben ik wel selectief, ik neem er zo’n maximaal vier per jaar aan. De jaren na mijn opleiding, fotografeerde ik zo’n vijftien huwelijken per jaar. Op een gegeven moment werd dat zo eentonig dat het plezier volledig weg was. Daarom besloot ik op een bepaald moment – mede dankzij de grote drang om meer mode-opdrachten aan te nemen – om mijn huwelijksreportages terug te brengen naar drie tot vier per jaar.”

“Ik vind het fijn om tijdens een huwelijk alles te observeren en vast te leggen. Voor mij is dat fotografie waarbij ik niet hoef na te denken. Je hoeft niets in scène te zetten. Alles is oprecht. Vandaar dat ik nog altijd een paar huwelijksreportages per jaar aanneem. Puur voor de fun.”

“Dit beeld maakte ik voor de Belgische bruidsmodeontwerpster Eva Janssens, al jaren één van mijn vaste klanten. Aangezien ik ook werk als huwelijksfotograaf, vind ik het leuk om haar bruidscollecties telkens op een zeer fashionable manier te benaderen en de typische bruidsfoto’s achterwege te laten. Ik laat het model bewegen, lopen, springen, soms zelfs dansen. Ik fotografeer heel hard in het moment en probeer telkens net af te drukken op het ideale moment. Bijvoorbeeld wanneer de sluier net over mijn lens heen vliegt en het model daarop anticipeert door haar hand omhoog te brengen zodat ze nog steeds in beeld is. Dat vind ik zalig: modellen die meegaan in dat moment én ook fun hebben op de set. Alleen dan maak ik de beste beelden.” Gefotografeerd met daglicht en sunbounce paneel. Nikon D4, f/4, 1/5000, ISO 250, 31 mm

Is er iets wat je nog heel graag wil doen in de toekomst?

“Tot hiertoe heb ik helaas nog niet de kans gekregen om voor een aantal Belgische topontwerpers te mogen werken, Belgische ontwerpers die aan de top staan op internationaal niveau zoals Dries Van Noten, Christian Wijnants et cetera. Al vind ik het ook best prima om voor iets minder gekende ontwerpers te werken. Ik ben dankbaar voor elke kans die ik krijg van eender welke klant.”

“Ik werk vooral en bijna uitsluitend voor Belgische klanten. Niet omdat ik dat zo wil, maar dat is nu eenmaal zo. Ik droom er wel van om fotoshoots in het buitenland te realiseren, of om voor buitenlandse klanten te werken. Ik werk nu al ongeveer tien jaar als fotografe in België en qua locaties heb ik het hier nu wel wat gezien.” Lachend: “Ook het Belgische weer ben ik intussen wel wat beu. Een nieuwe setting en betere weersomstandigheden geven ook nieuwe energie en inspiratie.”

Oona Smet
“Deze foto fotografeerde ik in opdracht van Monsieur Maison, een Belgisch high-end modelabel van exclusieve sjaals en kimono’s. Ik fotografeer al jaren voor dit label, en het leuke aan deze klant is dat de foto’s altijd best bevreemdend mogen aanvoelen. Tijdens deze opdracht besloot ik vooral om zoveel mogelijk in groothoekperspectief te fotograferen, zodat de proporties een beetje uit elkaar worden getrokken, zoals haar enorme schouder. Ik hou ook van natuurlijk licht, maar hier koos ik er bewust voor om de reflecties niet subtiel te houden, die komen van het sunbounce paneel. Normaal gezien hou ik dit veel subtieler. Het feit dat deze klant me telkens een beetje uit mijn comfort zone lokt door deze bevreemdende manier van fotograferen – en minder natuurlijk – daar hou ik wel van. Daarom is het nog steeds één van mijn favoriete beelden uit mijn portfolio.” Nikon D850, f/5, 1/500, 24 mm, gefotografeerd met daglicht, schaduwen opgevangen door een sunbounce paneel.

