Deze website maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie over de cookies waarvan deze website gebruik maakt klik hier. Door verder op deze website te surfen geeft u de toestemming aan Minoc Media Services om cookies te gebruiken.

Fotograferen met led-licht

Steeds meer studiofotografen kiezen voor continuverlichting met ledlampen. Binnen dat ruime aanbod zijn er grote verschillen in prijs en mogelijkheden. In dit artikel schept fotograaf Tom Museeuw duidelijkheid op basis van zijn eigen ervaring.

Belichting met ledlampen (led staat voor light emitting diode) is een vorm van continulicht. In tegenstelling tot flitslicht, waarbij je een zeer krachtige maar ultrakorte lichtflits gebruikt om je onderwerp te belichten, straalt een continulichtbron doorlopend met dezelfde, door de fotograaf ingestelde intensiteit. Dat maakt het erg makkelijk om de sterkte, de plaatsing en de aard van het licht te beoordelen: wat je ziet is wat je krijgt. Continulicht sluit perfect aan bij mijn manier van werken: ik fotografeer hoofdzakelijk met natuurlijk daglicht, dat ik naar mijn hand zet met reflectiepanelen. Tijdens de wintermaanden, wanneer het te koud en te nat is om buiten te fotograferen, duik ik regelmatig de studio in.

Ik hou van flitslicht, maar ik zocht ook een nieuwe uitdaging in lichttechniek. Toen ik tijdens een samenwerking met de Engelse fotograaf Damien Lovegrove diens fresnel-ledspots van het merk Lupo kon testen, was ik meteen onder de indruk van de kwaliteit van het licht dat zo’n spot produceert. De fresnellens die op de spot zit is hetzelfde soort lens dat gebruikt wordt om het licht van een vuurtorenlamp te bundelen. Het zorgt voor hard licht. Dat was even wennen voor mij, omdat ik voor mijn commercieel werk als modefotograaf vooral zacht licht gebruik. Maar het spel met schaduwen en hooglichten en de zoektocht naar spannende contrasten haalde me uit mijn fotografische comfortzone, en dat voelde goed. Het was het begin van een zoektocht naar de meest geschikte ledlamp.

Een groot voordeel van ledspots is het zeer lage stroomverbruik in vergelijking met klassieke halogeenspots. Met een ledlamp van 50 watt bereik je volgens de claims van fabrikanten hetzelfde vermogen als met een halogeenlamp van 650 watt. De ervaring leert me dat het meer in de buurt van 500 watt komt, maar dat is nog altijd meer dan voldoende verschil. Bij het uitlichten van een portret in de studio zul je zelden het volle vermogen van een ledlamp van 50 watt gebruiken, omdat het licht dan veel te fel is voor je model. Ledlampen zijn makkelijk te dimmen, dus je kunt de intensiteit van het licht eenvoudig aanpassen.

Fresnelspots

De eerste ledlichtbron die ik kocht was een Lupo DayLED 650, een fresnelspot met een kleurtemperatuur van 5600 kelvin, uitgebalanceerd om daglicht te benaderen. Ondertussen is er ook een versie beschikbaar waarbij je de kleurtemperatuur vrij kunt instellen tussen 3200 en 5600 kelvin.

Het leuke aan het werken met een fresnelspot is dat deze beschikt over een concentrische lens. Door deze lens dichter of verder van de interne lamp te bewegen krijg je een ander lichtpatroon, van mooi verspreid licht tot een geconcentreerd puntlicht. Aan de hand van de kleppenset kun je het lichtpatroon wijzigen en precies bepalen waar het licht moet vallen. De kwaliteit van het licht dat een spot genereert is vrij hard; wil je gebruikmaken van iets zachter licht, dan kun je gemakkelijk met een klem of wat gaffertape een diffusor voor de lamp plaatsen. Mijn voorkeur gaat hierbij uit naar de E-colour+ White Diffusion (#216) van Rosco.

Voor dit portret van Romy heb ik één Lupoled-fresnelspot gebruikt. Deze stond rechts van de camera. Het harde licht van de spot zorgt voor een duidelijke schaduwlijn onder de neus en de kin.

 

Een fresnel-ledspot is wel meteen een hele investering: de Lupo DayLED 650 heeft een richtprijs van 950 euro en de Dual Color-versie (met instelbare kleurtemperatuur) kost 150 euro extra. Er is een goedkoper alternatief op de markt: de Ledgo D600 (richtprijs 659 euro). Deze 60 watt-ledspot beschikt over een fresnellens, kan traploos worden gedimd en is in gebruik vergelijkbaar met de spots van Lupo. Bovendien kun je met een apart aan te schaffen adapter ook lichtvormers met de Bowens S-vatting op de spot plaatsen. Ook de Aputure Light Storm COB120 (richtprijs 800 euro) is het overwegen waard. Deze heeft standaard geen ingebouwde fresnellens, maar via de Bowens S-vatting kun je het Aputure-fresnelaccessoire aankoppelen of diverse Bowens S-type-lichtvormers gebruiken. Deze koppeling zit standaard op de spot.

