Marc De Schuyter strandfotografie


Op de hoogte blijven van onze nieuwste artikelen?

Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief en ontvang elke week onze beste artikelen in je mailbox.


Het strand is de verzamelnaam van alle landschappen die het einde van het land en het begin van de zee of oceaan vormen. Deze strook kan sterk verschillen van regio tot regio. Aan gans de Belgische kust, vanaf de monding van de Schelde tot aan de kusten van Calais, bestaat het strand uit zand. Pas voorbij Calais aan de Opaalkust zijn er meer en meer keien en rotsen.

Bij ons vinden we achter het strand een beschermende duinengordel die hoofdzakelijk uit zand bestaat, al dan niet gefixeerd door specifieke planten, waarvan helmgras wel het meest bekende is. Hierachter begint het polderland waarbij we ons steeds dieper landinwaarts bevinden.

Alle foto’s in dit artikel zijn genomen in het gebied tussen Zeeland, monding Westerschelde, tot aan de kusten van Boulogne. De Lage landen dus.

Het streefdoel was om zoveel mogelijk natuurlijke landschappen te fotograferen met zo min mogelijk menselijke invloeden. Dat bleek soms een flinke opgave.

Marc De Schuyter strandfotografie
f/11, 1/13, ISO 200, 45 mm met 0,6 ND hard grijsverloop (panorama van drie beelden) Panorama van de Zwingeul met een naderende onweersbui.

Locaties

Enkele jaren geleden was er ophef toen buitenlandse toeristische gidsen het aandurfden om onze Belgische kust tot de lelijkste ter wereld uit te roepen. Iedereen in het kusttoerisme stond op zijn achterste poten om een dergelijke  heiligschennis. Of deze beweringen enige grond van waarheid bevatten zal ik hier verder niet behandelen … Het is in elk geval een feit dat onze zestig kilometers aan kust een flink pak vastgoed bevat. Iets wat je bij geen enkele andere kustlijn tegenkomt.

Als fotograaf zal je flink je best moeten doen om natuurlijke landschappen te fotograferen. En ja hoor, er zijn zeker pareltjes te vinden. Aan beide uitersten van onze kust hebben we enerzijds het Zwin met iets verderop, in Nederland, de monding van de Schelde. Aan de andere kant van onze kust ligt een ander grensoverschrijdend pareltje, het Westhoekreservaat met aansluitend tot aan Bray-Dunes de Dune du Perroquet. Verder heeft de Westkust een pak meer te bieden dan de oostkant. Oostduinkerke, Koksijde en de Panne hebben enkele indrukwekkende duingebieden en stranden. Pas op voor het monster van Duinkerke, dat hier ongenadig in beeld komt bij een blik naar het westen. Hetzelfde kan gezegd worden van de haven van Zeebrugge. Vermeldenswaard zijn ook de gebieden dieper in Frankrijk aan de Côte D’Opale zoals Oye Plage en het verderop gelegen Cap Blanc-Nez en Cap Gris-Nez.

Tussen west en oost langs onze kust liggen er nog vaak geïsoleerde gebiedjes. Dankzij Google Maps en vergelijkbare toepassingen kan je ontdekken waar nog stukjes ongerepte natuur zijn. De kaartjes met wandel- en fietsknooppunten bieden je de kans om ter plaatse de nodige ontdekkingen te doen. Dit is de beste manier om een gebied goed in te schatten op zijn fotografisch potentieel. Meermaals terugkeren naar dezelfde locaties schept een vertrouwd gevoel en geeft je een betere kijk op mogelijke composities.

Marc De Schuyter strandfotografie
f/11, 1/8, ISO 400, 400 mm Telebeeld vanop het strand van De Panne richting het ‘monster’ Duinkerke.

Voorbereidingen

Fotograferen op het strand valt onder dezelfde noemer als landschapsfotografie, met enkele specifieke bijzonderheden. En net zoals die tak van fotografie is een goede voorbereiding al het halve werk.  

Je kan met kaartmateriaal, al dan niet digitaal, de plaats verkennen. Tools als TPE (The Photographer’s Ephemeris, www.photoephemeris.com) vertellen je waar de zon op- en ondergaat. Een goed landschapsfotograaf is eveneens een halve weerman. Hoe zit het met de wolken en de wind, wordt er regen, vorst of andere neerslag verwacht? Mist en nevel zijn een zeldzaamheid aan de kust, hetzelfde geldt voor sneeuw.