Je hebt een eigen, herkenbare stijl, hoe is die ontstaan?

“Ik hou ervan om mijn fotografie heel natuurlijk te houden, beetje documentaire-achtig. Alsof het lijkt dat ik toevallig daar was op dat moment. Daarom hou ik er ook van om mijn modellen te laten bewegen, dansen, om hen uit mijn comfort zone te trekken. Uiteraard lukt dat niet altijd wanneer je een bepaald kledingstuk hebt dat het mooist is wanneer je het statisch fotografeert. Dan probeer ik vooral meer rond expressie te werken.”

“Toen ik afstudeerde bewerkte ik mijn foto’s heel hard. Dat was toen erg mijn stijl, maar overheen de jaren voelde ik me daar niet meer goed bij en ben ik beginnen afbouwen met die harde bewerkingen. Nu probeer ik zo min en zo subtiel mogelijk mijn foto’s te bewerken. Soms is er wel wat nabewerking nodig, maar ik maak er dan ook wel een kunst van dat het nauwelijks zichtbaar is, zodat de foto of het model heel natuurlijk overkomt. Ik vind ‘onvolmaaktheden’ of zaken die andere fotografen al snel zouden wegwerken trouwens best prima: een moedervlekje of rimpeltjes, dat blijft bij mij allemaal staan. Als er echt iets is dat de aandacht van de foto haalt, een puist bijvoorbeeld, dan werk ik die natuurlijk wel weg. Want de aandacht moet wel naar de foto en het kledingstuk gaan.”

“Bruid Lynn met haar papa vlak na de openingsdans met haar man. Eén van mijn favoriete beelden uit mijn portfolio als huwelijksfotografe. Mijn camera die net dat traantje opvangt. De emotie en oprechtheid tijdens een openingsdans of de dans met de ouders is voor mij ontzettend belangrijk. Ik probeer daarom nooit rechtstreeks te flitsen tijdens die momenten. Als ik flits, dan is het altijd onrechtstreeks (op een muur of plafond). En als het omgevingslicht het toelaat, probeer ik zelfs gewoonweg niet te flitsen om zo de foto en de emotie niet kapot te maken. Ik hou er ook wel van dat de foto niet helemaal perfect, of soms niet helemaal 100% scherp is. Ook dat draagt bij aan de emotie van dat moment. Na de openingsdans en the first dance met de (schoon)ouders, richt ik mijn cameraflits rechtstreeks op de gasten en dan mogen de foto’s wat meer rock-’n-roll zijn.” Nikon D4, f/1.8, 1/100, 50 mm, gefotografeerd met omgevingslicht en cameraflits naar boven gericht zodat je indirect licht krijgt op je onderwerp.

Is het makkelijk om als fotograaf te starten of te overleven?

“Toen ik afstudeerde, combineerde ik een vaste job met mijn fotografie. Fotografie was dus mijn bijberoep. Op mijn vrije dagen (of ik nam vrij) fotografeerde ik of bewerkte ik mijn opdrachten. In het weekend ging ik dan vaak huwelijken fotograferen. Tijdens mijn pauzes of op vrije momenten beantwoordde ik mailtjes of repte ik me naar meetings. Ik heb letterlijk dag en nacht heel hard gewerkt, meestal zeven dagen op zeven, en dit acht jaar lang.”

“Achteraf bekeken was die combinatie van een vaste job en bijberoep voor acht jaar, veel te lang. Ik had al vrij snel een goed netwerk opgebouwd en had veel eerder die sprong moeten wagen. Veel klanten hebben ook lang niet geweten dat ik mijn fotografie combineerde met een vaste job. Sedert twee jaar ben ik dus uiteraard wel ‘officieel’ full time bezig in hoofdberoep. Maar in principe heb ik wel die tien jaar fulltime gewerkt aan mijn carrière als fotografe, want elk vrij moment ging naar mijn fotografie.”

