Foto's in de sneeuw
02 december 2010 | Erik DeryckeFotograferen in de sneeuw is niet altijd even eenvoudig. Verse sneeuw is extreem wit. Het zou fijn zijn als ze er op je beelden even stralend uitzien.
Maar als je je camera instelt op automatische belichting, en je in je beeld hoofdzakelijk witte vlakken hebt, hebt zal je toestel die overdaad aan licht compenseren. Daardoor worden de witte vlakken op je foto – de sneeuw dus – lelijk grijs. Dat willen we niet, dus moeten we ingrijpen.
Sommige camera's hebben een speciale preset voor dergelijke situatie, en die heet dan 'strand' of 'sneeuw'. Die kan wonderen doen. Heeft je camera die preset niet, dan ga je als volgt te werk.
Instellingen aanpassen
De truc heet belichtingscompensatie. Je stelt die in via een knopje (met plus/min-symbool) of via het cameramenu. Als je positieve belichtingscompensatie kiest, weet dat camera dat hij meer licht mag toelaten.
Voor een zonnige sneeuwdag stel je de belichtingscompensatie in op +2. De camera zal dan viermaal zoveel licht toelaten dan bij automatische lichtmeting, met als gevolg dat de sneeuw er nu stralend wit uitziet.
Bevat je landschap naast de sneeuw ook donkere delen, zoals bomen en rotsen, dan is het raadzamer om de belichtingscompensatie op +1 in te stellen. Ook bij een grijze lucht kan +1 voldoende compensatie zijn. Je kan je opname op het lcd-schermpje van je camera gebruiken en de histogramfunctie gebruiken om te zien of de belichting goed zit.
Vergeet niet de belichtingscompensatie terug op nul te zetten of uit te schakelen als je de sneeuw verlaat, want anders zullen al je opnamen vanaf dat moment overbelicht zijn.
Voor de witbalans doen de meeste toestellen het erg goed in de automatische modus in de sneeuw. Als de zon schijnt kan je evengoed de witbalans instellen voor zonnig weer en als het bewolkt is die voor bewolkt weer. Wanneer je in schaduwpartijen fotografeert zal je merken dat alles erg blauw wordt wanneer je de automatische witbalans gebruikt. Stel de witbalans dan in voor schaduw.


