Deze website maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie over de cookies waarvan deze website gebruik maakt klik hier. Door verder op deze website te surfen geeft u de toestemming aan Minoc Data Services om cookies te gebruiken.

Meer licht uit je flitser: de Photoshop-truc

In een vorig artikel vertelden we hoe je meer licht uit een flitser haalt. Nu verklappen we een aantal technieken die je – al dan niet in combinatie met een zorgvuldige planning tijdens het shooten zelf – kan gebruiken tijdens de nabewerking.
In het eerste artikel zag je al dat je door een boom-statief te gebruiken, je licht dichter bij je onderwerp kan krijgen zodat je de effectieve lichtopbrengst ervan verhoogt. Meestal vraag ik aan mijn assistent om het dichterbij te brengen, terwijl ik door de zoeker kijk. Wanneer het licht eindelijk in beeld verschijnt, vraag ik aan diezelfde assistent om een stapje terug te zetten. Zo verzeker ik me van een maximale lichtopbrengst. Maar… wat als dat nog steeds niet genoeg is, zelfs wanneer de flitser op volle kracht staat? In dat geval kan je doelbewust je flitser in beeld laten komen om hem er daarna met software terug uit te halen. Hoe makkelijk dat gaat (en hoeveel voorbereiding je ervoor nodig hebt), hangt af van je achtergrond.

De eenvoudigste optie

Wanneer je lichtbron een uniform deel van je achtergrond bedekt, zoals bijvoorbeeld de lucht, dan kan je dat meestal makkelijk wegretoucheren met het Retoucheerpenseel in Lightroom of Adobe Camera Raw. Sedert Lightroom 5 kan je daarmee namelijk niet alleen cirkeltjes, maar ook willekeurige vormen opknappen. Lukt het daar niet, dan brengt Photoshop quasi zeker soelaas: in dat geval selecteer je de te verwijderen lichtomvormer, bijvoorbeeld met het lasso-gereedschap. Die selectie moet zeker niet precies zijn, integendeel, je laat best rondom een rand van een paar pixels. Dan kies je Bewerken > Vullen > Inhoud behouden en Photoshop zal (meestal) met bewonderenswaardige nauwkeurigheid het obstakel vervangen door wat er normaal had moeten staan.

De softbox werd ruw geselecteerd. Daarna koos ik voor Bewerken > Vullen > Inhoud behouden.

 

Soms doet Vullen met behoud van inhoud niet helemaal wat je ervan verwacht. In zo’n geval kan je het overblijvende probleemgebied opnieuw selecteren en nog eens Vullen met behoud van inhoud toepassen.

 

Het beeld na de finale colour grading.

 

De zekere manier

De zonet beschreven methode werkt vaak, maar niet altijd. Zeker wanneer je een drukke, minder uniforme achtergrond hebt en/of het deel van je foto dat door je licht bedekt wordt, relatief groot is, heeft Content-Aware Fill niet genoeg relevante informatie om zich op te baseren. In zo’n geval geldt dat voorkomen beter is dan genezen.
Deze techniek komt erop neer dat je twee foto’s maakt: eentje met je flitsers plompweg in beeld en dan een tweede foto waar je de flitsers (en het model) eenvoudigweg weghaalt. In Photoshop combineer je dan beide foto’s via een laagmasker (zie Shoot 43).
Zelf gebruik ik deze techniek steeds vaker. Ik ben namelijk een fan van twee moeilijk te verzoenen zaken: enerzijds werk ik graag met groothoekobjectieven (zoals je in de openingsfoto bij dit artikel kon zien) maar anderzijds gebruik ik graag zacht licht, wat je enkel kan bekomen door je lichtomvormers voldoende dicht in beeld te zetten.
Wanneer je deze techniek toepast, is het aangeraden om op statief te werken. Je selecteert dan in Lightroom je twee beelden en kiest Foto > Bewerken in > Openen als lagen in Photoshop. Naargelang de volgorde waarin de foto’s binnenkomen in de Photoshop laagstapel, zal je een wit of een zwart laagmasker toevoegen en dan met zwart of wit schilderen in dat laagmasker om de lichtstatieven onzichtbaar te maken.
Daarna kies je Bestand > Opslaan om de gelaagde foto terug naar Lightroom te sturen. Daar kan je hem dan verder creatief bewerken. Dat stel je immers beter uit tot na voltooiing van de montage. Stel dat je bv. de foto’s eerst zwart-wit maakte vooraleer ze naar Photoshop te sturen, dan zou je, indien je achteraf besluit dat je de foto toch liever in kleur wou hebben, de hele montage opnieuw moeten doen.
Alhoewel een statief aan te raden is, heb ik deze techniek ook al toegepast zonder statief… dat werd immers al gebruikt als lichtstatief… In zo’n geval komt het erop neer om aan een assistent te vragen om voor de tweede foto de lichten uit het frame te halen of je model dat te laten doen. In Photoshop selecteer je dan beide lagen en kies je Bewerken > Lagen automatisch uitlijnen.
Deze techniek heeft nog andere toepassingsmogelijkheden: zo kan je met één flitser ook meerdere onderwerpen fotograferen in even zoveel foto’s, waarbij die flitser ook weer in beeld mag komen. Of je kan hem – eerder bij stillevens – gebruiken om hetzelfde onderwerp van verschillende kanten te belichten in verschillende foto’s en die vervolgens samen te stellen tot een geheel dat lijkt alsof het met meerdere flitsers gemaakt werd.

Foto met flitsers in beeld.

 

Foto met identieke instellingen, gemaakt nadat de flitsers (en model Lana) uit beeld waren gehaald.

 

Beide foto’s werden via Lightoom naar Photoshop gestuurd via Bewerken > Openen als lagen in Photoshop. Ik voegde een laagmasker toe. Omdat ik op statief gewerkt had, hoefde ik de lagen niet uit te lijnen. Wanneer je geen statief hebt, houd je tijdens het fotograferen je camera zo stabiel mogelijk. In dat geval selecteer je in Photoshop beide lagen en kies je Bewerken > Lagen automatisch uitlijnen.