Hoe kom je aan je klanten?

“In die tijd was er ook nog geen sprake van Instagram, ik kreeg vooral klanten door mond-op-mond-reclame. Klanten waren tevreden en bleven ook klant. In die periode was het erg belangrijk dat je website er goed uitzag, want dat was de enige referentie om je foto’s aan klanten te laten zien. Bij de opkomst van Instagram is dat natuurlijk volledig veranderd en is het veel gemakkelijker geworden om jouw werk aan de buitenwereld te tonen.”

“Modefotografie is in België een zeer kleine wereld waar vrijwel iedereen elkaar kent. Misschien niet persoonlijk, maar je kent heel snel elkaars werk. Je hoeft dus niet echt aan marketing te doen. Zeker wanneer je heel actief bent op Instagram. Al ben ik zelf niet overdreven actief op Instagram, ik hou mijn account wel up-to-date. Het blijft belangrijk om je recent werk te delen op social media.”

“Klanten houden van standvastigheid, ze willen weten waaraan ze zich mogen verwachten wanneer ze jou boeken. Wanneer je juist bent afgestudeerd, is het zoeken naar je eigen stijl. Zo was dat toch bij mij. Wanneer je al enkele jaren bezig bent, dan is jouw stijl als fotograaf vrijwel duidelijk. Een duidelijke stijl en een professionele samenwerking zijn essentieel voor boekingen. Ik vind het dan ook niet erg als een collegafotograaf een bepaalde job krijgt. Volgend seizoen is het goed mogelijk dat een klant met een andere fotograaf samenwerkt omdat die een andere stijl heeft. En zo komt iedereen wel aan bod. Er is genoeg werk voor iedereen, daarvan ben ik overtuigd.”

“Ik moet wel zeggen dat ik in de laatste vijf jaar van mijn carrière een vast cliënteel heb kunnen opbouwen, waar ik heel dankbaar voor ben dat ik voor hen mag werken. Maar dat heb ik puur te danken aan het feit dat het een goede samenwerking is op alle vlakken: zowel fotografisch als qua communicatie, professionaliteit, en uiteraard ook hun vertrouwen in mij. Vertrouwen is cruciaal, want het blijft tenslotte een investering in jou. En uiteraard vinden ook nieuwe klanten hun weg tot bij mij via Instagram.”

“In mijn huwelijksfotografie bewerk ik mijn foto’s zowel in kleur als zwart-wit, het hangt er vanaf waartoe het beeld zich leent. Een foto kan net sterker zijn in kleur of in zwart-wit, dat laat ik het aan het beeld over. Voor zwart-wit durf ik in de nabewerking nog wat ruis toe te voegen, om toch een beetje dat authentieke gevoel te geven aan de foto. Als huwelijksfotografe vind ik het belangrijk dat je eigenlijk mijn aanwezigheid niet voelt in de foto. En dat analoog-snapshot-gevoel, alsof een vriend of familielid per ongeluk de foto maakte inclusief de imperfectie van een beetje ruis, draagt daar aan bij.” Nikon D3, f/2.5, 1/400, 85 mm, gefotografeerd met omgevingslicht.

Hoe is het als vrouw in een mannenwereld?

“Ik heb de indruk dat modefotografie de dag van vandaag niet echt meer een mannenwereld is. Toen ik afstudeerde misschien wel nog, maar toen kon je de Belgische modefotografen in ons land op één hand tellen en dat waren bij mijn weten inderdaad allemaal mannen. Door de komst van social media is dat toch wat doorbroken, heb ik het idee. Tegenwoordig is het aantal modefotografen niet meer bij te houden.”

“Ik denk dat er nu meer jongere fotograferen een kans krijgen dan de periode waarin ik afstudeerde. En die jongere garde bestaat uit evenveel mannen als vrouwen. Die indruk heb ik toch. Ik spreek dan puur voor mode- en huwelijksfotografie, ik weet niet hoe dit is in bijvoorbeeld reclamefotografie. Bovendien ben ik er vrij zeker van dat mijn mannelijke collega-fotografen mij als gelijke behandelen. Niet ondergeschikt of minderwaardig.”