De drie ledspots die ik besproken heb, kun je voeden via het stopcontact, maar ook via een V-mountbatterij. Dat is best handig als je de spots wilt gebruiken op locaties waar je geen stroom hebt. In combinatie met deze grote en krachtige ledspots gebruik ik ook graag een compact fresnelspotje, de Ledgo 24F (richtprijs 189 euro). Dit spotje gebruik ik als invul- of tegenlicht. Met de fresnellens en de kleppenset kun je precies bepalen waar je een beetje extra licht wil aanbrengen.

Bij dit portret van Mathilde heb ik de Ledgo D600-fresnelspot hoger geplaatst dan bij het portret van Romy. Nu is er geen slagschaduw van het model meer op de achtergrond. Wel zie je duidelijk dat er een schaduw ontstaat in de ogen.

 

Ledpanelen

Na een hele tijd te hebben geëxperimenteerd met ledspots stortte ik me op een heel ander soort ledlicht: panelen die zijn gevuld met tientallen tot honderden individuele ledlampjes. Het licht dat je met zo’n paneel krijgt is veel zachter en diffuser dan dat van een ledspot. Mijn zoektocht begon op eBay en Amazon, daar kun je letterlijk duizenden aanbieders van ledpanelen vinden. Het gros daarvan zijn relatief kleine panelen die op de flitsschoen van een camera passen en bedoeld zijn als invullicht voor tijdens het filmen. Via een kleine adapter kun je ze ook op een lampstatief plaatsen.

Ik was benieuwd of deze piepkleine lichtbronnen zouden voldoen aan mijn eisen. Ze hebben een gemiddelde prijs van 30 tot 50 euro, dus ik bestelde er een aantal voor een test. Al snel werd me duidelijk dat de meeste van die panelen veel te weinig licht produceren voor fotografie. Ook de bouwkwaliteit is bij de meeste van die goedkope panelen onder de maat. En ik ontdekte dat de kleurconsistentie te wensen overlaat. Bij panelen die volgens de fabrikant gebalanceerd zijn voor daglicht (5600 K) is het licht te blauw of te groen. Bij de panelen waarbij je de intensiteit kunt regelen zag ik heel duidelijk dat bij het instellen van een lager vermogen ook de kleurtemperatuur verandert. Deze kleine panelen zijn dus niet bruikbaar in mijn portretfotografie.

Toch was er een zeer compact paneeltje dat er wel uitsprong: de Aputure Amaran AL-M9 (richtprijs 60 euro). Het weegt slechts 140 gram, inclusief de ingebouwde oplaadbare batterij. Het paneel kan worden gedimd in negen stappen, zonder dat er verschil in kleurtemperatuur optreedt. De bouwkwaliteit is verrassend goed en ondanks het kleine formaat komt er toch voldoende licht uit om een model te belichten voor een portret.

Voor dit portret van Lennert heb ik twee Aputure Amaran AL-M9-ledpaneeltjes gebruikt. Met een flitsschoenkoppeling heb ik ze op mijn lampstatieven geplaatst. In de achtergrond zie je het tegenlicht van de kleine Ledgo 24F-fresnelspot.

 

Grotere ledpanelen

Voor portretten waarvoor ik zacht en diffuus licht wil, ging ik op zoek naar grotere ledpanelen. Deze plaats ik dicht bij het model, waardoor ik een heel egale belichting krijg. Ook hiervoor heb ik een hele zoektocht achter de rug. Mijn huidige favoriet is de Ledgo 600WCS (richtprijs 339 euro). Dit bi-colorpaneel bestaat uit 600 individuele ledlampjes die door een meegeleverde diffusor voor een mooie spreiding van het licht zorgen. Het voordeel is dat het vermogen traploos instelbaar is, zodat ik precies de intensiteit kan instellen die ik wil. De panelen werken op netstroom, maar ik gebruik ze ook vaak op locatie met een V-mountbatterij die je op de achterzijde van de behuizing kunt klikken. Zo ben ik niet afhankelijk van een stopcontact.

Voor dit serene portret van Violette heb ik het Ledgo 600WCS-paneel zeer dicht boven het gezicht van het model geplaatst. Hierdoor krijg je een mooi zacht effect dat vergelijkbaar is met dat van een softbox.

 

Deze Ledgo-panelen hebben de beste prijs-kwaliteitverhouding van alle grotere panelen die ik getest heb. In een iets lagere prijscategorie kun je ook de panelen van Linkstar en Falcon Eyes overwegen. Heb je een groter budget en zoek je een paneel met een robuuste behuizing, dan zijn de panelen van Rotolight (Anova Pro / AEOS), Lupolux (Superpanels / Lupoled) en de Ledgo TM1440 zeker de moeite waard om te bekijken.

Met behulp van een groot softlightpaneel (in dit geval de Ledgo TM1440) creëer je licht dat vergelijkbaar is met natuurlijk raamlicht. Doordat Luna relatief dicht bij de achtergrond zit, is er nog detail zichtbaar in de achtergrond.

 

In een tweede artikel zet ik mijn aankooptips op een rijtje.

Wil je bijleren over ledlicht en continulicht, hou dan zeker mijn workshopkalender in de gaten.