Zeer belangrijk en specifiek voor strandfotografie zijn de tijden van eb en vloed. Niet enkel de weersomstandigheden bepalen de sfeer van je beelden, ook de stand van de zee speelt hierin een rol. Wil je een weidse zandvlakte weergeven, dan zal dat niet lukken als de zee op haar hoogste peil staat. En zoek je een beeld met een natuurlijk strand als voorgrond zonder voetstappen, fotografeer dan wanneer het getij terugtrekt of wees vroeg genoeg. Zorg dat je altijd weet wat de getijden zijn, het kan je leven redden. Bij stranden aan de Franse Caps komt de zee zo snel op, dat je geen tijd hebt om je nog in veiligheid te stellen.

Daarnaast speelt de wind een grote rol. Een nauwelijks voelbaar briesje of een heftige storm, in verschillende omstandigheden zijn beelden met een grote verscheidenheid te maken. We maken hoofdzakelijk onderscheid tussen aflandige wind (die waait van de kust naar de zee) en aanlandige wind (die van de zee richting de kust waait). Het kan een groot verschil uitmaken.

Eveneens van belang zijn wolken, ook deze bepalen grotendeels de sfeer van je beeld. Zijn er geen wolken, neem dan weinig of geen lucht in je foto.

Al deze info is gemakkelijk vooraf te raadplegen. Het maakt dat je beter voorbereid kan fotograferen en al vooraf bepaalde beslissingen kan nemen en andere uitsluiten. Het bespaart je tijd ter plaatse en levert meer beelden op.

Bedenk echter dat aan zee het weer zich niet altijd laten dirigeren door een weerbericht. Ik raad je dus aan toch te komen, zelfs als de voorspellingen niet gunstig lijken. Je zal vaak verrast staan hoe het toch nog meevalt.

Marc De Schuyter strandfotografie
f/8, 1/160, ISO 200, 38 mm Zwinstrand. Een sterk aflandige wind blaast schuim van de toppen van de golven.

Wat neem je mee?

Er zijn enkele praktische zaken die niet in je materiaal mogen ontbreken. Camera en objectieven uiteraard, maar hierover later meer. Een stevig statief is onontbeerlijk, liefst een model met draaisluitingen. Dat laatste houdt beter het zand en zeewater tegen dan modellen met  schroef-of klemkoppeling. Want reken maar dat zeewater agressief is voor je materiaal. De meeste statieven zijn heden van carbon, dus dat zit wel goed. Een aluminium model ondervindt vroeg of laat last van corrosie.

Daar je soms dicht op de branding zal fotograferen kan een of meer poten van je statief wegzakken in het zand – het zal je maar overkomen tijdens een belichting. Plaats daarom onder elke poot een cd-schijfje en je statief blijft stabiel!

Een regenhoes voor je camera en objectief zijn uitermate handig om opspattend zeewater tegen te houden. Ze houden het zaakje ook droog bij regen. En houd altijd een zeemvel en een microvezeldoekje bij de hand voor als je even iets wil afvegen. Let daarbij wel op met zandkorreltjes op glas!

Breng altijd een grote vuilniszak mee, die is uitermate handig om even je rugzak op een nat strand te zetten. Denk ten slotte ook aan je persoonlijk comfort: draag aangepaste (regen)kledij en laarzen.

Zon en licht

Er is altijd een maximum aan licht op het strand. Niets blokkeert immers de zon, op wolken na, natuurlijk. Ook hier geldt dat de beste momenten om te fotograferen tijdens het gouden en het blauwe uurtje zijn. De vroege momenten voor zonsopkomst kunnen zeer mooi zacht licht opleveren.

Marc De Schuyter strandfotografie
f/16, 15, ISO 100, 17 mm met 0,6ND hard grijsverloop (panorama van twee beelden) Oostduinkerke lang na zonsondergang. Er is nog steeds gloed in de lucht te zien.

Pak na zonsondergang je materiaal niet direct in. Soms komt na een kwartiertje of iets langer een gloed tevoorschijn die echt mooie, speciale beelden oplevert. Vooral in de zomer kan je blijven doorgaan tot het werkelijk pikdonker is. Natuurlijk worden de belichtingstijden dan dermate lang tot het niet meer praktisch is. Maar moderne sensoren zijn steeds beter geschikt om de gevoeligheid flink op te krikken.