“Op vlak van assisteren, heb ik wel de indruk dat het een mannenwereld is. Ik werk op dit moment uitsluitend met mannelijke lichtassistenten. Niet dat dat een bewuste keuze is, maar ik ken eigenlijk geen vrouwelijke assistenten. Als assistent moet je technisch heel sterk in je schoenen staan, want dat is het meest cruciale aspect in van jouw takenpakket als assistent. Dat technisch aspect spreekt in het algemeen misschien minder vrouwen aan, denk ik.”

“Maar mijn lichtassistenten behandelen me altijd met veel respect en vice versa. Dat heeft volgens mij ook te maken met de tijdsgeest waarin we momenteel leven. Als man kom je niet meer weg met alfagedrag. Vroeger misschien wel, maar daar wordt je in deze tijd heel snel op afgerekend. En terecht.”

“Deze foto maakte ik voor de eerste lookbook-shoot van LordsxLilies, een Belgisch feel-good kledinglabel. De reflectie in de zonnebril verraadt deels hoe deze foto is gemaakt, aangezien je een deel van mij in de bril kan zien. Na de shoot wou ik de reflectie initieel wegwerken in Photoshop, maar dat heb ik bewust toch niét gedaan. Het feit dat je de reflectie ziet stoort me eigenlijk niet en houdt het geheel natuurlijk. Ook het haar dat net opvliegt maakt net het plaatje af. Het hoeft allemaal niet té perfect te zijn. Daar moet ik mezelf vaak aan herinneren, omdat ik een enorme perfectionist ben. In perfectie zit weinig authenticiteit – imperfectie is veel spannender.” Nikon D850, f/5.6, 1/320, ISO 250, 46 mm, gefotografeerd met daglicht, het daglicht valt door een groot studioraam en wordt gefilterd door een grote diffusor.

En hoe werk je op locatie? Zit je auto volgestopt?

“Mijn auto zit meestal wel vol met fotomateriaal wanneer ik naar een opdracht rij. Maar ik ben graag goed voorbereid en neem meestal meer materiaal mee dan dat ik effectief gebruik op set. Ik heb trouwens vrijwel van alles reserve mee: een reservecamera, een aantal objectieven, reservelampen et cetera.”

“Ik probeer zoveel mogelijk te werken met natuurlijk licht. Of licht dat er heel natuurlijk uitziet en waarbij je de aanwezigheid van de flits niet meteen voelt. Qua lampen ben ik vooral fan van Profoto, met name de B1-set, mijn beste aankoop ooit qua flitsers. Wat betreft techniek en compactheid zit dat subliem in elkaar. Je kan met de B1’s ook heel mobiel werken. Je hoeft zelfs geen statief te gebruiken voor deze flitsers, iemand kan de lamp gewoon in de hand vasthouden. Meestal gebruik ik deze set om bij te lichten of als indirect licht.”

“Deze foto maakte ik in functie van Flanders Opticians, een overkoepelende organisatie die de krachten bundelt van zelfstandige opticiens. Ik probeer altijd een soort dynamiek in het beeld te krijgen. Het mag allemaal niet te statisch worden, dat wordt al snel saai. Ondanks dat het beeld erg close-up gefotografeerd is, gaat er toch een bepaalde beweging uit van dit beeld door het haar dat lijkt te zweven in de lucht en haar zachte expressie.” Nikon D850, f/8, 1/160, 85 mm, daglicht ingevuld met een flits zijdelings die tegen het raam reflecteert om zo het daglicht binnen te trekken.

Je bent overgestapt naar een systeemcamera, de Nikon Z7 II?

