Deze website maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie over de cookies waarvan deze website gebruik maakt klik hier. Door verder op deze website te surfen geeft u de toestemming aan Minoc Data Services om cookies te gebruiken.

Flitsen in de kerk

Tips voor een trouwerij

Flitsen in de kerk

Kerken zijn doorgaans vrij groot zijn en er valt weinig natuurlijk licht binnen. Hoe ga je als huwelijksfotograaf te werk bij een trouwerij?

Ik kom altijd vóór het bruidspaar aan in de kerk. Dat geeft me de gelegenheid om eerst de belichting in de kerk uit te werken.

Je moet het dus doorgaans doen met een vrij kleine hoeveelheid natuurlijk licht, dat vaak nog vermengd wordt met halogeenspotjes of in het slechtste geval tl-lampen. Dergelijke lampen geven een koude en vuile kleur, wat niet flatterend is voor huidtinten.

Daarom werk ik vaak met flitslicht. Maar flitsen met de opzetflitser op het toestel is meestal geen goed idee. Het creëert schaduwen achter de personen, het kan niet overweg met beelden waarin veel diepte zit (nabije personen zijn overbelicht, verre personen zijn onderbelicht) en het geeft vaak een heel plat, dimensieloos en bovendien koud gevoel in de foto. Niet echt gewenst in een trouwreportage.

De flitser indirect gebruiken – door hem naar het plafond of naar een muur te richten waartegen je het licht laat reflecteren of bouncen – is evenmin een oplossing. De afstand tussen flitser en plafond is veel te groot in een kerk.

Twee flitsers op statief
De oplossing waar ik vaak voor kies is om twee flitsers op een statiefje aan beide zijden van het altaar – maar er goed ver van verwijderd – te plaatsen en rechtstreeks op het bruidspaar te richten. Door een hoge gevoeligheid te gebruiken, meestal ISO 1.600 tot 3.200, in combinatie met die flitsers krijg ik voldoende licht op het bruidspaar. De flitsers zijn voorzien van een kleurenfilter om het flitslicht wat warmer te maken.

Omdat de flitsers er zo ver vanaf staan, belichten ze ook mooi de eerste rijen achter het koppel, zodat ik die zonder veel problemen mee in beeld kan brengen.

Bovendien werk ik met een opzetflitser op het toestel, enerzijds om mijn twee flitsers aan te sturen (via een draadloos systeem) en anderzijds om voor detailshots of bij veranderende situaties – als iemand bijvoorbeeld voor mijn flitsers gaat staan – snel te kunnen overschakelen op de flitser op het toestel. Beter een foto met direct flitslicht dan geen foto.

Door op deze manier te werken kan ik bovendien alles wat ter hoogte van het altaar gebeurt mooi in beeld brengen. Ik heb namelijk de zoomkop op de flitser volledig uitgezoomd, waardoor het flitslicht in een brede straal wordt uitgestuurd. Dat komt van pas bij het ondertekenen van het register of wanneer ik beelden maak van de celebrant.
 



Voor het buitenkomen uit de kerk pas ik dezelfde truc toe als bij het aanbellen bij de bruid door de bruidegom. Ik doe er een lichtmeting, liefst van een neutraal en bekend onderwerp.

Mijn linkerhand dient daar uitstekend voor. Door het licht te meten op mijn hand op de positie waar ik het bruidspaar ga fotograferen, weet ik precies hoe ik mijn toestel moet instellen om een correct belicht bruidspaar te hebben. Het zwarte pak zal zwart zijn, de witte trouwjurk wit.


Dit artikel maakt deel uit van het dossier Een dag in het leven van de bruidsfotograaf.