Marc De Schuyter strandfotografie
f9.1, 1/4, ISO 100, 48 mm (blend van twee belichtingen) Een ingetogen decemberzonsondergang. De maan wordt zichtbaar vanuit een wolkenband.

De Belgische kust heeft een oriëntatie naar noordwest. Daarom zal de zonsondergang nooit pal voor ons plaatsvinden maar altijd iets meer naar links, als je je gezicht naar de zee richt. De exacte positie is afhankelijk van het seizoen. In de zomer schuift de zon al een groot stuk in zee, alvorens onder te gaan. Net het tegengestelde gebeurt in de wintermaanden. Vaak gaat de zon dan al onder terwijl ze nog boven land hangt. Je kunt dit controleren op The Photographer’s Ephemeris.

Meelicht of frontaal licht bij een zonsopkomst kan een uitermate zacht licht op de wolken werpen. De kleuren worden daarbij door het water weerspiegeld. Je kan uiteraard ook richting zonsopgang fotograferen, maar dan komen de duinen in beeld. De vaak prachtige kleuren van een zonsondergang boven zee behoren nog steeds tot de meest gefotografeerde onderwerpen.

Marc De Schuyter strandfotografie
f/10, 1/10, ISO 400, 145 mm met 0,6ND hard grijsverloopfilter Storm op zee en strand. Onweerswolken schuiven binnen op een leeg strand en zee.

Het harde licht van overdag wordt meestal niet gesmaakt in de landschapsfotografie. Denk echter eens aan zwart-wit, dan is dat harde licht plots wel nog van tel. Strandfotografie kan natuurlijk bij mooi lekker weer, maar die echte treffers schiet je enkel bij die weersomstandigheden waar iedereen liever vanuit de luie zetel toekijkt.

Objectieven

De weidsheid van het strand en de zee nodigen uit om de groothoek op de camera te zetten en terecht! En wie groothoek zegt, zegt voorgrond. Ga op zoek naar lijnen, curven en patronen op het strand. Ook plantjes, een getijdepoeltje, schelpen of enkele rotsen zijn allemaal mogelijkheden. Fotografeer met een lekker laag standpunt, zo accentueer je ze nog meer. Daarachter komt het middenplan dat kan bestaan uit de zee, en als achtergrond een schitterend wolkendek – een typisch groothoekbeeld. Ook het stuifzand op het strand bij hevige wind leent zicht uitermate om met een laag standpunt te fotograferen. Opgelet dat je materiaal en jezelf niet gezandstraald worden!

Marc De Schuyter strandfotografie
f/11, 0,4, ISO 200, 24 mm met 0,75 ND soft grijsverloopfilter Eerste licht op een zeeraket en het strand bij Schipgatduinen.

Een goed uitgangspunt voor de brandpuntsafstand is 24 mm (bij fullframe). Beperk je echter niet tot korte brandpunten. Met een standaard- of een teleobjectief treed je in detail en kun je ongewilde zaken uit het beeld houden. Zijn er geen mooie wolken, weer dan de lucht uit je beeld en concentreer je op details op het strand. En uiteraard kan je ook altijd abstracte beelden maken, zelfs met een macrolens kan je nog aan de slag.

In principe kan je met elk objectief fotograferen bij zeelandschappen. Een zoom zal wel een groter gebruiksgemak bieden dan een vast brandpunt. Het komt regelmatig voor: heb je net een standpunt ingenomen en alles opgesteld, zie je een storend hoekje. Bij een zoom volstaat het dan om iets in te zoomen, met een vaste lens moet je een nieuw standpunt innemen.

Vergeet zeker je zonnekap niet. Die is niet enkel goed tegen strooilicht, maar biedt ook bescherming tegen het altijd aanwezige vocht en zand.
Systeem of spiegelreflex, elke camera is in principe geschikt voor strandfotografie. Fotografeer manueel of met diafragmavoorkeuze zodat je de  optimale controle houdt over de instellingen. Dat je bovendien enkel in RAW werkt, staat buiten kijf.

Marc De Schuyter strandfotografie
f/11, 1/250, ISO 200, 400 mm Op dit voorjaarsstrand is het lekker koud met enkel meeuwen als bezoekers. Genomen vanop een duintop.