“Voor studio werk ik momenteel met de Nikon D860. Die camera heeft een mooi dynamisch bereik, krachtig en compact. Voor buitenshoots of huwelijksreportages werk ik met de Nikon D5 en D6 (altijd twee camera’s voor huwelijken), maar dat zijn vrij massieve en logge sportcamera’s. Voor beweging ideaal, maar het gewicht daarentegen minder.”

“Ik moet eerlijk zeggen dat ik in een transitieperiode zit. Ik heb zonet de Nikon Z7 II aangekocht en ik heb hem al getest op verschillende opdrachten en locaties. Momenteel ziet het er inderdaad naar uit dat ik de omschakeling ga maken. De Nikon Z7 II is voor mij de ideale camera omdat je meteen het resultaat van je instellingen door je digitale zoeker ziet. Ik werk vaak onder tijdsdruk en dan is het gewoon handig om snel te kunnen handelen. Het feit dat je de camera niet van je oog moet afwenden is al een enorm verschil. Alle knoppen liggen ook goed binnen handbereik, waardoor je tijdens het scherpstellen vrijwel alle in- stellingen kan bedienen met je rechterhand. Bovendien zijn de menu’s zo goed als gelijkaardig opgebouwd als mijn andere Nikon camera’s. Daardoor voelde de camera meteen vertrouwd aan.”

“Ook de oogdetectie werkt enorm goed en is betrouwbaar. Dat is een groot voordeel tegenover een spiegelreflex. Als je echt in een flow zit met een model is dat ook vaak handig om je geen zorgen te hoeven maken of je nu op het oog hebt scherpgesteld. Je kan erop vertrouwen dat de camera dit voor jou heeft gedaan. Zo kan je je nog beter concentreren op de connectie met je model, je kadrage, het gehele plaatje en dergelijke.”

“De Z7 II is ook compact, waardoor ik flexibel kan bewegen. Tijdens een shoot moet ik vlot kunnen bewegen (om op iets te klimmen, op de grond te liggen voor een bepaald shot …). Om die reden werk ik trouwens nooit op statief. En de batterij gaat verbazend lang mee, en zéker als je via de digitale zoeker fotografeert. Ikzelf heb geen verschil gemerkt met mijn D850 qua batterijverbruik. De dubbele kaartslot van deze camera is absoluut een must en grote troef – voor mij onmisbaar. Als professional kan ik het me niet veroorloven om mijn foto’s kwijt te spelen.”

“Als laatste was ook aangenaam verrast door de lichtsterkte. Zelfs toen het
donkerder werd tijdens de shoot, bleef ik mooi alle details in het beeld hebben.”

Bekijk meer van het portfolio van Oona Smet op haar website www.oonasmet.be of volg haar op Instagram.

“Deze foto maakte ik in opdracht van Atelier Clash, een Belgisch juwelenmerk. Ook een mooi voorbeeld hoe ik graag mijn model uit haar comfort zone haal – of zij neemt zelf initiatief in haar eigen poses. Voor fotoshoots vertrek ik wel vanuit een moodboard om de algemene mood voor iedereen duidelijk te maken. Maar ik zorg ervoor dat een beeld nooit 100% wordt gekopieerd. Een moodboard dient om een sfeer weer te geven, zodat iedereen van het team weet voor welk gevoel we gaan. Maar een moodboard dient niet om eenvoudigweg een beeld volledig te kopiëren en na te boetseren.” Nikon D4 f/6.3 1/320, ISO 800, 44 mm, gefotografeerd met daglicht.



Wil je beter leren fotograferen?

Neem dan een abonnement op Shoot Magazine (8x per jaar).

Shoot is hét fotografiemagazine voor en door enthousiaste fotografen. In Shoot vind je de beste tips en trucs, workshops en cursussen voor geslaagde foto’s, de knapste fotoplekjes in België, de helderste uitleg over fotografietechnieken, tests van nieuwe camera’s, lenzen en meer, plus foto’s van de beste Belgische fotografen.


LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in