Besteedt aandacht aan de horizon. Leg deze niet steevast in het midden maar varieer, naargelang waar je de aandacht wil op vestigen. Zorg er eveneens voor dat deze recht ligt. Een veelgehoorde uitspraak bij het zondigen tegen deze laatste regel is “de zee loopt leeg”. Daar groothoeken vooral bij het omhoog of omlaag richten vervorming kunnen geven, zal je in sommige gevallen dit bij de nabewerking moeten corrigeren.

Varieer in je standpunten, zoek duintoppen op voor overzichten of steek je lens in een rollende golf. Bekijk de beelden bij dit artikel voor het gebruik van verschillende brandpuntsafstanden.

Belichten

Zand kan net als sneeuw een invloed uitoefenen op de lichtmeter van je camera. Een weinig compensatie en dus langer belichten is de boodschap. De richting van het licht en ook hoe nat het zand is, zijn allemaal van invloed hoe de voorgrond de belichting beïnvloedt.

Meer nog dan het zand zal de lucht een grote invloed uitoefenen op de belichting. Van nature is deze helderder, en zal ze snel alle aandacht van de belichtingsmeter in je camera opeisen. Het gevolg: de zee en voorgrond in het beeld worden te donker weergegeven. Een mogelijke oplossing is het gebruik van verloopfilters. Kort uitgelegd bestaat een verloopfilter uit een helder en een donkerder gedeelte met een geleidelijke overgang. We plaatsen het donkerder gedeelte natuurlijk ter hoogte van de lucht en laten de overgang samenvallen met de horizon. Daar deze aan zee altijd scherp afgelijnd is, kan de overgang tussen licht en donker zeer kort zijn. We spreken in dat geval van een harde-verloopfilter. Het donkerdere gedeelte is weer in gradaties te verkrijgen, waarvan 2 en 3 stops de meeste toepassing vinden.

Zo’n filter helpt je enorm om de belichting meer in balans te brengen. Deze filters zijn ook als kleurfilter te krijgen. Maar die zijn mijns inziens eerder spielerei, enkel de grijsverloopfilters zijn het enige serieuze alternatief.

Niet iedereen houdt van verloopfilters; je kunt ook een belichtingstrapje maken en deze in de nabewerking samenvoegen. Dit is echter omslachtiger en minder geschikt als je ook bewegende elementen in beeld wilt. Denk maar aan wolken of golfslag.

Polafilters zijn ideaal om allerlei hinderlijke reflecties te onderdrukken en een boost aan de verzadiging van de kleuren te geven. Ze vertragen de sluitertijd bovendien met minstens anderhalve stop. Ze zijn ideaal om de beweging van bijvoorbeeld de golven of wolken te vervagen. Het resultaat is zachtere, rustige beelden.

Marc De Schuyter strandfotografie
f/8, 30s, ISO 200, 16-35mm bij 19mm met 0,9ND hard grijsverloop en big stopper Lange belichting nabij Audresselles: het laatste licht zorgt voor enkele accenten. Storm op zee en strand. Onweerswolken schuiven binnen op een leeg strand en zee.

Dit brengt ons naadloos bij een ander filter dat we kunnen gebruiken om langere belichtingen te bekomen: het grijsfilter. Variërend in sterkte van één tot wel 15 stops houdt zo’n filter een hoeveelheid licht tegen, zodat lange en extreem lange belichtingstijden mogelijk worden. Waarom zou je dit doen? Elke beweging in beeld wordt op deze manier volledig afgezwakt. Een woeste zee wordt als melk weergeven met alle gradaties tussenin. Ook bewegingen van wolken zien we hiermee als zachte kleuren strepen. Het is een effect dat flink ingeburgerd is geraakt. Als je de kans hebt, probeer altijd met en zonder een filter. Het effect lukt niet altijd en soms zijn tijden tussen 0,5 en 1 seconde al voldoende om een mooi effect te creëren.

Net als bij andere vormen van landschapsfotografie kan je ook een combinatie van een filters inzetten, zoals een polafilter met een grijsverloopfilter, eventueel aangevuld met een extra grijsfilter. Tip: heb je aan een grijsfilter van 2 of 3 stops voldoende, schuif dan je verloopfilter ver genoeg door tot het donker gedeelte gans je beeld vult. Je hebt dan geen extra filter nodig.

Er bestaan ook varianten van grijsfilters die traploos instelbaar zijn. In wezen zijn dit 2 polafilters die tegenover elkaar verdraaid worden en zo gradueel verdonkeren. Deze werken niet altijd goed, zeker niet naarmate het brandpunt kleiner wordt.

Formaat maakt het beeld

De beeldverhouding heeft een grote impact op het uiteindelijke beeld. De kleinbeeldcamera’s geven allemaal een verhouding van 2:3. De meeste compactcamera’s bieden 4:3. Het 2:3-formaat is als landschapsbeeld te gebruiken, maar soms kan je een krachtiger effect bekomen door hiervan af te wijken. Een 16:9-uitsnede is meteen al een stap in de richting van een weidser beeld, wat we nu net willen weergeven aan zee. Let op met teveel groothoek zodat de beeldelementen zo klein worden dat ze letterlijk in het water vallen. Het effect mist dan zijn doel.

Marc De Schuyter strandfotografie
f/16, 1/40, ISO 100, 17 mm met 0,6ND soft grijsverloop (opgebouwd met drie horizontale beelden) Panorama van bevroren strand. Sneeuw is zeldzaam aan zee.

Een andere manier om weidse beelden te maken is het fotograferen van panorama’s. Beelden met verhoudingen van 6:17 (een populair formaat in analoge tijden) of alles met verhouding van meer dan 1:2 geven aan de toeschouwer dat weidse gevoel dat je nu eenmaal aan zee kan beleven.

Marc De Schuyter strandfotografie
f/8, 1s, ISO 200, 22 mm met 0,6ND hard grijsverloop. Dune du Perroquet in pink. Kleuren bij zonsopgang, een verticale uitsnede in het 4:5-formaat.

Daar panorama’s uit meerdere beelden bestaan, creëer je een foto met zeer hoge resolutie en met een buitengewone weergave van details. Daarvoor zou je anders een veel duurdere camera moeten aanwenden. Bovendien benadert een panorama meer de natuurlijke manier waarop we naar een landschap kijken. Tip: stel een panorama altijd samen uit verticale beelden. Zo voorkom je een te lang beeld, zoals een sigaar.
Vergeet zeker niet het verticale beeldformaat, dat is perfect om een detail op de voorgrond te accentueren. Vind je het 2:3-formaat te extreem voor verticaal? Zwak het af naar een 4:5 verhouding. Toeval of niet, ook dat is een formaat uit de vroegere analoge fotografie. 

Handige praktijktips

Hierbij nog enkele praktische zaken die je weliswaar geen betere beelden zullen opleveren, maar je toch meer comfort bieden tijdens het fotograferen.

  • Met een L-bracket wijzig je snel van horizontaal naar verticaal formaat.
  • Fotografeer je laag bij het strand en heeft je camera geen kantelbaar scherm? Zet een hoekzoeker op je camera, zo voorkom je rugklachten.
  • Een waterpasje in je statief ingebouwd laat je snel de zaak pas zetten. Dit is van groot belang als je panorama’s maakt en de horizon recht wilt houden.
  • Gebruik ook altijd een zelfontspanner of fotografeer met de ontspanknop ingesteld op minstens 2 seconde vertraging om ongewilde bewegingsonscherpte te voorkomen.
  • Zand is dodelijk voor je materiaal. Hoe goed je ook alles afschermt, het kruipt overal in. Bovendien kan de soms hoge luchtvochtigheid in combinatie met zout nadelige gevolgen hebben. Enkele zakjes met silicagelkorrels in je rugzak kunnen een vochtprobleem voorkomen.
  • Reinig altijd je objectieven, camera en tas na een shoot. Even de poten van je statief van tijd tot tijd uit elkaar halen om te reinigen is eveneens een goed idee om de levensduur ervan te verlengen.
  • Mijn laatste advies: oefening baart kunst. Kom dus regelmatig terug naar dezelfde gebieden.

Dit artikel werd geschreven door natuurfotograaf Marc De Schuyter. Meer foto’s van Marc kan je vinden op www.mds-natuurfotograaf.be of hier op de Shoot website, zoals dit artikel over fotograferen in het bos met bomen als onderwerp.



Wil je beter leren fotograferen?

Neem dan een abonnement op Shoot Magazine (8x per jaar).

Shoot is hét fotografiemagazine voor en door enthousiaste fotografen. In Shoot vind je de beste tips en trucs, workshops en cursussen voor geslaagde foto’s, de knapste fotoplekjes in België, de helderste uitleg over fotografietechnieken, tests van nieuwe camera’s, lenzen en meer, plus foto’s van de beste Belgische fotografen.


LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in